Limburgse militairen brachten patat naar Alkmaar

Vóór de Tweede Wereldoorlog was patates frites nog een onbekend verschijnsel in noordelijke streken. De patatkraam was aanvankelijk een kermisattractie die zich vanuit het zuiden geleidelijk over Nederland verspreidde. Alkmaar kwam tijdens de mobilisatie reeds in aanraking met het fenomeen patat.

Mobilisatie van zuidelijke patateters in Alkmaar

In oktober 1939, na de afkondiging van de algemene mobilisatie, waren honderden militairen van het Tweede Regiment Luchtdoelartillerie, de Marechaussee Vierde Divisie en andere legeronderdelen in de stad gelegerd. Onder de gemobiliseerde soldaten scholen talrijke Limburgers en Brabanders. De zuiderlingen waren gewoon af en toe een frietje te nuttigen, maar moesten tot hun ongenoegen constateren dat er in de hele stad geen patat te krijgen was. De heer Schotten van Visbakkerij Visjan aan de Platte Stenenbrug haakte hier handig op in, begon met het bakken van patat en maakte in een handomdraai Visjan tot een gevierd verkooppunt van zuidelijke frieten.

De eerste wagen van de gebroeders Blauw, 'Nova Zembla', stond aan de Bergerweg ter hoogte van de Bergerbrug, 1948.

De eerste wagen van de gebroeders Blauw, ‘Nova Zembla’, stond aan de Bergerweg ter hoogte van de Bergerbrug, 1948. Beeld: ‘Ik was erbij’, deel 1 (2008).

De kraam van Blauw

Na de oorlog ondervond Snackbar Visjan geduchte concurrentie van andere patatbakkers, van wie de gebroeders Blauw de bekendste waren. Zij exploiteerden de ijs- en patatwagen Nova Zembla die ter hoogte van de Bergerbrug stond opgesteld. Toen in maart 1956 hun vergunning voor de standplaats werd ingetrokken, kregen zij een nieuwe plek toegewezen voor het toenmalige consultatiebureau aan de Gasthuisstraat. Hier kreeg de firma Blauw de beschikking over een royale en moderne verkoopwagen met de nieuwste apparatuur.

De frituurwagen kwam echter schuin tegenover de ingang van het voormalige ROG-gebouw te staan waarin militairen waren gelegerd van de 425ste compagnie van het regiment Van Heutsz. De garnizoenscommandant luitenant-kolonel J. Postma was zeer ontstemd over de komst van de grote frituurwagen in de nabijheid van de kazerne. De militaire voertuigen, die geregeld van en naar het kazerneterrein reden, moesten zeer omzichtig manoeuvreren en brachten mogelijk het verkeer in gevaar. Maar zijn grootste zorg was dat grote delen van het garnizoen met een puntzakje friet bij de patatwagen bleven samenhokken.

Van kazerne naar Canadaplein

Omwille van het verkeer en het blazoen van het garnizoen verzocht groepscommandant Postma burgemeester Wytema de wagen een andere standplaats te geven. Zijn verzoek vond geen gehoor. Hierop vaardigde overste Postma een ongewone garnizoensorder uit waarin elke militair in uniform werd verboden zich bij de frituurwagen van Blauw op te houden. De wacht die bij de poort van het kazerneterrein stond opgesteld en goed zicht op de patatwagen had, kreeg de instructie elke overtreding te melden.

Twee jaren verstreken, de order bleef gehandhaafd en het verkeersprobleem onopgelost. In januari 1958 –  luttele maanden voor de laatste compagnie van het Van Heutsz-regiment uit Alkmaar zou vertrekken en de stad ophield garnizoensstad te zijn – werd dan eindelijk een oplossing gevonden: de frituurwagen verhuisde naar het Canadaplein.

De wagen uit 1948 werd aan de tijd aangepast: foto uit 1966.

De wagen uit 1948 werd aan de tijd aangepast: foto uit 1966. Zo zag de patatwagen van Blauw eruit op zijn vaste standplaats op het Canadaplein. Beeld: ‘Ik was erbij’, deel 1 (2008).

Een gouden periode op het Canadaplein

Hier op het Canadaplein beleefde de firma Blauw een gouden periode. De populariteit van patat was in deze jaren fors toegenomen en in de kleinste dorpen en verste uithoeken van de stad verrezen de meest wonderlijke patatkramen. Vaak afgedankte caravans met op het dak een smalle kachelpijp voor de afzuiging, een schamel interieur met veel plastic tafelzeil, een peertje van 60 watt en een tweepits gasstel met een rafelige gasslang die naar een butaanfles buiten de kraam leidde.

Vergeleken met deze patatcaravans was de kraam van Blauw een salon de friture. De firma Blauw onderscheidde zich in meerdere opzichten van andere buitenkramen. Het productieproces kon steeds live worden gadegeslagen. De zes leden tellende familie schilde, pitte en sneed de aardappels zelf tot reepjes en bakte de gesneden etenswaar in een geheim recept van ossenvet tot krokante patatjes. Voor fijnproevers gold een patatje Blauw als de lekkerste patat uit de wijde omtrek.

In februari 1974 moest de patates friteswagen met het golvende opschrift PATATES FRITES IJS MILKSHAKEBAR opnieuw van standplaats veranderen. Nu achtte de gemeente de patatwagen ontsierend voor het gezicht op de Grote Kerk. De wagen verhuisde naar de westelijke zijde van het Canadaplein.

De patates friteskraam van Blauw op de hoek Kerkplein/Canadaplein wordt afgebroken, 1982.

De patates friteskraam van Blauw op de hoek Kerkplein/Canadaplein wordt afgebroken, 1982. Beeld: Regionaal Archief Alkmaar, foto B. Ulrich.

Weigering winkelpand

Weer vijf jaar later, op 19 augustus 1979, werd de wagen van Jan Blauw naar het Kerkplein versleept wegens sloopwerkzaamheden van het nabijgelegen hotel De Vriendschap. Toen het bestemmingsplan ‘Grote Kerk en omgeving’ in werking trad moest de patatwagen van Blauw definitief wijken. Blauw werd nog een winkelpand aangeboden, maar de familie ging hier niet op in. In oktober 1982 verdween een vertrouwd beeld uit de Alkmaarse binnenstad. Blauw staat sindsdien te boek als de meeste befaamde patatbakker die Alkmaar ooit gekend heeft.

 

Auteur: Jan van Baar

 

Publicatiedatum: 11/08/2011

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.