Kennismaking met Den Helder

  Terug naar Holland, terug naar Den Helder Ik was weliswaar in Den Helder geboren, maar toen ik drie maanden was, vertrok ons gezin naar Indië, waar mijn vader werkte. Door allerlei omstandigheden, maar voornamelijk door de Tweede Wereldoorlog, waren de vier jaren die mijn vader uitgezonden zou worden er elf geworden. Mijn jeugdjaren heb […]

 

Kaart van Den Helder en Huisduinen

Kaart van Den Helder en Huisduinen Inventarisnummer: NL-HlmNHA_560_0854_G. Uitgever: V.V.V. Helders Belang (De Boer). Beeld: Noord-Hollands Archief, Collectie Provinciale Atlas.

Terug naar Holland, terug naar Den Helder

Ik was weliswaar in Den Helder geboren, maar toen ik drie maanden was, vertrok ons gezin naar Indië, waar mijn vader werkte. Door allerlei omstandigheden, maar voornamelijk door de Tweede Wereldoorlog, waren de vier jaren die mijn vader uitgezonden zou worden er elf geworden. Mijn jeugdjaren heb ik dus in de ‘Oost’ doorgebracht. Na de bevrijding zijn we vanuit Bangkok vertrokken met bestemming Nieuwediep.

Terug naar Holland, terug naar Den Helder. Aan een ieder die het maar horen wilde aan boord, vertelde ik dat we met de Nieuw Holland (het troepentransportschip) naar Nieuwediep, naar de Nieuwstraat, naar de familie Nieuwkamp gingen en eigenlijk een nieuw leven tegemoet.

De nieuwsgierige chauffeur

Op 23 mei 1946 kwamen we in Amsterdam aan, vanwaar we met bussen naar Doorn werden vervoerd. Daar werden we, mijn vader, moeder, zusje en ik, plus een Siamese kat met een heuse knoop in zijn staart en een rijstvogeltje dat we al in het begin van onze kampjaren bij ons hadden, verwelkomd en in een open jeep naar Den Helder gebracht.

De chauffeur, die erg benieuwd was naar onze wederwaardigheden, vroeg honderduit en keek telkens achterom naar mijn moeder, die op een gegeven moment de opmerking maakte: “Gôh man, kijk alsjeblieft voor je, nu zijn we goed die jaren doorgekomen, maar straks liggen we hier in het Noordhollandsch Kanaal.”

Ontroerend weerzien

Om 11 uur kwamen we luid toeterend in de Nieuwstraat aan, waar oma en opa woonden. Het was oma’s verjaardag en de hele familie was nog aanwezig. Een groter cadeau konden we oma niet geven om na elf jaar afwezigheid zomaar ineens voor haar in de kamer te staan. Ik gaf haar een handje en zei beleefd : “Dag mevrouw.” Oma sloot me in haar armen en knuffelde me uitgebreid. Het was een ontroerend weerzien voor ons allemaal. Toen we een hele tijd later naar bed gebracht werden, mochten we in oma’s bed slapen. Na jaren op de planken geslapen te hebben, voelde dat aan als louter dons. We vielen al gauw in diepe slaap, waaruit ik ’s morgens ontwaakte door geroep van buiten.

De eerste dag in Den Helder

Ik schoof de gordijnen opzij en zag een man een kar voortduwen al roepend: “Hokie-pokie, hokie-pokie.” Hij had een lange donkere jas aan en een grote donkere hoed op. Ik vond het een beetje eng. Later hoorde ik dat het Meindert Mastemaker de visboer was, die riep: “Om te koken, om te koken!” Na een heerlijk ontbijt met eitjes van opa’s eigen kippetjes, zei oma : “Ga maar even naar buiten, een beetje de boel verkennen.”

Het was een stralende dag en mijn zusje en ik liepen de Nieuwstraat uit, richting Bassingracht. Daar aangekomen zagen we het water met de groene wallenkant en o, wat een wonder: in het gras stonden prachtige, helgele bloemetjes. We stonden er verwonderd naar te kijken en we zeiden tegen elkaar: “Gauw plukken, voordat andere mensen het ook gaan doen.” Met onze armen vol kwamen we opgetogen terug en boden oma verrukt de bloemen aan. “Kijk eens wat mooi, die groeien zomaar langs de kant, zet U ze maar gauw in een vaasje.” Oma glimlachte erom en opa zei: “O, geef maar hier.” En terwijl wij beteuterd stonden te kijken, gooide hij de paardenbloemen in het kippenhok.

’s Middags kregen we als troost een ijsje van Laan die door de straat kwam venten, lekker geel vanille-ijs met harde stukjes ijs er in. Zo verliep onze eerste dag in Den Helder en gelukkig zijn we er voorgoed gebleven.

 

Auteur: J. Ambriola- Zagt

Publicatiedatum: 22/12/2010