Jan Huygen in de ton

"Jan Huygen in de ton, met een hoepeltje erom, Jan Huygen, Jan Huygen, en de ton die viel in duigen." Kinderen staan hand in hand in een kring en vormen zo als het ware een ton. Tijdens het zingen van het traditionele Hollandse kinderliedje blijven ze met enige vaart doorhuppelen tot de ton in duigen valt. De handen worden losgelaten en iedereen laat zich als duigen op de grond vallen, "In duigen, in duigen, en de ton die viel kapot". Misschien ken je het kringdansje nog wel van vroeger, maar weet je ook waarover je zong? Wie is die Jan Huygen eigenlijk en waarom zit hij in een ton?

Jan Huygen in de ton

Pentekening van het klassieke kinderliedje ‘Jan Huygen in de ton’.

Jan Huygen in de tonJan Huygen in de ton

In de rondte, Huigen, Kuip of dikkendrol

De taalkundige Gerrit Jacob Boekenoogen (1868-1930) heeft eind negentiende, begin twintigste eeuw een verzameling van ruim negenduizend volksliedjes aangelegd. Deze handschriftencollectie is de oudste bron waar het liedje ‘Jan Huygen in de ton’ in staat beschreven. Sterker nog, er staan wel 25 verschillende varianten van de vier rijmregels in de publicatie. De ene keer gaat het enkel om een andere variatie op de naam Jan Huygen en gaat het om een ‘Jan Kuip’, ‘Jan Duigen’, ‘Jan Huyke’ of ‘Huigen’ zonder ‘y’. De andere keer wordt het liedje langer gemaakt:

“Jan Duigen in de ton, Jan Duigen in de ton,
met hoepeltjes erom, met hoepeltjes erom,
en de ton begon te buigen,
en de ton begon te buigen,
en de ton die viel in duigen.”

De beginregels worden soms volledig omgegooid of zijn compleet veranderd naar: “Daar was eens een ton met een hoepeltje erom” of “In de rondte, in de rondte, jaja”. Eén versie laat je bijna twijfelen of het wel om hetzelfde liedje gaat:

“Jan dikkendrol, Jan dikkendrol,
Die wordt hoe langer hoe dikker.
Jan Huigen, Jan Huigen,
De toren valt in duigen.”

Baken Van Linschoten

Of het nu Jan Huigen of Jan Kuip is, de hoofdpersoon van het liedje slaat hoogst waarschijnlijk op de Enkhuizer zeevaarder Jan Huygen van Linschoten (1563-1611), die niet alleen beroemd is als koopman en ontdekkingsreiziger, maar ook als de schrijver van ‘Itinerario’. Met dit boek legde hij voor de Nederlanden de veel gezochte zeeroute naar Azië open, door zeilaanwijzingen, belangrijke gegevens over stromingen, zandbanken en andere informatie uit de geheime Portugese bestuursarchieven te gebruiken.

Huygen van Linschoten heeft vanuit Portugal en Enkhuizen niet alleen lange reizen afgelegd naar India en andere plekken in Azië. Hij nam in 1594 en 1595 ook deel aan de eerste twee expedities van de fameuze Willem Barentsz. Op zoek naar een kortere route naar Azië via de Noordpool, kwamen de schepen door het ijs niet verder dan de westkust van Nova Zembla. Het verhaal gaat dat Jan Huygen van Linschoten op één van deze noordelijke expedities een eiland gemarkeerd heeft middels een baken: een ton op een paal in zijn geval. De ton in het liedje zou kunnen verwijzen naar het baken van de zeevaarder, ergens op een eiland in de Barentszzee.Auteur: Liza Koppenrade

Bronnen

Collectie van G. J. Boekenoogen, via de Nederlandse Liederenbank, Meertens Instituut, http://www.liederenbank.nl/index.php?lan=nl

Johannes van Vloten, Kinder- en Bakerrijmen, http://cf.hum.uva.nl/dsp/ljc/anoniem/vloten/

Jan Huygen van Linschoten, https://www.kb.nl/themas/geschiedenis-en-cultuur/koloniaal-verleden/jan-huyghen-van-linschoten-1563-1611

Publicatiedatum: 23/03/2016