Het huis aan de put
Als Adriaan Jansz. Smit in 1661 een ‘huis en huiskoog aan de put’ koopt, weet iedereen om welk huis het gaat. Tegenover het huis liggen namelijk de bekende wezenputten, waaruit vanaf ongeveer 1637 goed drinkwater naar de Rede van Texel wordt vervoerd. Het water uit de putten was ijzerhoudend en daardoor zeer geschikt om gedurende een lange zeereis te bewaren. Voor veel schepen was het volgende innamepunt pas Kaap de Goede Hoop. De tonnen met water werden per praam vervoerd over de Skilsloot, die in die tijd zonder barrières was. Het weeshuis in Den Burg verkreeg de putten in eigendom en had zo inkomsten van de putten uit de verkoop van water.

Buitenplaats Brakestein, met op de voorgrond de wezenputten. Foto: Agaath, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons.
Het belang van Brakestein
In 1668 neemt schoonzoon Jan Pietersz. Braak (of Braeck), het bezit van Smit over. Hij laat bij het huis een boomgaard, tuin en vijver aanleggen en voorziet het interieur mogelijk ook van twee rijk gesneden kamerscheidingswanden. Na 1683 is het even in bezit van twee andere eigenaren, maar nog voor 1700 komt het door huwelijk en vererving terug in handen van de familie Braak, een aanzienlijke familie van zeeofficieren. Het huis krijgt dan ook de naam Brakestein.
Het verhaal gaat dat de admiralen Maarten Harpertz. Tromp en Michiel de Ruyter het huis ‘aan de put’ ofwel Brakestein, regelmatig bezochten. Dat verhaal refereert aan de betekenis van de scheepvaart voor Texel, maar het is niet op feiten gebaseerd. Tromp stierf al in 1653 en De Ruyter vermeldt nergens in zijn nauwgezette journaals een bezoek aan het huis of de eigenaren. De mythe bevestigt het belang van Brakestein in de zeventiende en achttiende eeuw op Texel en de nauwe relatie met de zeevaart en de marine.

Waterput op Texel, op de achtergrond skil (= Oudeschild). Op de voorgrond de Skilsloot, nabij Brakestein, 1789. Collectie Noord-Hollands Archief.
Den Bergers buitenplaats
De laatste nazaat van de familie Braak verkoopt Brakestein in 1775 aan Leendert den Berger, opzichter van ’s Lands Werken op Texel. Den Berger laat het bestaande pand verbouwen en verfraaien. Op kaartmateriaal en een pentekening staat de aanleg uit die tijd verbeeld. Het huis is een laag bakstenen huis met een schilddak en aan de achterzijde een dwarsvleugel. Tegen de noordzijde staan stallen en/of een wagenschuur en een dienstwoning.
Ten zuiden van het huis ligt, gescheiden door een muur met poort, de omgrachte formele tuin met boomgaard en moestuin. Achter het huis ligt een siertuin met een centrale zichtas naar het westen. In de tuin staan beelden van onder meer Neptunes (zee) en Ceres (land) en andere decoraties. Het huis wordt verrijkt met een neoclassicistische wandbetimmering met een grijsmarmeren schouw, en in de bovendeurstukken profielen van Griekse goden (vermoedelijk Zeus en Hermes). De twee zeventiende-eeuwse kamerscheidingswanden laat hij door Andries Warmoes van schilderingen voorzien.

Neoclassicistische schilderingen op Brakestein. Foto: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons.
Het aangename Braakenstein
Dat Den Berger er een aanzienlijk geheel van maakt blijkt uit de beschrijving van schilder Pieter van Cuyk in het boek Brieven van Texel uit 1789. Hij noemt het een buitenplaats met een fraai gezicht met ‘in de schoonen tuin wassen vrugten van allerley soort; ik heb er nergens in grooter overvloed gezien, en in geur en smaak geene betere gegeeten’.

Standbeelden van Ceres en Neptunus in de tuin van de Vermaning aan Diek 11a, Den Hoorn Texel. De beelden uit de 18e eeuw komen oorspronkelijk uit Buitenplaats Brakestein. Foto: Agaath, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons.
Vergane glorie
Brakestein houdt na het overlijden van Leendert den Berger in 1802 nog ruim vijftig jaar een voorname uitstraling en bewoning. In de tweede helft van de negentiende eeuw komt het echter leeg te staan en treedt het verval in. In 1898 is het zo verwaarloosd dat men besluit tot (gedeeltelijke) sloop en een vergaande verbouwing. De beschilderde kamersscheidingswanden worden er uit gehaald en een ervan is nu te bewonderen in Hotel De Lindeboom in Den Burg.
In het sterk vernieuwde huis blijf de achttiende-eeuwse kamerbetimmering met schouw wel behouden. De gevels krijgen van een pleisterlaag met natuursteenmotief. In 1926 volgt een tweede verbouwing en uitbreiding van het huis, waarbij onder meer de topgevel boven de voordeur en de dakkapellen worden toegevoegd.
Na de Tweede Wereldoorlog raken het huis en de tuin in verval. Tuinonderdelen verdwijnen en de sporen van de oude glorie zijn alleen nog voor de kenner en de liefhebber herkenbaar. Het is wachten op een nieuwe levensfase waarin Brakestein zijn rijke en voorname geschiedenis weer zal uitdragen. Brakestein is een gemeentelijk monument, de verplaatste wandbetimmeringen en tuinbeelden zijn rijksmonument.

Buitenplaats Brakestein in Oudeschild. Foto: Agaath, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons.
Toekomst van Brakestein
Momenteel is buitenplaats Brakestein erfgoed in ontwikkeling. Op 11 januari 2019 is de stichting Buitenplaats Brakestein opgericht, met als doel: ‘de tuinen van de voormalige Texelse buitenplaats Brakestein herstellen, openstellen en beleefbaar maken voor bewoners en bezoekers van Texel’. Wie de toekomstplannen van Brakestein wil volgen, kan terecht op de website van de stichting.
Tekst: Landschap Noord-Holland / Cultuur Compagnie, geredigeerd door de redactie van Oneindig Noord-Holland
Bronnen:
- Berg, H. van den, De monumenten van Geschiedenis en Kunst van Westfriesland, Tessel enWieringen. ’s-Gravenhage, 1955, 258 en afb. 236 en 237.
- Reij, C.J., C. Hoogerheide, C.G.J. van Empel, Boerderijenboek. Geschiedenis en naamgeving van alleboerderijen op Texel, hun eigenaren en bewoners. Schoorl: Pirola, 1998, 482-485.
- Vlis, J.A. van der, ’t Land van Texsel. Een geschiedschrijving door J.A. van der Vlis. Den Burg – Texel, 1975, 168-172.
Publicatiedatum: 30/04/2012
Vul deze informatie aan of geef een reactie.