Duitse kroonprins als hoefsmid

Dat had kroonprins Wilhelm nooit gedacht. Dat hij als balling op een afgelegen eiland in de Waddenzee hoefijzers zou smeden. De playboy die in de Eerste Wereldoorlog liever achter de dames aan zat dan zijn troepen aan te voeren. Bij smid Luijt aan de Nieuwstraat in Hippolytushoef ging de kroonprins in de leer. Uit verveling.

Politiek asiel

Keizer Wilhelm II van Duitsland was in november 1918 naar Nederland gevlucht en in zijn kielzog had diens oudste zoon hier ook politiek asiel gevraagd. De kroonprins werd door de Nederlandse autoriteiten veilig opgeborgen op het verre Wieringen. Dat was nog een hele reis, eerst met de trein naar Enkhuizen en vandaar met een sleepboot naar Wieringen. Het was zo mistig dat het gezelschap pas de volgende dag in de haven van De Haukes op het eiland arriveerde. De kroonprins moest zijn intrek nemen in de woning van de predikant in Oosterland.

Ex-Keizer Wilhelm arriveert in Nederland op het station van het Limburgse Eijsden, 1918. Beeld: NIOD

Echtgenote op bezoek

Zijn vrouw Cecilie had besloten niet mee te gaan naar Holland, zij was met haar kinderen in Berlijn blijven wonen. Af en toe kwam ze haar man een bezoekje brengen. Zo bijvoorbeeld in september 1919. Dagblad De Telegraaf meldde toen dat de voormalige kroonprinses met twee van haar zoons op het eiland werd verwacht om er een tiental dagen door te brengen. Zij logeerde bij haar man in de pastorie. De kinderen waren als gasten ondergebracht in de woning van de burgemeester.

Wieringen. Pastorie Oosterland. Verblijfplaats Duitse Kroonprins, 1918-1923. Beeld: Noord-Hollands Archief

Loos alarm

Even was er internationaal paniek uitgebroken toen eind juli 1919 in Frankrijk het gerucht de ronde deed dat de balling gevlucht was. Maar al snel liet de regering in Den Haag weten dat de ex-kroonprins nog gewoon op Wieringen verbleef. Het was ook niet eenvoudig om het eiland ongezien te verlaten.

De Duitse ex-kroonprins staat als hoefsmid samen met Jan Luijt voor diens smederij in de open deuren. Beeld: Zuiderzeecollectie

Duizendste hoefijzer

Een enkele keer mocht de balling zijn vader in Doorn bezoeken. En behalve zijn vrouw kreeg hij op Wieringen ook wel eens zijn broer of zwager te logeren. Maar veel vermaak was er niet voor hem. Hij toerde wat met zijn motorfiets over het eiland en ging in de leer bij de smid. Landelijk nieuws was het toen Wilhelm zijn duizendste hoefijzer had gesmeed. In de loop van de jaren was er tussen Wilhelm en smid Luijt zo’n goede band ontstaan, dat de smid samen met de burgemeester in 1926 naar Doorn reisde om er hun vriend Wilhelm te bezoeken. De kroonprins had eind 1918 afstand gedaan van zijn rechten op de Duitse troon, maar pas na vijf jaren ballingschap kreeg hij toestemming van de Duitse president om terug te keren naar zijn geboorteland.

Keizer Wilhelm II in Doorn. Beeld: Nationaal Archief

Menschelijk medegevoelen

Zonder officieel vertoon verliet de ex-kroonprins in november 1923 het eiland. Dat was diep in de nacht. De autoriteiten wilden hem ongezien het land uit hebben, voordat de Franse regering tegen de terugkeer van Wilhelm in Duitsland kon protesteren. In een bulletin bedankte Wilhelm de eilandbewoners voor de gastvrijheid. De vijf lange jaren waren hem, zei hij, veraangenaamd en dragelijk gemaakt door de vriendschap en het ‘menschelijk medegevoelen’ van de bevolking.

Wilhelm van Pruisen, ex-kroonprins van Duitsland (links op de motorfiets) op Wieringen, 1920. Beeld: Nationaal Archief

 

Hippolytushoef als Klein Parijs

Het verhaal gaat dat hij op Wieringen enkele bastaardkinderen achterliet. En op het eiland wordt verteld dat Wilhelm op een keer badpakken aan plaatselijke schoonheden zou hebben gegeven. Toen ze ermee in zee gingen, bleek echter dat de badpakken van papier waren… Hippolytushoef moet overigens geen oersaai dorp geweest zijn in de tijd van de ex-kroonprins. Vanwege de vele caf├ęs en het vrolijke uitgaansleven sprak men er wel van ‘Klein Parijs’.
Hart van het dorp is de kerk die op een kunstmatig heuveltje ligt. Het oudste deel van de kerk (de basis van de toren) dateert uit de twaalfde eeuw. Als je naar Hippolytushoef wandelt, zie je de kerktoren al van verre. Wilhelm zag de kerktoren altijd wanneer hij op zijn motorfiets van Oosterland naar de smid reed.

 

Hippolytushoef. Beeld: Noord-Hollands Archief