Vredenburg

Waar nu kassen en een fruitboomgaard liggen, stond de vanaf 1647 de meest Palladiaanse villa van Nederland. Op de brug naar het naastgelegen Zuiderweg 68 staan hekpijlers met het opschrift Vredenburgh. Wat is er gebeurd?

De zuidoosthoek van de droogmakerij Beemster was vanwege zijn vruchtbare grond en bereikbaarheid (via trekvaart) vanuit Amsterdam bijzonder aantrekkelijk voor de stichting van buitenplaatsen. Vooral de Volgerweg was al snel ‘vol’ met buitenhuizen. De buitenplaatsen zoals gesticht in de zeventiende eeuw zijn inmiddels verdwenen, zo ook de grootste en indrukwekkendste daarvan: Vredenburg aan de Zuiderweg.

Achttiende-eeuws vooraanzicht van buiten Vredenburg. Collectie Noord-Hollands Archief, Provinciale Atlas.

Alewijn

De rijke koopman en architectuurliefhebber Frederik Alewijn erft in 1637 de grond aan de Zuiderweg. Hij laat de verkaveling veranderen in twee omgrachte percelen evenwijdig aan de Zuiderweg, een diep eiland aan de voorzijde en een ondieper deel daarachter. Alewijn vraagt Pieter Post en Philips Vingboons, twee vooraanstaande architecten, om ontwerpen voor de inrichting van het terrein en de bouw van het huis. Beiden maken in de jaren 1639 – 1642 een grote hoeveelheid tekeningen.

Vogelvluchtperspectief van van de hofstede Vredenburg, met tuinen en gracht. Omstreeks 1640

Vogelvluchtperspectief van van de hofstede Vredenburg, met tuinen en gracht. Omstreeks 1640. Collectie Noord-Hollands Archief.

Het ontwerp

De keus valt op een ontwerp van Pieter Post. Het is een ondiep hoofdhuis met aan weerzijden lagere hoekpaviljoens die door galerijen zijn verbonden met het huis. Het hoofdhuis heeft een rijke classicistische gevel met Korintische pilasters. Het naar voren springende middendeel wordt bekroond door een fronton. De architectuur van Vredenburg is gebaseerd op de architectuurtheorie van Vincenzo Scamozzi en vooral de villa’s van Andrea Palladio. Al bij voltooiing is het een uniek monument van de hoogste categorie.

Op het naastgelegen perceel aan de westzijde had de vader van Frederik al een hofstede gebouwd. Gaandeweg besluit Frederik daar enkele bijgebouwen en dienstwoningen bij te plaatsen. Het wordt een onderdeel van de buitenplaats Vredenburg met een eigen uitgang aan de weg, waar nu de betonnen hekpijlers met Vredenburgh staan.

Vredenburg anno 2012

Vredenburg anno 2012. Bron: Landschap Noord-Holland.

Tuin

Net als het huis ontwerpt Post de tuinen op basis van geometrische vormen en een strikt proportieschema. Er komen eikenplantages, een moes- en kruidentuin, boomgaard, groene hoekpaviljoens en een overdekte tuinbank. Voor en achter het huis worden siertuinen aangelegd, met ter weerzijden van de zuidelijke siertuin groene berceaus.

Aankomst

Komende vanuit Purmerend voert de reis naar het zeventiende-eeuwse Vredenburg over de Zuiderweg. Daar ziet men door de bomenrijen het huis al liggen. Wanneer men voorbij het huis is gereden geeft een brug en een monumentale poort toegang tot de met vijf rijen iepen beplante dijk langs de westgrens van het perceel. Halverwege het voorste eiland kan men naar links om de boerderij en dienstgebouwen op het naastgelegen perceel te bereiken, maar maakt bezoeker van het huis een haakse bocht naar rechts dan komt hij via een ophaalbrug op het centrale vierkante plein. Het hoofdhuis staat dan in een haakse hoek aan de linkerzijde van het plein en is gericht op het zuiden. Men benadert het huis dus niet van voren, maar overhoeks.

De aanleg van Vredenburg is gebaseerd op ideale maatschema’s en geometrische principes waarbij tuin, huis en interieur samenvallen in één systeem. Juist de Beemster met zijn orthogonale inrichting leent zich voor stichting van buitenplaatsen volgens die theoretische uitgangspunten, die worden gezien als afspiegeling van universele waarden. Ook de combinatie van een buitenhuis met een agrarisch productielandschap hoort bij dat ideaal.

Terrein van Vredenburg in 2012

Terrein van Vredenburg in 2012. Bron: Landschap Noord-Holland.

In de achttiende eeuw veranderen zowel de economische situatie in Nederland als de idealen en wensen ten aanzien van de inrichting en het gebruik van buitenplaatsen. Na de dood van nazaat Frederik Alewijn Frederikz. in 1817 wordt Vredenburg grotendeels gesloopt en de grond verkocht. In 1996 wordt ook het overgebleven westelijke hoekpaviljoen afgebroken. Sinds 1819 is er een tuinbouwbedrijf gevestigd en nog altijd kan de voorbijganger er het Beemsterfruit direct van de boer kopen.

Landschap Noord-Holland / Cultuur Compagnie

Literatuur:

  • Bertram, Christian. Noord-Hollands Arcadia. Ruim 400 Noord-Hollandse buitenplaatsen in tekeningen, prenten en kaarten uit de Provinciale Atlas Noord-Holland. Met een bijdrage van Erik A. de Jong. Alphen aan den Rijn: Canaletto, 2005, 353-354.
  • Jong, Erik de, Clemens Steenbergen en Peter de Zeeuw. ‘De Beemster. Een arena van natuur, kunst en techniek’, in: Lauwen, Toon [e.a.]. Nederland als kunstwerk(1995): 154-167. [Vredenburgh: een plantage als embleem: 163-167].
  • Terwen, J.J. en K.A. Ottenheym. Pieter Post (1608-1669) architect. Zutphen: Walburg Pers, 1993, 88-99, 222-223, 230-231.

Publicatiedatum: 30/04/2012

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.