Maison de Bonneterie: van warenhuis-pionier tot Hofleverancier

Boven de ingang van het statige pand van Maison de Bonneterie aan het Rokin prijkt het hofleveranciersschildje. In 1815 voerde koning Willem I het predicaat Hofleverancier in. Oorspronkelijk was dit keurmerk alleen weggelegd voor bedrijven die daadwerkelijk aan het Hof leverden, of leden van het Koningshuis. Na 1850 vervaagde dit onderscheid en kregen ook bedrijven die zich verdienstelijk hadden gemaakt voor de vooruitgang van handel en nijverheid dit predicaat als beloning voor hun prestaties. In 1987 zijn onder gezag van koning Beatrix de regelementen verscherpt en aangepast. Sindsdien is er een duidelijk onderscheid gekomen tussen het predikaat ‘Koninklijk’ en ‘Hofleverancier’.

Marchant de Roi

Het gebruik om ambachtslieden die producten leveren aan het hof te onderscheiden met een koninklijk predicaat bestond al eeuwenlang aan de meeste Europese vorstenhuizen. In Engeland werden de eerste Royal Warrants of Appointment al in de Middeleeuwen uitgereikt. De Franse Lodewijk Napoleon, koning van Holland tussen 1806 en 1810, voerde als eerste een eretitel voor bedrijven in. Zij mochten het predicaat ‘Marchant de Roi’, Koopman des Konings voeren, als zij aan zijn hofhouding leverden. Bij het ontstaan van het Koninkrijk der Nederlanden, zette koning Willem I dit gebruik voort. Hij veranderde de Franse titel uiteraard in een Nederlandse: Hofleverancier. De eerste die de Titel met vergunning het Wapen voor hunne woningen te plaatsen kreeg uitgereikt, was de Haagse muziekhandelaar F.J. Weygand in de zomer van 1814, nog voordat Willem I officieel was ingehuldigd als koning van het kersverse Koninkrijk der Verenigde Nederlanden.

Het Hofleverancierswapenbordje aan de gevel van Maison de Bonneterie in Amsterdam

Foto: Redactie Oneindig Noord-Holland.

Het Hofleverancierswapenbordje aan de gevel van Maison de Bonneterie in AmsterdamHet Hofleverancierswapenbordje aan de gevel van Maison de Bonneterie in Amsterdam

Bij Koninklijke Beschikking

Het predicaat Hofleverancier is bedoeld voor lokale en regionale voortbrengers van producten en diensten. Koninklijk kunnen alleen grote Nederlandse ondernemingen en verenigingen zijn. Bij Koninklijke Beschikking wordt vastgesteld of het verzoek om het predicaat te mogen voeren wordt toegekend. Producenten, bedrijven en verenigingen moeten aan een aantal voorwaarden voldoen om in aanmerking te komen voor deze eretitel. De onderneming dient tenminste 100 jaar te bestaan (voor verenigingen is dit 75 jaar) en een zeer voorname plaats in de regio of branche in te nemen. De eigenaar(s) dient van onbesproken gedrag te zijn en een solide financiële bedrijfsvoering aan te houden.  Voor grote bedrijven met buitenlandse vestigingen geldt dat zij zich als Nederlands moeten manifesteren. Beide predicaten worden voor 25 jaar toegekend waarna verlenging kan worden aangevraagd voor de volgende 25 jaar. Individuele ondernemingen of verenigingen (stichtingen)uit de financiële-, juridische-, onderwijs- en zorgsector kunnen niet in aanmerking komen voor het predicaat.

Interieur van Maison de Bonneterie, jaren zestig.

Beeld:Stadsarchief Amsterdam. Link:http://beeldbank.amsterdam.nl/afbeelding/010004000273

Interieur van Maison de Bonneterie, jaren zestig.Interieur van Maison de Bonneterie, jaren zestig.

Maison de Bonneterie

Wie het chique interieur van Maison de Bonneterie binnentreedt, waant zich even terug in de tijd. De firma begon in eerste instantie met de verkoop van gebreide goederen (bonneterie is Frans voor ‘breisels’) vanuit een aanzienlijk kleiner pand in de Kalverstraat. De zaken liepen echter zo goed dat men de collectie uitbreidde met confectie kleding, in die tijd een uit Frankrijk overgewaaide nieuwigheid. Al in 1901, nog geen vijftien jaar na de oprichting, ontving het uit handen van koningin Wilhelmina het predicaat Hofleverancier. In 1908 opende de firma het huidige onderkomen aan het Rokin, waarmee het naar Frans voorbeeld het luxe warenhuis in Amsterdam introduceerde.
De Bonneterie zette de toon en andere manufacturenwinkels volgden spoedig. Metz & Co, De Bijenkorf en Hirsch & Cie openden in de jaren 1910 soortgelijke winkels. Het warenhuis van de Bonneterie stak de andere firma’s qua uitstraling naar de kroon. De clientèle bestond uit de meest welvarende burgerij die hier voor luxe damesconfectie en kinderkleding kwam. Het interieur hing vol met spiegels, kroonluchters en had 32 paskamers en – ondanks de prachtige brede trappen – een lift! Tot begin jaren zestig is het interieur vrijwel onveranderd gebleven. Naar het schijnt bezochten de leden van de koninklijke familie de Haagse vestiging van de Bonneterie na sluitingstijd voor hun kledinginkopen. Het gewone publiek zou een dergelijk onthaal niet krijgen, maar ook overdag kan men terecht voor de nostalgische sfeer van het eerste winkelpaleis van weleer. Van Koninklijke komaf of niet. Dit verandert in de loop van 2014 jammer genoeg. In februari 2014 werd namelijk bekendgemaakt dat Maison de Bonneterie de winkel aan het Rokin (evenals de winkel in Den Haag) zal sluiten. Na 125 jaar een toonaangevende plek te hebben vervuld in het winkellandschap van Amsterdam en Den Haag, verdwijnt het warenhuis dus helaas uit het stadsgezicht.

Klik hier om terug te keren naar het route-overzicht.

Maison de Bonneterie.

Foto: J. Dullaart (Redactie ONH).

Maison de Bonneterie.Maison de Bonneterie.

Publicatiedatum: 02/10/2013

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.