Walden: de wereld verbeteren

De burgemeester van Bussum reikt elk jaar het beeldje van de Kleine Johannes uit aan een bijzondere vrijwilliger. De Kleine Johannes is de titelfiguur uit het beroemdste boek van Frederik van Eeden, voormalig inwoner van Bussum. In 1898 stichtte Van Eeden er de kolonie 'Walden', één van de idealistische initiatieven in het Gooi.

Frederik van Eeden voor zijn hut op Walden

Circa 1924, Beeld: Collectie Van Eeden UBA/BBC.http://www.frederikvaneedengenootschap.nl

Frederik van Eeden voor zijn hut op WaldenFrederik van Eeden voor zijn hut op Walden

Op zoek naar een betere manier van leven

Het sprookje van De Kleine Johannes beschrijft de ontwikkeling van een kind tot volwassene en de levensraadsels die het op zijn weg tegenkomt. Uiteindelijk beslist Johannes: “Waar de mensheid is en haar weedom daar is mijn weg.” Hij kiest daarmee voor het goede en tegen het eigenbelang; voor het idealisme en tegen het materialisme.

De Kleine Johannes staat symbool voor Frederik van Eeden (1860-1932) zelf. Deze schrijver, psychiater en wereldverbeteraar droomde van een eenvoudig en verheven bestaan; van een samenleving die een ‘ware gemeenschap’ vormde. Hij was niet alleen. Eind negentiende eeuw was er veel kritiek op de bestaande maatschappij en cultuur. Idealisten waren op zoel naar een betere manier van leven en keerden zich tegen de verstedelijking, industrialisering en de uitbuiting van de arbeiders. De ongerepte natuur en schoonheid van het Gooi trok hen aan.

Frederik van Eeden

Collectie Noord-Hollands Archief

Frederik van EedenFrederik van Eeden

Een eenvoudig leven, verscholen tussen het groen

In zijn woonplaats Bussum besloot Frederik van Eeden in 1898 de kolonie Walden te stichten. Walden lag verscholen tussen het groen langs de Franse Kampweg en de Nieuwe ’s Gravelandseweg in Bussum. Frederik van Eeden had de gemeenschap vernoemd naar het gelijknamige boek van Henry David Thoreau uit 1854. De Amerikaan beschreef daarin hoe hij zo eenvoudig mogelijk probeerde te leven in een zelfgebouwd huisje in een bos bij een meer. Van Eeden wilde dat ook. Hij droomde van “een sober buitenleven, handenarbeid en studie. Geen geldmakerij meer, de band met het kapitaal zoo klein mogelijk, de eigen voortbrenging zoo groot mogelijk.”

Er kwamen allerlei hutten, een paar villa’s, een bakkerij en een smederij in de woon- en werkgemeenschap van Van Eeden. Villa Cruysbergen vormde het hart van de kolonie. Er werden bijen gehouden en groente en fruit geteeld. Van Eeden woonde en werkte er eerst samen met artistieke welgestelde jongeren en patiënten uit zijn psychiatrische praktijk. Later ook met arbeiders. Zijn vrouw en zonen deden niet mee aan het experiment. Zij woonden wel op het terrein, maar woonden in een villa. Achter die woning stond de schrijvershut van Van Eeden.

Om zijn droom te verwezenlijken telde Van Eeden een flink bedrag neer voor de aankoop van landgoed Cruysbergen. Veel te veel zou later blijken. De dorre heidegrond was nagenoeg onvruchtbaar, maar als optimistische idealist liet Van Eeden zich niet makkelijk ontmoedigen.

Dat bizarre clubje, geplaagd door financiële problemen

Walden werd een attractie voor dagjesmensen uit de stad. De nette goegemeente was maar wat nieuwsgierig naar dat bizarre clubje vegetariërs, geheelonthouders, kunstenaars, vrijgevochten arbeiders en psychiatrische gevallen, die in groengele kleding en op sandalen boer en boerinnetje speelden. Dat kon nooit goed gaan, werd gedacht.

En het ging ook niet goed. Walden werd geplaagd door financiële problemen. Continu werd er geld in gepompt. De opzet om in eigen behoeften te voorzien bleek een illusie. De leden gingen langs de huizen om hun producten te verkopen. Ook Van Eeden trok een enkele keer met een groentekar door Bussum. Veel bracht het niet op. Alleen de bakkerij was een succes. Tot ver over de gemeentegrenzen vond het Waldenbrood gretig aftrek, maar de bakkers weigerde al hun winsten in de verlieslijdende onderdelen van de kolonie te stoppen. In 1906 stapten ze uit de gemeenschap.

Kolonisten Walden, 1900

Foto Collectie Van Eeden UBA/BBC.
http://www.frederikvaneedengenootschap.nl

Kolonisten Walden, 1900Kolonisten Walden, 1900

Na negen jaar failliet

Er was meer onenigheid. Veel leden hadden kritiek op de chaotische situatie in Walden. Discipline ontbrak de eerste jaren en walden kreeg de bijnaam ‘Waar Allen Luieren, Daar Eet Niemand.’ Ook waren er allerlei persoonlijke conflicten, niet in de laatste plaats met Van Eeden zelf. Na negen jaar experimenteren werd Walden failliet verklaard.

Frederik van Eeden bleef tot aan zijn dood in 1932 op Walden wonen. Een groot deel van het terrein werd echter verkocht. Hutjes en huizen werden verhuurd om rond te komen en Villa Cruysbergen, het hart van de voormalige kolonie, veranderde in Pension Walden. Aanhangers van het gedachtegoed van Van Eeden logeerden er graag. Inmiddels is ook het pension weg en ligt er nu een zielloos industrieterrein.

Van Eeden hield overal lezingen over zijn ervaringen met Walden, tot in de Verenigde Staten aan toe. In North Carolina in de Verenigde Staten werd zelfs de Van Eeden Colony gesticht. Overigens eveneens niet erg succesvol.

Kolonie van de Internationale Broederschap

Naast Walden, waren er meer idealistische initiatieven in de regio. Zo was de schrijver Nescio geïnspireerd door Walden. Hij probeerde met vrienden (tevergeefs) een eigen kolonie te stichten, genaamd Tames.

In 1899 richtte Jacob van Rees de christenanarchistische ‘Kolonie van de Internationale Broederschap’ op in Blaricum. Van Rees was hoogleraar histologie (weefselleer) aan de Universiteit van Amsterdam. Hij had voor geld en grond gezorgd, maar bleef zelf in zijn villa in Laren wonen. Ook deze gemeenschap bleek niet opgewassen tegen de harde realiteit. De gewassen, bakkerij en drukkerij leverden net als bij Walden te weinig op. In 1903 werden de kolonisten bovendien aangevallen door anticommunistische Gooienaren. Leden besloten ermee te stoppen.

In 1911 werd de kolonie opgeheven. Alleen de Humanistische school, ‘de Hum’, bleef bestaan. Deze was in 1903 in de villa van Van Rees opgericht. Kinderen kregen er allerlei ontplooiingsmogelijkheden, ongeacht hun afkomst. In 1931 zou deze verdergaan als Montessorischool.

Publicatiedatum: 02/12/2010