De kunst van de krulletters

Kalligraaf Harry Stavenuiter (70) uit Enkhuizen beheerst het ambacht van het kalligraferen tot in de puntjes. Ik spreek met hem in zijn atelier over het ambacht, de krulletter en de toekomst van zijn beroep.

Kalligrafie, een serieuze zaak

Wie Harry zoekt, kan hem het meest van de tijd vinden in zijn atelier in de binnenstad van Enkhuizen. In deze oude werkplaats kijkt hij uit over de straat, waar de voorbijgangers hem begroeten of een praatje met hem komen maken. Toeristen blijven ondanks het slechte weer aarzelend staan om zijn uitgestalde werk te bekijken. Het kalligrafisch atelier is vernoemd naar Casianus, een pauselijke schrijver waar ook de nabijgelegen school de naam van draagt. Toepasselijk voor deze plek waar het schrift uiterst serieus wordt genomen. Als Harry niet op het atelier is, leert hij kinderen en volwassen schoonschrijven in het schooltje van het Zuiderzeemuseum of schildert hij in hun historische schilderwerkplaats.

Het schoonschrijven is hem niet met de paplepel ingegoten, maar kwam ‘op zijn padje’. Hij begon met elektronica, maar dit bleek al snel niks voor hem te zijn. Hij ontmoette in Hoorn, waar hij werkte, een kalligraaf waardoor hij in aanraking kwam met het vak. Elf jaar studeerde Harry voordat hij de kunst van het schoonschrift beheerste. Tijdens de studie kalligrafie in Leiden leerde hij tot in den treure – zijn eigen woorden – hoe het schoonschrift tot stand komt. Ondanks dat hij af en toe op het punt stond om de handdoek in de ring te gooien, hield hij vol en studeerde af als kalligraaf. Inmiddels beheerst hij 200 lettertypen, waarvan 30 uit het hoofd, en kan hij net zo goed uit de voeten met een stukje karton als een rietpen.

Harry’s kalligrafische atelier ‘Oude Casianus’ in Enkhuizen. Foto: Inge Molenaar.

1700 naambordjes

De zaken van het kalligrafische atelier gaan ondanks de coronacrisis goed. Boven zijn werkplek hangt een rits geeltjes waar bestellingen voor naambordjes op staan. Harry: “Ik lever altijd werk van hoge kwaliteit af, dan heb je aan mond-op-mond-reclame genoeg.” Wie door Enkhuizen loopt, kan niet om Harry’s werk heen. “Ik geloof dat ik pak en beet tussen de 1700 en 1800 deuren en naambordjes heb beschilderd in Enkhuizen. Dat is ongeveer een derde van de huizen in deze stad.” En dan hebben we het nog niet eens over de winkelruiten, grafzerken en uithangborden van Harry’s hand. Ook tijdens het interview komt een dame een door Harry geschilderd huisnummer ophalen, waar ze zeer content mee is.

Harry’s werkplek in het atelier, waar hij de schetsen maakt en schildert. Foto: Inge Molenaar.

De kunst van de krulletter

Harry vertelt dat het beletteren van deuren vroeger bij het schildersvak hoorde, net zoals de schildertechnieken ‘marmeren’ (marmerimitatie op hout), houtimitatie en vergulden standaard in het pakket zaten. Krullerige letters met de naam van de bewoner en het huisnummer worden op de deur geschilderd, ter herkenning en versiering van de entree. Deze krullerige letter, de krulletter, is een sierlijke, cursief geschilderde schrijfletter. De afwisseling van dikte van de lijnen geeft diepte aan deze letterstijl. Bij de letter draait het om balans en de juiste hellingsgraad. Op een papier dat voor hem ligt, demonstreert hij de letter F. Hij pakt zijn pen en zet in twee dunne lijn de letter op. En ja, het zijn inderdaad prachtige krulletters die in een vloeiende lijn op het papier worden gezet.

Zoals gebruikelijk bij letterschilders gebeurt het schetsen van de letters en de lay-out eerst op papier in het atelier. In het geval van houten deuren en naambordjes wordt het ontwerp zacht doorgedrukt in het oppervlak, wat een afdruk in het hout achterlaat. De volgende stap is het schilderen van de letters met een langharige penseel. “De beheersing van het langharige penseel maakt het tot een ambacht”, zegt Harry als hij me het penseel toont waarmee hij de belettering uitvoert. “Door de lange buigbare punt is uitschieten op een glad oppervlak snel gebeurd.”

Het atelier van Harry Stavenuiter. Foto: Inge Molenaar.

De Amsterdamse Krulletter

Voor fervente bezoekers van de bruine kroeg komen de krulletters waarschijnlijk bekend voor. Ook op de ramen van cafés zijn deze geschilderde cursieve letters te vinden, waarvan de krullen op perfecte wijze in elkaar grijpen. De techniek komt in grote lijnen overeen met het beletteren van deuren. Het ontwerp wordt in het atelier gemaakt, waarna de lijnen met een zogenaamd radeerwieltje worden geperforeerd. Na het bevestigen van het papier op het raam, wordt het ontwerp met kalkpoeder op het raam overgebracht. Met verf wordt de naam van het café en eventueel het geschonken bier en ‘tapvergunning’ op de ruit aangebracht. Vaak op kosten van de brouwerij, met wie het café een overeenkomst had.

Volgens Harry moet de naam ‘Amsterdamse Krulletter’ waar deze letters voor sommigen onder bekend staan, met een korreltje zout worden genomen. “Je vindt deze letters ook op de ruiten van cafés in andere steden. De krulletters zelf zijn afgeleid van bijvoorbeeld de letters van de zeventiende-eeuwse schrijfmeester van den Velde en de Arnhemse Van Beek, een docent aan de schildersopleiding.” De grote hoeveelheid cafés in Amsterdam zou volgens Harry kunnen verklaren waarom de krulletter de toevoeging ‘Amsterdamse’ heeft gekregen. “Je komt in Amsterdam de krulletter op caféruiten bovengemiddeld vaak tegen. Maar daar blijft het bij.”

Krulletters op de ruit van een café in Amsterdam. Foto: Martin Albers (2008), Stadsarchief Amsterdam.

“jij investeert wel in mij, laat mij ook eens in jou investeren.”

Een Amsterdams café met krulletters van Harry, hij heeft een eigen draai aan de krulletter gegeven, is te vinden aan het begin van de Zeedijk. Café de Ooievaar. Een café waarvan hij de letters aan de binnen- en buitenkant heeft geschilderd. Hij vertelt hoe hij gevraagd werd ‘zijn stamkroegje’ van krulletters te voorzien. “Ik kwam hier een periode lang elke week en er was net een nieuwe eigenaar bij de Ooievaar. Op een dag zei hij tegen me: “jij investeert wel in mij, laat mij ook eens in jou investeren.” Hij had mijn werk gezien en vroeg of ik als kalligraaf plafondspreuken op de balken wilden schilderen.” Harry’s favoriete spreuk: “Hier word niet belazerd en bedonderd. Als je hier drinkt, word je met gemak honderd.”

Proeflokaal De Ooievaar in Amsterdam, waar Harry de belettering van heeft verzorgd. Foto: Inge Molenaar.

Opvolger gezocht

“Ik geloof dat ik nog de enige van mijn soort ben,” zegt Harry aan het einde van ons gesprek. Het moet gezegd, het ambacht van de krulletters dreigt inderdaad uit te sterven. De geschilderde letters op deuren en caféruiten maken plaats voor de makkelijk te vervaardigen plastic plakletters. Ook lijkt er geen nieuwe lichting aan letterschilders te komen, doordat het ‘beletteren’ niet meer op de oorspronkelijke manier gedoceerd wordt aan schilders en kalligrafen in opleiding. Soms loopt iemand een tijdje mee met Harry, “maar om het ambacht in de vingers te krijgen heb je op z’n minst 6 á 7 jaar oefening nodig. De meeste mensen hebben daar het geduld niet voor.”

Harry is inmiddels al 70 en hoopt zijn zaak in goede handen te kunnen achterlaten. Niet dat hij binnenkort zal stoppen, zijn liefde voor de kalligrafie is nog lang niet uitgedoofd. Deze liefde ziet hij ook terug bij zijn jongste kleindochter van zeven. Zij vertoont al van jongs af aan interesse in het ambacht van haar opa. ‘M’n kleindochter vroeg een tijdje terug of ze me een dag mocht assisteren met mijn schoonschrijflessen in het schooltje van het Zuiderzeemuseum. Toen ze zelf schreef, hield ze de kroontjespen precies op de manier vast zoals het hoort. Ik kreeg er tranen van in mijn ogen en dacht: kijk, nu heb ik echt iets bereikt’.

 

Auteur: Inge Molenaar

 

Kalligrafisch Atelier Casianus is te vinden aan de Doelenstraat 1 in Enkhuizen.

Publicatiedatum: 03/09/2020