Het Doolhof is een klein bosje op de zuidoostelijke helling van de Hoge Berg op Texel ten westen van Oudeschild. De Hoge Berg is 15 meter hoog en een restant van een stuwwal uit de ijstijd.
Uitzicht
Lange tijd liep de belangrijkste route tussen Den Burg en Oudeschild over de Hoge Berg. Rond 1760 legde Cornelis Roepel, koopman in dienst van de Amsterdamse Admiraliteit, deze weg regelmatig af. Vanuit zijn woonplaats Oudeschild reisde hij naar Den Burg om toezicht te houden op de oorlogsschepen die op de Rede van Texel lagen te wachten op voldoende bemanning. Daarnaast was hij belast met het controleren van schepen op mogelijke smokkel.
Onderweg over de Hoge Berg werd Roepel getroffen door het indrukwekkende uitzicht. Vanaf deze plek keek hij uit over de Texelstroom tot aan de horizon, waar de Rede van Texel gevuld was met een drukte van grote koopvaardijschepen, oorlogsschepen en kleinere lichterschepen. Het panorama maakte zo’n indruk dat hij besloot juist hier een stuk grond aan te kopen.

Kaart van het eiland Texel. Vervaardiger: Daniël Veelwaard (I) (vermeld op object), in of na 1810. Collectie Rijksmuseum, Objectnummer RP-P-AO-7bis-32.
De Engelse Steen en de Zeven Pannenkoeken
De geschiedenis van het bosje begint in 1764, toen Cornelis Roepel een perceel van 17 are op de Hoge Berg kocht. Hij liet hier zijn eigen lusthof aanleggen op een plek die bekendstond als de Zeven Pannenkoeken. Vanaf deze locatie was – en is – er een prachtig uitzicht over de Rede van Texel.
De plek dankt haar naam aan de legendarische Engelse Steen. Volgens de overlevering liep deze enorme kei onder de Noordzee door tot in Engeland. Toen de steen in de loop der tijd met zand werd bedekt, ontstond een heuveltje dat bereikbaar was via een trapje met zeven treden. Hieraan ontleent de plek de naam de Zeven Pannenkoeken.
In 1786 verkocht Roepel het terrein. In de akte van overdracht wordt het omschreven als ‘een ongemeen en met fraaye wandellaantjes, slinger en sterrebosjes beplant houtgewas of bosje, voorheen genaamd de Engelse steen, doch nu ’s Lands Welvaartszicht (genoemd) in de polder Oostergeest, belendend de Zandkuil’. Na de verkoop werd het bosje verder ingericht als wandelpark met een doolhof van geschoren hagen, bankjes en prieeltjes. Daarmee groeide het uit tot een geliefde wandelbestemming.
Ook vandaag de dag zijn de Zeven Pannenkoeken nog altijd aanwezig. Samen met de wandelpaden en bankjes vormt het bosje een vrij toegankelijke plek waar bezoekers kunnen genieten van zowel de natuur als de rijke geschiedenis van deze bijzondere locatie.

De Zeven Pannenkoeken op de Hoge Berg op Texel. Beeld via Wikimedia Commons, vervaardiger: Agaath, CC BY-SA 4.0.
Sterrenbos en Doolhof
Roepel richtte het terrein in als een fraai lusthof met een sterrenbos en een wandellaan. In 1784 werd het landgoed verkocht aan de heer Kikkert, die er een uitspanning vestigde en een klein doolhof aanlegde. In 1840 kwam het bos in handen van de gemeente. Sindsdien groeide het uit tot een geliefde bestemming voor dagjesmensen en wandelaars.
Het doolhof verdween in de loop van de tijd en maakte plaats voor bos. Toch bleef de plek een belangrijke rol spelen in de Texelse traditie. Met Pinksteren wordt hier nog altijd Bossiesdag gevierd, waarbij de Texelse jeugd samenkomt op de plek van het voormalige doolhof. Deze traditie werd aan het einde van de twintigste eeuw nieuw leven ingeblazen door de kerken van Den Burg.

Het Doolhof gezien vanaf de Waddendijk bij Redoute. Beeld via Wikimedia Commons, vervaardiger: Roepers at Dutch Wikipedia, CC BY-SA 3.0.
Schapenboeten op de Hoge Berg
Verspreid over het oude land van Texel staan de karakteristieke schapenboeten, beeldbepalende schuren die nauw verbonden zijn met het Texelse landschap. Ze zijn herkenbaar aan hun bijzondere vorm: drie zijden hebben een schuin aflopend dak, terwijl de vierde zijde recht is en altijd naar het oosten is gericht. Omdat de wind op Texel meestal uit het westen waait, biedt deze constructie optimale beschutting tegen weer en wind.

Schapenboet. Huidig gebruik: officiële trouwlocatie. De foto is onderdeel van de serie ‘Piramiden in de Polder’, bestaande uit 40 digitale kleurenfoto’s. Vervaardiger: Heleen H Peeters, 2020. Noord-Hollands Archief / Collectie van documentaire foto-opdrachten van de Provinciale Atlas Noord-Holland, Inventarisnummer 1.
Ondanks hun naam waren schapenboeten geen stallen. Schapen konden er hooguit aan de luwzijde schuilen tijdens slecht weer. De boeten werden vooral gebruikt voor de opslag van hooi, landbouwgereedschap en andere materialen.
De eerste schapenboeten verschenen in de zeventiende eeuw, nadat het systeem van vrij weiden werd afgeschaft. Sindsdien is hun karakteristieke vorm nauwelijks veranderd. In de loop van de twintigste eeuw verdwenen veel boeten, omdat ze hun oorspronkelijke functie verloren. Tegenwoordig zijn er op Texel nog ongeveer vijftig bewaard gebleven. Een groot deel daarvan heeft de status van gemeentelijk of rijksmonument.

Een meisje uit het dorp helpt bij het voeden en verzorgen van de lammeren. De Nes is een langhuisstolp met overhangende rieten kap. De eerste bewoners van De Nes dateren uit 1691. De boerderij heeft vandaag nog steeds een agrarische functie. Elk voorjaar worden de lammeren geboren in de stal in het vierkant van de stolp. Mettertijd zijn extra stallen bijgebouwd om het bedrijf te laten groeien. De foto is onderdeel van de serie ‘Piramiden in de Polder’, bestaande uit 40 digitale kleurenfoto’s. Vervaardiger: Heleen H. Peeters, 2020. Noord-Hollands Archief / Collectie van documentaire foto-opdrachten van de Provinciale Atlas Noord-Holland, inventarisnummer 38.
Tuinwallen op de Hoge Berg
De karakteristieke tuinwallen, op Texel tuunwoalen genoemd, zijn al sinds de zestiende eeuw een belangrijk onderdeel van het landschap op de Hoge Berg. Ze ontstonden nadat het recht op vrij weiden werd afgeschaft en boeren hun vee op eigen land moesten houden. Omdat sloten in het heuvelachtige gebied niet geschikt waren en hout schaars was, werden perceelgrenzen gemaakt van opgestapelde graszoden.
In de twintigste eeuw verdwenen veel tuinwallen door de modernisering van de landbouw. Sinds de Hoge Berg in 1968 werd aangewezen als landschapsreservaat, worden de overgebleven tuinwallen beschermd en onderhouden. Ze vormen niet alleen een cultuurhistorisch element, maar zijn ook waardevol voor bijzondere planten en dieren.

Wandelpad over de Hoge Berg tussen de tuinwallen. Beeld via Wikimedia Commons, vervaardiger: m66roepers from Nederland, CC BY 2.0.
Bronnen:
- Ecomare, De Hoge Berg
Publicatiedatum: 23/06/2014
Vul deze informatie aan of geef een reactie.