Verborgen borden in 17e-eeuws Enkhuizen

Op Witte Donderdag presenteert Archeologie West-Friesland een bijzondere vondst. In een waterput achter een oude stolp werden in 2018 vijf bijzondere Bijbelse borden gevonden. De borden geven de identiteit van de bewoners prijs, een identiteit die in het 17e-eeuwse Enkhuizen beter binnenskamers kon blijven.

Wonen aan het Enkhuizer Westeinde

Aan het Westeinde staat een nieuw herrezen boerderij met erachter een bollenschuur uit 1900. In de boerderij en de schuur zijn in 2018 26 huurappartementen ontwikkeld door Woningbouwcoöperatie Welwonen. De bollenschuur is onder Enkhuizenaren beter bekend als de schuur van wijlen ‘Tulpe Piet’. Op de plek waar de nieuwe boerderij nu staat, stond een oude stolp. In opdracht van woningbouwcoöperatie voerde Archeologie West-Friesland een archeologisch onderzoek uit. Het Westeinde was in de Gouden Eeuw de voornaamste toegangsweg tot de stad Enkhuizen. Achter de oude stolp werd een oude waterput met afval van de bewoners uit de Gouden Eeuw gevonden. Het was meteen duidelijk dat het om bijzonder vondstmateriaal ging, dat meer kon vertellen over de leefwijze en het geloof van de vorige bewoners.

Een kaart van Enkhuizen uit 1560. Op de kaart is aangegeven waar de stolp gestaan zou hebben. Bron: Archeologie-West-Friesland.

Scherven van het geloof

In de gedempte put deed Archeologie West-Friesland opmerkelijke vondsten. De put bevatte veel voorwerpen van keramiek, die dateren van de periode tussen 1625 tot 1680. Het oog van de archeologen viel op vijf bijzondere schotels met Bijbelse voorstellingen. Zelden komen ze grote schotels met Bijbelse taferelen uit de 17e eeuw tegen. De Provincie Noord-Holland liet de schotels restaureren bij het restauratieatelier Restaura in Heerlen. Op vier van deze zogenaamde kruisigingsborden wordt de kruisiging van Jezus getoond. Aan weerszijden van de gekruisigde Jezus staan Maria en Johannes de Evangelist. Aan de voet van het kruis liggen een schedel en een been als verwijzing naar de berg Golgotha als schedelplaats. Op de achtergrond is een landschap met een kerktorentje te zien, dat in een Hollands landschapstafereeltje niet zou misstaan. De Romeinse tempel verwijst naar de heilige stad Jeruzalem. Het vijfde bord dat men vond, toont een andere beeltenis. Op het middelste bord zien we Abraham, die op het punt staat zijn zoon Izaäk te offeren. In zijn hand heeft hij een mes vast en ze staan bij een brandstapel. Een engel weet hem op tijd te verhinderen.

De 5 gevonden borden, gerestaureerd door Restaura. Bron: Stichting Restauratieatelier Restaura.

Het atelier van Verstraeten

De borden lijken op het bekende Delfts blauw, aardewerk vernoemd naar de plaats waar het geproduceerd werd. Dit type aardewerk werd in 1620 in Nederland ontwikkeld om het populaire Chinese (kostbare) porselein te imiteren. Het aardewerk werd vaak met Chinese motieven beschilderd en de kleur blauw werd standaard. De voorstellingen zijn vaak gebaseerd op bestaande prenten en schilderijen, die veel in omloop waren in de 17e eeuw. De voorstelling van de kruisiging lijkt op een gravure van Albrecht Dürer. De vijf borden zijn niet in Delft gemaakt. De schotels komen waarschijnlijk uit het atelier van Willem Jansz Verstraeten (tot 1655) of zijn zoon Gerrit Willemsz Verstraeten (1642 – 1657) in Haarlem. In het atelier van Verstraeten lijken meerdere decorateurs werkzaam te zijn geweest, die zich over de verschillende borden bogen. De borden lijken door drie verschillende schilders te zijn vervaardigd. Twee schotels zijn grof geschilderd met dikke penseelstreken. Twee andere schotels zijn met aandacht geschilderd: er vliegen vogels door de lucht en aan de takken zijn kleine blaadjes te onderscheiden.

Heulende katholieken?

In het Protestantse West-Friesland was een katholieke gemeenschap die tijdens de opstand wel hun geloof mocht belijden, maar dit vooral binnenskamers diende te doen. Het katholieke geloof was sinds 1572 verboden en werd in het geheim beleden. De katholieken werden tijdens de Tachtigjarige oorlog gewantrouwd omdat ze zomaar zouden konden samenheulen met de Spaanse katholieke vijand. Na de Vrede van Munster in 1648 konden ze hun geloof uitoefenen zonder vervolgd te worden, maar nog altijd in het geniep. In 1644, in de tijd dat de eigenaars van de kruisigingsborden nog leefden, werden vier Roomse vergaderplaatsen in Bovenkarspel en Grootebroek gesloten. De meerderheid van de inwoners van de Streek, de regio tussen Hoorn en Enkhuizen, bleef desondanks katholiek.

De schuilkerk van St. Gummarus op de Breedstraat in Enkhuizen; 1633 – 1869. Zal het katholiek gezin hier gekerkt hebben? Bron: Noord-Hollands Archief.

Jezus aan de muur

Dat de boerderij werd bewoond door een katholiek huishouden lijkt met de vondst van de kruisigingsborden onmiskenbaar. In de put werden nog meer voorwerpen gevonden met religieuze voorstellingen, die dit vermoeden ondersteunen. Hoewel voorwerpen met Bijbelse voorstellingen zeker niet alleen in katholieke huishoudens in omloop waren, spraken deze de katholieken met hun traditie van een rijke religieuze beeldtaal zeer aan. Zoals twee Delftse bordjes met Bijbelse taferelen, een pot van rode klei met de inscriptie ‘Eerdt God anno 1668’ en een klein bordje met het christelijke IHS-monogram. Ook troffen de archeologen scherven van twee wijwaterbakjes aan. De katholieke bewoners van Enkhuizen mochten hun geloof misschien niet openlijk belijden, maar niets verbood hen hun huis zo in te richten zoals zij zelf wilden. Het huis werd ingericht met schotels, prenten en schilderijen die bij hun geloofsbeleving aansloten. Het pronkgoed van het Westeinde geeft zo een goed beeld van hoe een katholiek huis in de 17e eeuw versierd zou zijn.

Bron: Stichting Restauratieatelier Restaura.

Tekst: Inge Molenaar

Bron: C. Schrickx, Archeologie West-Friesland. Archeologische opgraving Westeinde 88 – 92, Enkhuizen. Website Huis van Hilde.

Publicatiedatum: 09/04/2020