Het Galgenveld in Amsterdam

Begin mei 1664 werd de jonge Deense dienstbode Elsje Christiaens geëxecuteerd op de Dam in Amsterdam omdat zij haar hospita had doodgeslagen met een bijl. Na het voltrekken van de doodstraf door middel van wurging werd haar lichaam overgebracht naar het galgenveld op landtong de Volewijck ten noorden van de stad.

 

Elsje is tegenwoordig  verreweg de beroemdste veroordeelde die ‘tentoongesteld’ werd op de Volewijck, vanwege de schetsen die Rembrandt van Rijn maakte van haar levenloze lichaam. De landtong werd echter al ver voor Elsje en lang na haar dood gebruikt voor dit enigszins lugubere doeleinde.

Het Galgenveld

Het Galgenveld. Gerrit Lamberts via Stadsarchief Amsterdam

Een strategische plek

Al in 1360, toen de landtong van de Volewijck nog niet in handen was van de stad Amsterdam, werd het gebied gebruikt als galgenveld. De plek was strategisch gekozen. Vanaf het IJ, destijds de belangrijkste vaarroute naar Amsterdam, was deze goed zichtbaar. Ook vanuit het centrum van de stad waren de bungelende lichamen  te aanschouwen.  Op deze manier werden de burgers en bezoekers van Amsterdam afgeschrikt. Ze kenden hun wrede lot als ze een misdaad begingen.

Geen schaamte

Het galgenveld was echter niet iets beschamends of een noodzakelijk kwaad. Het werd juist gezien als iets dat de stad meer cachet gaf en stond symbool voor juridische autonomie. Aan de executies werden de nodige theatrale elementen toegevoegd. Zo werden de misdadigers tentoongesteld met het voorwerp waarmee ze hun misdrijf hadden gepleegd  en  had de Volewijck een fraaie stenen put met drie leeuwenkoppen, waar de lichaamsresten naar verloop van tijd invielen.

 

Elsje Christiaens aan de Galg op de Volewijck, bij zich heeft ze de bijl waarmee ze haar hospita doodsloeg, 1664

Elsje Christiaens aan de Galg op de Volewijck, bij zich heeft ze de bijl waarmee ze haar hospita doodsloeg, 1664. Rembrandt van Rijn via Wikimedia Commons

Toeristische exploitatie

Als het IJ in de winter dichtvroor, staken vele mensen met schaatsen en sleeën het water over om de lichamen te aanschouwen. Dit leverde de nodige toeristische exploitatie op. Zo werden er koek- en zopietentjes opgezet om de bezoekers te voorzien en werd in 1662 het Tolhuis opgericht, waar ook een herberg in gevestigd was. Veel ouders namen hun kinderen mee naar het galgenveld van de Volewijck, om aan hen te laten zien wat het inhield om ‘voor galg en rad op te groeien’.

De Bataafse Republiek

In 1795 was het echter gedaan met het galgenveld op de landtong en de vele andere galgenvelden in Nederland. Na de uitroeping van de Bataafse Republiek verspreidde zich een proclamatie waarin deze vorm van vermaak rond doodvonnissen werd verboden. Volgens de nieuwe bestuurders van de republiek getuigde dit van een gebrek aan beschaving.

 

Gezicht op Amsterdam, vanuit het IJ met rechts het galgenveld

Gezicht op Amsterdam, vanuit het IJ met rechts het galgenveld. Pieter Bast, 1599, via Rijksstudio

ADAM-toren

Tegenwoordig staat op de plaats van het galgenveld de ADAM-toren, die van 1966 tot 2016 de Toren Overhoeks heette.  Deze was lange tijd in gebruik door oliemaatschappij Shell. In de gerenoveerde toren huizen verschillende kantoren, café’s, restaurants, een hotel en een nachtclub. Ook is er een uitkijkpunt waar je over de rand kunt schommelen. Maar dan op een minder lugubere manier.

Auteur: Eva Bleeker

Bronnen

Stadsarchief Amsterdam, Het Galgenveld
Ons Amsterdam, Van Bungelende Lijken naar Grootstedelijke Allure (Oktober 2009)
I Love Noord, Komt de Galg terug naar Noord?
Huygens ING, Christiaens, Elsje (ca.1646 – 1664)
Het Hart, Amsterdam Museum, #020Today: ‘Galgeveld’

Publicatiedatum: 30/04/2015