Onze Lieve Vrouwekerk in Hilversum

De statige St.-Vituskerk aan de Hilversumse Emmastraat uit 1891-1892 werd begin twintigste eeuw al te klein. De bisschop van Utrecht verzocht pastoor M.J. Schräder een parochie voor de nieuwe arbeiderswijk ‘over ’t spoor’ op te zetten. Pastoor Schräder pakte zijn opdracht voortvarend aan. Hij ging op zoek naar een geschikt stuk grond en stuitte op een veldje vol met hakhout en dennetjes dat eigendom was van de notarisfamilie Perk. Op slinkse wijze kocht de slager Peet, tevens wethouder, voor de nieuwe parochie de 1,2 hectare grond aan voor 42.000 gulden.

Gered

De slager had tegen Perk gezegd dat hij de grond nodig had voor een op te zetten winkelstraat. Het voor die tijd hoge bedrag was lastig bij elkaar te brengen. De bisschop had al tegen het katholieke kerkbestuur van de monumentale Cuyperskerk St.-Vitus gezegd dat de ranke toren die het wilde bouwen best wel wat minder hoog kon uitvallen. Het Vitusbestuur wilde niet zo graag meewerken aan de komst van een tweede grote kerk. De bisschop wees het bestuur op zijn verplichtingen. Maar de hoge ranke toren, zoals Cuypers het had bedoeld, moest er ook komen vond het kerkbestuur. Het zamelde geld in. Het verkregen bedrag was zo hoog dat er geld overbleef waarmee de grond voor de tweede parochiekerk gedeeltelijk kon worden gefinancierd. Daarmee was het plan voor de hoge toren gered: het financiële argument van de bisschop ging niet meer op en hij ging akkoord met de torenbouw volgens het oorspronkelijke ontwerp.

Voorgevel Onze Lieve Vrouwekerk aan de Naarderstraat.

Voorgevel Onze Lieve Vrouwekerk aan de Naarderstraat.Voorgevel Onze Lieve Vrouwekerk aan de Naarderstraat.

Neogotische koepelkerk

De nieuwe kerk kwam te staan op de hoek van de Koninginneweg en de Naarderstraat, tegen het spoor aan. Pastoor Schräder vroeg architect Wolter te Riele een ontwerp te maken. Te Riele schetste een neogotische koepelkerk met marmeren pilaren. Omdat er te weinig budget was, wijzigde Te Riele de marmeren pilaren in baksteen en de koepel werd minder hoog. Eronder kwam een opvallend netgewelf. De kerk werd gebouwd in 1909-1910.

Interieur

De katholieke kerk was in die tijd een belangrijke opdrachtgever. Pastoor Schräder kende veel kunstenaars die voor de kerk werkten. Hij vroeg de bekende Utrechtse kunstenaar Mengelberg het hoofdaltaar te vervaardigen. Mengelberg was al eerder de maker van het hoofdaltaar van de St.-Vituskerk. De gebroeders Brom tekenden voor de communiebank. De uit Den Helder afkomstige Jan Dunselman schilderde de kruiswegstaties. Het budget voor de glas-in-loodramen werd bijeengebracht door parochianen. De bekende glazenier Joep Nicolas ontwierp veel ramen in een neo-gotische stijl, geheel passend in de architectuur. Dertig jaar later zorgde Max Weiss voor nog eens een serie glas-in-loodramen.
 
De zeldzame platttegrond, namelijk de mengvorm tussen een kruisbasiliek en een centraalbouw, maakt de kerk heel bijzonder en het gebouw heeft dan ook de status van rijksmonument gekregen.
 
Auteur: Margriet van Seumeren

Dit is een routepunt van de fietsroute Jonge monumenten in Hilversum.

Bron

Kees Middelhof, Huis met historie: de kerk aan de Naarderstraat, in ‘Eigen Perk’, 1994.

Publicatiedatum: 07/07/2011