Stadskinderen in Egmond aan Zee

Arie Cornelis Bos (1870-1934), onderwijzer aan de Openbare Lagere School te Egmond aan Zee, was zeer begaan met het lot van ziekelijke stadskinderen. In 1901 nam hij met A. Kerdijk uit Amsterdam en G.L. Zwartendijk uit Rotterdam het initiatief tot het Centraal Genootschap voor Kinderherstellings- en Vakantiekolonies.

Het Centraal Genootschap voor Kinderherstellings- en Vakantiekolonies kreeg in 1905 de beschikking over een huis in Egmond aan Zee. Hier konden de eerste bleekneusjes worden ondergebracht voor een verzorgde vakantieweek in een natuurrijke en gezonde omgeving. De belangstelling was overweldigend. Al snel moesten er meer onderkomens in Egmond aan Zee worden gezocht. De wens een eigen koloniehuis te realiseren werd hierdoor sterker. Het Genootschap kocht een terrein in het duingebied waarop zij een tehuis lieten bouwen naar een ontwerp van architect P.N. Leguit uit Alkmaar. Op 18 mei 1907 kon het eerste koloniehuis ‘Kerdijk’ worden geopend. Het bood ruimte aan 60 kinderen.

Koloniehuis Kerdijk interieur slaapzaal met meisjes, 1920. Beeld: Regionaal Archief Alkmaar

Koloniehuis Zwartendijk

De opening wakkerde de belangstelling voor dergelijke koloniehuizen nog meer aan. Ook de voormalige bar van het Kurhaus aan de Boulevard en locaties in Egmond aan de Hoef moesten worden afgehuurd. De aanhoudende vraag bracht het comité ‘Ter wille van het Kind’ ertoe gelden in te zamelen voor een tweede tehuis. De inzameling resulteerde in de bouw van het koloniehuis ‘Zwartendijk’ in Egmond aan Zee dat op 28 juli 1910 werd opgeleverd. Het telde 160 bedden. Met deze en andere vestigingen van katholieke en protestants-christelijke signatuur groeide Egmond in het begin van de twintigste eeuw uit tot de gemeente met de meeste kindertehuizen van Nederland. Decennia lang zou het met kinderkolonies worden geassocieerd.

Koloniehuis Zwartendijk in Egmond aan Zee.

Koloniehuis Zwartendijk in Egmond aan Zee. Bron: Regionaal Archief Alkmaar.

100.000ste kind: Diddy Leeseman

Op zaterdag 15 april 1935 kon de 13-jarige Diddy Leeseman uit Hilversum als het 100.000ste bleekneusje worden begroet. Onder een klaterend applaus van honderden jongens en meisjes, getooid met witte en groene strikken en wit-groene lintjes, werd zij in het koloniehuis Zwartendijk in het zonnetje gezet. Als cadeau ontving zij een zilveren lepel en vork. Volgens de krantenverslagen bedankte ze met flinke stem en stond zij onbevangen het Polygoonjournaal te woord.

Groep kinderen van koloniehuis Zwartendijk tijdens kringspel tussen golven, 1920. Beeld: Regionaal Archief Alkmaar

Activiteiten in de koloniehuizen

Aanvankelijk arriveerden de meeste kinderen per stoomtram op het station te Egmond aan Zee. Dat moet voor velen al een geweldige belevenis zijn geweest. Minder aangenaam waren de verplichte ontluizing en wasbeurt bij aankomst in het koloniehuis, maar verder stond hen een aantrekkelijk programma te wachten met veel ochtendgymnastiek, enkele uren les, fikse duinwandelingen, strandbezoek, gezond eten en veel rust. Er was zelfs een lighal ontworpen op het duinterrein van Zwartendijk om bij guur weer optimaal te kunnen profiteren van de buitenlucht. Op de woensdagen werden er brieven naar huis verzonden (waaruit onwelgevallige zaken en onvertogen woorden door de leiding waren verwijderd).

Gymnastiek op het terras van het koloniehuis.

Gymnastiek op het terras van het koloniehuis. Bron: Collectie Regionaal Archief Alkmaar.

Terug naar koloniehuis Kerdijk

Plezier en enthousiasme voerden de boventoon, maar er waren natuurlijk ook kinderen die gekweld door heimwee heftig naar huis verlangden. Zo wisten twee Amsterdamse jongens in 1939 aan de aandacht van de begeleidsters te ontsnappen en langs het strand in de richting van IJmuiden te trekken. Verder dan Wijk aan Zee kwamen ze niet. Daar werden zij door politieagenten in de kraag gevat en naar koloniehuis Kerdijk teruggebracht.

Koloniehuis Kerdijk interieur woonkamer met verpleegster die voorleest aan meisjes, 1960. Beeld: Regionaal Archief Alkmaar

Teloorgang kinderkolonie

Een halve eeuw lang floreerde de kinderkolonie. In de jaren vijftig en zestig tekende zich een ommekeer af. Kinderen die fysiek op peil werden gebracht maakten plaats voor patiëntjes die psychische en sociale zorg behoefden. Bovendien verschoven  zorg- en hulpverlening meer en meer naar de eigen omgeving, de school en het gezin. Aan koloniehuizen en herstellingsoorden was niet langer behoefte. In 1982 werd Kerdijk verbouwd tot appartementencomplex. Zwartendijk sloot datzelfde jaar de poorten om vanaf 1985 te dienen als gemeentehuis. Tegenwoordig zijn er in het majestueuze gebouw luxe appartementen gevestigd.

Auteur: Jan van Baar

Het originele verhaal is te lezen in de bundel ‘Ik was erbij’ deel 1.

Publicatiedatum: 10/03/2011