Het einde in zicht: de laatste oorlogsdagen in Loosdrecht

In april 1945 komt het eind van de oorlog steeds dichterbij, maar dat betekent niet dat alle spanning uit de lucht is en de wapens direct worden neergelegd. Jacob Streefkerk uit Loosdrecht beschrijft de oorlogstijd gedetailleerd in zijn dagboek. Lopen kan de invalide Jacob niet, maar luisteren des te beter. Hij verzamelt veel gegevens over wat er in de Tweede Wereldoorlog gebeurt en tekent alles wat hem ter ore komt nauwgezet op.

Als de geallieerden half april steeds verder oprukken richting het bezette Noord-Holland, voelen de Duitsers zich in het nauw gedreven. Ze vernietigen verschillende waterkeringen in de Gooi- en Vechtstreek, waardoor het water uit de Vecht stukken land in Loosdrecht overstroomt. Ook de huizen van de inwoners zijn niet veilig voor de bezetter, noteert Jacob. Drie bewoners van het kleine buurtschap Muijeveld krijgen op vrijdagavond 13 april te horen dat hun huizen rond middernacht in beslag worden genomen door de Wehrmacht. Met hulp van de buren wordt er zoveel mogelijk inboedel gered.

Geallieerde vliegtuigen boven Nederland. Beeld: Nationaal Archief via Flickr.

Vliegveld Hilversum

Vanaf dinsdag 17 april probeert een Duits Sprengcommando van veertig man op het vliegveld van Hilversum zoveel mogelijk gebouwen op te blazen en materialen te vernietigen om te voorkomen dat de geallieerden deze kunnen gebruiken. Vooral de gebouwen en hangars die in de bossen rond de luchthaven staan zijn het doel. Jacob hoort 215 bommen ontploffen en ziet een enorme rookzuil. Een dag later worden drie hangars schuin achter Jacobs huis opgeblazen. Er komen veel mensen langs om te proberen zoveel mogelijk overgebleven bruikbaar materiaal mee te nemen.

Impressie van de vordering van paarden door de Duitse Weermacht aan de Haarlemmerhout. Beeld: Noord-Hollands Archief.

Fietsen, paarden, wagens en koeien

Later die week vordert de bezetter zoveel mogelijk bezittingen in de omgeving. Ze nemen fietsen, paarden, wagens en koeien mee. De Duitsers komen bij dorpsbewoner Doets een paard vorderen, maar de man heeft helemaal geen zin om het bevel uit te voeren. Daarom roven de soldaten zijn kelder leeg, nemen al zijn paardentuigen en een Utrechts tentwagentje mee. Als hij zijn tweede paard niet inlevert, wordt zijn boerderij in brand gestoken. Ook bij de zwager van Jacob worden twee paarden uit het land gehaald en met de tuigen die in het land onder een wagen lagen, meegenomen.

Kindervoeding tijdens de hongerwinter van 1944-1945. Beeld: Noord-Hollands Archief.

Honger

Voedsel verkrijgen wordt steeds lastiger. Door de vernietigde waterwerken is veel land drassig geworden. Niet alleen het hooi- en weiland staat onder water, maar ook veel tuinen. De hoop op groente en ander voedsel verdwijnt en de voedselprijzen stijgen, een bloemkool kost wel vijf gulden. Veel Hilversummers komen naar het Loosdrecht om te proberen daar nog wat melk te bemachtigen. In de mediahoofdstad werkt de centrale keuken niet meer. Om te voorkomen dat er nog meer land verloren gaat, legt een aantal dorpsbewoners dammen aan. Met hun schoppen in de hand passeren ze het huis van Jacob. Het kan de Duitsers allemaal niet zoveel schelen. Ondanks het grote tekort aan voedsel eisen ze dat de bakkers in Loosdrecht 5.000 broden voor hen bakken.

De Duitsers leveren hun wapens in. Beeld: Nationaal Archief via Flickr.

De bevrijding nadert

Vanaf 26 april klinken er geen schoten meer door Loosdrecht en vliegen er ook geen vliegtuigen meer over. Het gerucht gaat dat er een wapenstilstand op handen is. Op 2 mei wordt duidelijk dat er aan beide zijden van het front niet meer wordt geschoten. De avondklok wordt versoepeld en boven Hilversum wordt voedsel gedropt. De Duitsers worden ontwapend en de eerste burgergevangenen vrijgelaten.

Duitse soldaten trekken na de capitulatie uit het Gooi weg richting Duitsland. Beeld: Nationaal Archief via Flickr.

Een bedrukte bevrijding

Op vrijdagavond 4 mei om tien uur luiden de klokken en verspreidt zich het nieuws dat het vrede is. Veel uitgelaten mensen lopen over straat en er worden vuurpijlen afgestoken. Op 5 mei steekt iedereen de vlag uit, maar om twee uur gaat het gerucht dat de Duitsers het gemeentehuis hebben bezet en het verboden is om te vlaggen. Bij Jacob in de buurt worden bijna alle vlaggen weer binnengehaald en er heerst een bedrukte stemming.In de week van 7 mei komt het verzet in actie om zoveel mogelijk NSB’ers op te halen. De eerste Canadezen komen het dorp binnen en veel Duitse troepen vertrekken richting Hilversum. Ze worden gevolgd door groepen voetvolk, die maar al te blij zijn dat de bezetter vertrekt. De bevolking mocht niet zingen, maar wel fluiten. Jacob vind het interessant om te zien dat het vijandelijke leger, dat zoveel ellende en rouw heeft gebracht, nu ontwapend en als krijgsgevangenen aan hem voorbij trekt. Vanaf een tank regelen de Canadezen het langstrekkende verkeer. Het duurt wel een week voor de troepen verdwenen zijn. Vanaf 1 juni zijn de Nederlandse grenzen weer opengesteld voor reizigers, meldt Jacob in zijn dagboek. Het is de laatste aantekening die hij met zijn lezers deelt over Loosdrecht rond de bevrijding.

Bron: Jacob Streefkerk, via de Historische Kring Loosdrecht.

Publicatiedatum: 08/03/2017