Linnaeus (Bennebroek/Heemstede)

Het doen en laten van 'grote mannen' was eens het overheersende genre in de geschiedschrijving. Grote mannen waren staatslieden, veldheren of beroemde geleerden. De Zweedse plantkundige Linnaeus behoort zonder twijfel tot deze laatste groep. We weten daarom betrekkelijk veel over hem. Linnaeus bracht drie jaar van zijn leven door in Nederland, op de buitenplaats De Hartekamp.

Het landgoed rondom De Hartekamp lag in twee gemeenten, in Heemstede en in Bennebroek. Daarom is het passend dat in deze beide plaatsen de herinnering aan Linnaeus levend wordt gehouden. In Bennebroek verleende men zijn naam aan de ‘grootste speeltuin van Europa’: de Linnaeushof. De gebouwen van De Hartekamp liggen in Heemstede. Daar bevindt zich sinds 1907 een borstbeeld van Linnaeus.

 

Attracties in het recreatiepark Linnaeushof te Bennebroek, 1965.

Attracties in het recreatiepark Linnaeushof te Bennebroek, 1965. Beeld: Euro Color Cards

Jeugd van een beroemde botanist

Carolus Linnaeus werd in 1707 geboren in het Zuid-Zweedse plaatsje Rasholt. Zijn vader was daar dominee en woonde in een huis met een grote tuin. Linnaeus’ fascinatie voor de flora stamt al uit zijn kinderjaren en werd gestimuleerd door de vele gewassen die hij vond bij het ouderlijk huis. Hij studeerde daarom geen theologie, zoals zijn vader wilde, maar geneeskunde aan de universiteiten van Lund en Uppsala vanaf 1727. Plantkunde bestond toen nog niet als zelfstandige wetenschappelijke discipline. De studie der planten maakte nog deel uit van de medicijnenstudie omdat ze gebruikt werden bij het maken van geneesmiddelen. Na 1730 ging Linnaeus op reis naar Lapland en bestudeerde daar planten en mossen. Vervolgens schreef hij in het Latijn, de taal waarvan hij en veel andere geleerde tijdgenoten zich nog bedienden, een geneeskundig proefschrift over malaria in de Zweedse moerasgebieden. Inmiddels had Linnaeus zich verloofd met Sara Lisa Moraea. Haar vader, de arts Moraeus, stelde Linnaeus in staat om in het buitenland de doctorsgraad te halen, dat kon toen nog niet in Zweden, en fortuin te maken. Linnaeus’ keus viel op Nederland. Daar waren beroemde geleerden die hij wilde ontmoeten.

De Linnaeushof, 1993.

De Linnaeushof, 1993.

Linnaeus’ roem

Schoonvader Moraeus was tevreden met Linnaeus’ prestaties. Het huwelijk met Sara Moraea mocht nu worden voltrokken. Linnaeus was enige jaren arts bij de Zweedse admiraliteit en werd in 1742 benoemd tot hoogleraar aan de universiteit van Uppsala. In 1751 publiceerde hij zijn hoofdwerk, de Philosophia Botanica. In dit zeer invloedrijke werk introduceerde Linnaeus het systeem dat hem wereldberoemd zou maken: de binaire (of binominale) nomenclatuur. Dit behelsde de indeling van het dieren- en plantenrijk in een stelsel van dubbelnamen. De eerste naam gaf de groeps- of geslachtsnaam van de soort, de tweede een soortnaam. Zo kennen we bijvoorbeeld de Felix Domestica, oftewel van de groep katachtigen de soort gedomesticeerd. Wij noemen dat gewoon een huiskat. Hoewel de binaire nomenclatuur sinds Linnaeus’ dagen is aangepast en verfijnd, behoort zijn werk nog steeds tot de grote, klassieke studies van de botanie.

 

Herdenking Carolus Linnaeus, 23 mei 1957.

Bij de herdenking van de 250 jaar geleden geboren Zweed Carolus Linnaeus werd door prof. dr. J.J. Lam, directeur van het Rijks Herbarium en Haarlems burgemeester Cremers een krans gelegd bij zijn borstbeeld, dat staat in de tuin van De Hartekamp (23 mei 1957).

Linnaeus in Nederland

In Nederland had je niet alleen beroemde geleerden, je had daar destijds ook nog de universiteitsstad Harderwijk. Harderwijk was bij meer Nederlandse en buitenlandse geleerden populair om er te promoveren. Het was daar goedkoop en het ging snel. Ook Linnaeus’ promotie ging, naar hedendaagse maatstaven, verbluffend snel. Hij arriveerde op 17 juni 1735 in Harderwijk en vertrok zeven dagen later. In die tijd had hij zijn proefschrift laten drukken en had hij de doctorsbul van de universiteit ontvangen. Een van de geleerden die Linnaeus ontmoette was de Leidse hoogleraar Herman Boerhaave, de beroemdste medicus van zijn tijd. Dankzij Boerhaave, die Linnaeus’ talent direct herkende, kreeg hij een aanstelling als huisarts bij de schatrijke Amsterdamse koopman George Clifford. Die verbleef meestal op zijn befaamde buitenplaats ‘De Hartekamp’, liggend op de grens van Bennebroek en Heemstede. Op De Hartekamp lagen schitterende tuinen en kassen met de meest exotische bloemen, planten en bomen. In opdracht van Clifford maakte Linnaeus een omvangrijke, geïllustreerde inventaris van die overvloedige plantenrijkdom. Clifford stelde hem ook in staat om de aantekeningen die hij had gemaakt tijdens zijn studiereis in Lapland te laten drukken. Dankzij deze werken had Linnaeus zijn naam als botanicus gevestigd en hij ging in 1738 terug naar Zweden waar hij in 1778 overleed.

Bronnen

* A.J. Boerman, Carolus Linnaeus als middelaar tussen Nederland en Zweden (Utrecht 1953).
* H. Engel, ‘Carolus Linnaeus in Holland’ in: Linnaeus Commemorated 1707 – May 23rd – 1957. Adresses delivered at the Academic Session on the 23rd of May, 1957, in the Ridderzaal of the Town Hall, Haarlem (Leiden 1957), pp. 11-22.
* J.L.P.M. Krol, ‘Linnaeus’ verblijf op de Hartekamp’ in: Lucia Albers e.a., Het landgoed de Hartekamp in Heemstede (Heemstede 1982), pp. 70-81.

* Ter inzage in de bibliotheek van het Noord-Hollands Archief.

Publicatiedatum: 11/12/2010