‘De ervaring van de geschiedenis oproepen is een uitdaging’

Nederland vakantieland! Deze zomer zullen de meesten van ons vanwege de coronacrisis wel in eigen land op vakantie gaan. Inge Molenaar en Sarah Remmerts de Vries van Oneindig Noord-Holland vonden twee historische toeristische affiches, die verrassend actueel blijken.

De affiches laten de kuststreek van zijn beste kant zien. ‘Beide affiches zijn van rond 1900 en duidelijk gericht op een internationaal publiek,’ vertelt Inge. ‘Ze bevatten aanbevelingen die bedoeld waren om toeristen te lokken.’ Sarah vult aan: ‘Historische affiches hebben vaak mooie vormen en kleuren, ze zijn vaak ontworpen door bekende grafici. Het zijn sprekende objecten.’

Inge Molenaar (links) en Sarah Remmerts de Vries (rechts) met hun gekozen affiches. Foto: Vannessa Timmermans / Noord-Hollands Archief.

Gepaste afstand

Bij het zoeken naar een topstuk keken de twee bewust met een toeristische invalshoek naar de collectie van het Noord-Hollands Archief. Prentbriefkaarten passeerden de revue, maar het werden deze twee affiches. Het ene exemplaar is gericht op bezoekers uit Duitsland, het andere – overigens gedrukt door Joh. Enschedé – mikt op de Franse toerist. Sarah: ‘Die scène op het strand is typerend voor de tijd rond 1900. Kindjes in het zand, hun moeders staan erbij in lange witte jurken. Rieten strandstoelen. Karren als een soort rijdende badhokjes in het water, zodat je kon pootjebaden in zee.’

Inge: Dit doet mij denken aan sommige schilderijen van de Haagse School. Een geïdealiseerd beeld van het strandleven. Wat dat aangaat is er een link met het moderne toerisme: daarin wordt ook vaak een authentieke situatie voorgesteld die niet meer helemaal klopt met de werkelijkheid.’ Sarah: ‘Inderdaad, geen toerist mag ons land zonder klomp of tulpenbol verlaten.’ Zij ziet nog een andere overeenkomst met het heden. ‘Je ziet de mensen op het strand afstand van elkaar houden. Alle wagentjes en strandstoelen staan op gepaste afstand van elkaar.’ Inge: ‘Om de Nederlanders deze zomer wegwijs te maken zal er misschien wel promotie worden gemaakt met soortgelijke beelden. Sarah: ‘Toen was het al ‘Zandvoort bei Amsterdam’. Nu is het Amsterdam Beach.’

Beiden werken als redacteur voor Oneindig Noord-Holland. Sarah sinds anderhalf jaar, Inge nog maar een halfjaar. Oneindig Noord-Holland is een online platform, waarop tal van verhalen, wetenswaardigheden, feiten, foto’s, kunstwerken en video’s uit de geschiedenis van Noord-Holland te vinden zijn. Het platform valt tegenwoordig onder het NHA, maar vroeger was het een zelfstandige stichting. Vorig jaar telde de website 250.000 unieke bezoekers. Wie niet met een gerichte vraag de site bezoekt, komt er altijd wel een keer op terecht wanneer via Google een zoekopdracht wordt ingetypt die de geschiedenis van Noord-Holland betreft.

Inge Molenaar (links) en Sarah Remmerts de Vries (rechts) met het affiche van Zandvoort. Foto: Vannessa Timmermans / Noord-Hollands Archief.

Stolpboerderijen

Sarah Remmerts de Vries komt uit Amsterdam, maar verhuisde naar ’t Gooi, waar ze zich direct betrokken toonde bij de plaatselijke musea en andere erfgoedinstellingen. ‘Ik voel me altijd direct verbonden met de plek waar ik woon,’ zegt ze. Inge Molenaar noemt zich ‘een echt poldermeisje’. Zij komt uit Zuid-Holland, maar heeft haar hart verpand aan de Noord-Hollandse polders. ‘Mijn opa en oma waren boer, waardoor ik me thuis voel in dit type landschap. De vorm van de stolpboerderij fascineert mij, eenmaal binnen fantaseer ik hoe het zou zijn geweest om als boerenfamilie hier te wonen en werken. (Lachend:) Ik weet dat ik het te veel romantiseer.’

Sarah studeerde geschiedenis en specialiseerde zich als publiekshistoricus. Inge deed erfgoedstudies en werkt momenteel als erfgoedspecialist. Eenmaal collega’s van elkaar bij Oneindig Noord-Holland kwamen ze erachter dat ze nogal wat gemeen hebben, dat ze bijvoorbeeld allebei van openluchtmusea houden, en van dagboeken en voorwerpen uit het dagelijks leven van vroeger. Inge: ‘Bepaalde plekken en gebouwen roepen emoties bij mij op, en ik merkte dat dat voor andere mensen ook geldt. Het fascineert me dat plekken daartoe in staat zijn. Ze zijn meer dan koude steen. Uiteindelijk gaat dit om de sociale betekenis van landschappen.’ Sarah: ‘In de erfgoedwereld bestaat daar een term voor: lieu de mémoire. Ik hield altijd al van musea. Het idee je te kunnen inleven in historische situaties spreekt mij enorm aan. Bij andere mensen de ervaring van de geschiedenis op te kunnen roepen is een uitdaging.’

Inge Molenaar met het affiche van de bollenstreek. Foto: Vannessa Timmermans / Noord-Hollands Archief.

Vissersvrouw

Hoewel de twee nog niet heel lang met elkaar samenwerken, vullen ze elkaar in het gesprek soepel en lichtvoetig aan, alsof ze door en door op elkaar zijn ingespeeld.
Inge: ‘Ik denk dat de figuur op de voorgrond een typisch Zandvoortse vissersvrouw moet voorstellen. Hoewel haar kleding mij eerder aan Katwijkse vissersklederdracht doet denken. Mmm, het lijkt me niet historisch correct, meer een vrije interpretatie.’
Sarah: ‘Haar schoentjes lijken op de schoentjes van Huizer vissersvrouwen.’

Affiche voor Duitse touristen, met routebeschrijving naar Zandvoort, ca. 1900. Beeldcollectie van de gemeente Haarlem, Noord-Hollands Archief.

De ‘Franse’ poster toont een gezicht op de Bollenstreek. Hoewel ze nu natuurlijk niet meer in bloei staan, is het wel een karakteristiek beeld.
Sarah: ‘Een heel mooi affiche. Die sfeer, met die dreigende lucht boven kleurige bollenvelden… De verlatenheid, op een enkele boer na…’
Inge, lachend: ‘Op toeristische posters staan nooit veel mensen.’
Sarah: ‘Dit affiche is mooier van vormgeving dan de ‘Duitse’ poster.
Inge: ‘Ja, bijna een impressionistisch schilderij.’
Sarah: ‘De bollenstreek doet met zijn velden wel wat denken aan een typisch buitenplaatsenlandschap, zoals je ze langs de Amstel en de Vecht ziet. Dat kunstmatig aangelegde, de vaak strakke vormgeving…’
Inge: ‘Zelf heb ik niet zoveel met de bollenstreek, maar ik kan me de bewondering van buitenlanders wel voorstellen als die door hun raampje in het vliegtuig al die vlakken en lijnen zien liggen.’
Sarah: ‘Nu liggen de meeste bollenvelden vooral rond Lisse en Hillegom, maar ooit was Haarlem het centrum van de bollenteelt. Het is echt Noord-Hollands.’
Inge: ‘Ja, de bloemenveiling van Aalsmeer. Of de Bloemenmarkt in Amsterdam. Hoewel die weer echt voor de toerist is.’

Franse toeristische affiche ter promotie van de bloembollenvelden. Uitgave van de Vereniging voor Vreemdelingenverkeer in Den Haag, ca. 1903-1914. Beeldcollectie van de gemeente Haarlem, Noord-Hollands Archief.

In beide affiches spelen de treinverbindingen een grote rol.
Sarah: ‘Nederlanders gingen vanaf het einde van de negentiende eeuw dankzij de toenemende vrije tijd steeds meer hun eigen land ontdekken. De ligging bij Amsterdam verklaart het succes van Zandvoort. Zoals Scheveningen van Den Haag profiteert. Verder gingen reizigers ook veel met de tram.’
Inge: ‘Het geeft echt verdieping aan je leefomgeving als je meer van de geschiedenis ervan weet.’

Auteur: Wim de Wagt

Dit artikel verschijnt tevens in Uitgelicht, het magazine vol met achtergrondartikelen over het Noord-Hollands Archief.

Publicatiedatum: 10/07/2020