Kantoor West-Indische Compagnie in Hoorn

Het pand van de Vrijmetselaarloge West-Friesland en De Eenhoorn bevindt zich aan de Binnenluiendijk 2 in Hoorn. Ooit was dit het kantoor van de West-Indische Compagnie.

Aanvankelijk vergaderen de Hoornse bewindhebbers van de West-Indische Compagnie (WIC) in de oude Oosterpoort en na 1638 in een pand aan de Ramen. In 1629, een jaar na de verovering van de Spaanse zilvervloot, koopt de WIC ’5 of 6‘ naast elkaar gelegen erven aan de Binnenluiendijk met de verplichting deze direct te bebouwen. Vermoedelijk wordt hier het Westindische pakhuys gebouwd dat staat weergegeven op de kaart van Blaeu uit 1649.

In 1689 kopen ’de heeren bewinthebberen‘ nog twee bestaande huizen aan de Binnenluiendijk met de bijbehorende achterhuizen aan de Karperkuil, wellicht om naast pakhuizen ook als kantoor dienst te doen. Dit zijn vermoedelijk de twee huizen die de WIC in 1784 laat verbouwen tot het huidige dubbelpand. De twee bestaande trapgevels maken hierbij plaats voor één brede gevel in Lodewijk XVI-stijl met dubbele bordestrap. De beide panden achter de gevel waren vóór de verbouwing al als ‘kamer’ (kantoor) in gebruik en dateren van vlak na de gronduitgifte in 1622.

De voorgevel wordt geleed door hoekpilasters en een middenrisaliet bekroond door een driehoekig fronton met in een medaillon het genoemde monogram en floraal snijwerk. Boven de dubbele voordeur bevindt zich een sierlijk snijraam. Aan weerszijden van het middenvenster een afhangend festoen in draperievorm met schild. Het derde schild en de Romeinse cijfers erboven zijn tussen 1930 en 1958 aangebracht (de letters LWF verwijzen naar Loge West Friesland).

In het interieur is onder meer de vestibule uit 1784 bewaard gebleven waarin een witmarmeren vloer en verfijnd stucwerk met het stadswapen, de zon en symbolen van handel en scheepvaart. Links van de gang bevindt zich nu de ’tempelruimte‘ of ’werkplaats‘ waaronder nog de oorspronkelijke 17de-eeuwse vloerconstructie. Vermeldenswaard zijn verder de geprofileerde sleutelstukken uit de bouwtijd en de Lodewijk XVI-schouw in de rechtervoorkamer.

Na de opheffing van de West-Indische Compagnie in 1791 vestigt De Vaderlandsche Maatschappij voor Reederij en Koophandel zich in het pand. Deze in 1777 opgerichte maatschappij probeert de vervallen economie van Hoorn nieuw leven in te blazen door uiteenlopende activiteiten zoals kousenfabricage, walvisvaart, een vloerkledenfabriek, houthandel en een Konst-, Schilder- en Behangselfabriek.

In de negentiende eeuw komt het gebouw in handen van de gemeente Hoorn die het in 1849 met Binnenluiendijk 1 verenigt tot gasthuis. In 1872 verkoopt de gemeente het pand aan vrijmetselaarsloge West Friesland (opgericht 1858). De loge heeft het gebouw nog steeds in gebruik en meermalen laten restaureren. Vanwege de ledengroei is in 1985 een tweede Hoornse loge opgericht, De Eenhoorn, die hier ook bijeenkomt.