De opkomst en ondergang van een bijzonder zwembad

Het kwik stijgt snel en iedereen sprint naar het dichtstbijzijnde water om af te koelen. Zomaar in het water springen was vroeger niet gebruikelijk, zeker niet als vrouw. Om de verleiding van het 'vrije zwemmen' in kanalen en grachten te reguleren, kwamen er in Amsterdam badinrichtingen. Vanaf 1881 was men welkom voor een duik in de zwem- en badinrichting aan de Amstel.

150 jaar zwemmen

Als we nu willen zwemmen, gaan we naar een zwembad, Amsterdam heeft er vele, of we springen  gewoon ergens de Amstel in, of een gracht, want het water is daar inmiddels schoon genoeg voor. Vroeger deed men dat niet zomaar. Hoogstens liet men zich in een badplaats ter verkoeling met een koetsje de zee inrijden, van waaruit men dan voorzichtig een beetje pootje baadde. Wel geheel gekleed natuurlijk, in ieder geval de vrouwen, want stel je voor dat er een stukje bloot te zien was! Natuurlijk sprong men elders ‘s zomers ook wel eens het water in en om dat in goede banen te leiden worden begin 1800 de eerste plekken aan de oevers van grachten en kanalen ingericht om het ‘vrije zwemmen’ enigszins te reguleren.

In 1846 was in Amsterdam de zwemschool en badinrichting aan de Westerdoksdijk gesticht, bestaande uit twee bassins. In de loop van de negentiende eeuw groeide het besef, dat een regelmatig bad de gezondheid te goede kwam. En onder het motto ‘Wassen is goed, baden is beter, zwemmen ‘t best ’ werd in 1870 de Amsterdamse Zwemclub opgericht, de eerste zwemvereniging in Europa. En daarbij, leren zwemmen was ook van belang om er voor te zorgen dat er minder mensen zouden verdrinken. In 1936 werd daartoe al een cursus droogzwemmen georganiseerd!

Cursus droogzwemmen voor werklozen. Bron: Regionaal archief Tilburg.

Een nieuwe badinrichting aan de Amstel

Er was een groeiende behoefte aan meer zwemgelegenheid en in 1880 ontstond het plan voor een nieuwe Bad- en zweminrichting. Het bad met bijbehorend café werd geopend op 14 juli 1881. En het jaar daarop ging het zwembad  open op 1 mei. Aan de reclamefolder uit dat jaar is te zien dat over veel zaken goed was nagedacht: abonnementen, het vervoer met ponten er naar toe, organisatie van zwemles en en zelfs huur van handdoek en zwembroek! Voor vrouwen was aanvankelijk nog geen plek. Vrouwenzwemmen was destijds nog omstreden en bovendien was er ook een economisch motief: aparte of gescheiden zwemgelegenheid organiseren voor vrouwen en mannen (gemengd was natuurlijk geen optie!) was duur.  Maar in 1886 mochten dan toch ook vrouwen komen.

Een informatiekrantje voor de opening van de Bad- en Zweminrichting. Bron: Stadsarchief Amsterdam.

Een kinderbad, lesbad en 80 badhokjes

Het zwembad was behoorlijk groot. In een artikel uit Ons Amsterdam uit 2019 lezen we de technische details: ‘Het had een lengte van 60 bij 10 meter en rustte op elf pontons. In het Amstelwater waren drie bassins van houten vloeren bedekt met kiezels op een bepaalde diepte gebracht. Een kinderbad van ongeveer 70 cm diep, een lesbad van 1.10 tot 1.25 cm en het drie meter diepe eigenlijke zwemgedeelte. Er waren 80 badhokjes, aan weerszijden van de baden 40. IJzeren stangen verbonden de vloeren van de bassins aan de pontons. Om het gevaarlijke duiken onder de pontons te voorkomen, was aan de binnenzijde van de pontons tot aan de bodem van de Amstel een gegalvaniseerd net gespannen. Aan de noordzijde was een mooi café met grote ramen rondom, een bovenbouw en twee fraaie terrassen. Onder het genot van een ‘1e qualiteit consumptie’ had je een fijn uitzicht op de stad’.

Een meer poëtische beschrijving is te vinden in het verhaal ‘In de zwemschool’ van Lodewijk van Deyssel in De Nieuwe Gids (1891). Hij kreeg in 1885 zwemles in het Amstelbad en beschrijft onder andere:

De lankwerpig-vierkante stellazie van versleten donker wit en oud bruin hout stond somber en leeg. Aan weêrskanten stond de rij kamertjes onder de lange smalle afdaken, met hun bruine, zwart-genummerde deuren met vanboven en vanonderen een opening voor het licht, klein en armelijk als een reeks dorps-pleën. Onder tusschen de planken-gaanderijen met hun zwart gespleten en vaal versleten witte leuningen stonden de vier groote zwembakken met hun oud-groen water, in de volgorde van hun diepte.

De Bad- en zweminrichting lag midden in de Amstel, met een pontje werd je erheen gevaren. Zwemmen en baden kostte 25 cent. Bron: Stadsarchief Amsterdam.

Feesten en partijen

Maar het ging lang niet alleen om zwemmen bij deze Bad- en zweminrichting. We denken misschien dat er nu veel festiviteiten op of bij de Amstel zijn, rond 1890 konden ze er ook wat van. Op allerlei creatieve manieren werd deze bijzondere locatie in de rivier ge-exploiteerd. Het zwembad was als cafe te bezoeken met likeuren van Wijnand Focking. Er werden tonnenroeiwedstrijden en gecostumeerde zwemwedstrijden georganiseerd. Op zondagmiddag waren er concerten en tijdens roei- en zeilwedstrijden deed de zweminrichting dienst als tribune. In de winter, als vrij zwemmen er niet meer bij was, werd er een schaatsbaan ingericht die gratis te betreden was als er gebruik werd gemaakt van het café.

ondanks al dit amusement op deze unieke plek leek het zwembad met café niet  gemakkelijk te exploiteren. Het veranderende regelmatig van eigenaar en in 1891 brandde het af, een gebeurtenis dat vele toeschouwers trok. Vol goede moed werd het wel weer herbouwd. Er  vinden nog een aantal jaar naast het zwemmen diverse activiteiten plaats,  zelfs inclusief vuurwerk. Maar zo’n 10 jaar later in 1901 wordt er van het zwembad amper meer gebruik gebruik gemaakt – misschien vanwege het in 1896 gebouwde Heiligeweg zwembad – het eerste overdekte zwembad in de stad. Het gebouw raakt vervallen en wordt gesloopt. Alleen het café wordt opnieuw opgeknapt en blijft in bedrijf. Helaas niet voor lang, want in 1902 brandt het volledig af.

Reclame uit het Algemeen Handelsblad, 27-06-1884.

Zwemmen in de Amstel wordt waarschijnlijk in de loop van de eeuw steeds minder populair.  In 1912 komt er een tweede overdekte zwembad – het Zuiderbad – en er volgen er meer. Het Amstelwater wordt er in de loop der tijd ook niet schoner op: Al het afvalwater, zowel van alle huishoudens als van fabrieken, bedrijven en boerderijen komt in de grachten en de Amstel terecht. Wel wordt door het gemaal Zeeburg schoon water uit het IJsselmeer de stad in gepompt. De binnenstad krijgt in 1935 riolering, maar het duurt tot 1987 tot de meeste huizen op het riool zijn aangesloten.

Gelukkig wordt er de laatste decennia veel werk verzet om de Amsterdamse wateren schoner te krijgen en met succes. Er zijn veel mooie zwemplekken en de waterkwaliteit wordt gecontroleerd. Hopelijk wordt het weer een zomer met veel zwemplezier!

 

Auteur: Florrie van der Kamp
Beeldredactie: Maarten Helle

Publicatiedatum: 22/06/2020