Ze hebben er zelf om gevraagd, de gemeenteraadsleden uit de landelijke dorpjes ten zuiden en westen van Hilversum. Een proces dat jaren geleden begon, wordt binnenkort afgerond. Door de samenvoeging ontstaat een krachtige gemeente die de dienstverlening voor haar inwoners op orde heeft en maatschappelijke opgaven tegemoet kan treden, zo heet het officieel. Grotere gemeenten hebben meer deskundigen op allerlei gebied in huis dan de kleine. Efficiënter kunnen werken is ook een argument.
Wat is de ideale omvang van een gemeente? Die blijkt er niet te zijn. Het hangt er van af waar je naar kijkt. Als het gaat om onderwijshuisvesting en wegbeheer kunnen gemeenten met circa 20.000 inwoners kunnen die taken vermoedelijk zo voordelig mogelijk regelen. De optimale schaal bij afvalinzameling, burgerzaken en het algemeen openbaar bestuur ligt tussen de 40.000 en 65.000 inwoners. Voor belastinginning lijkt juist een schaalgrootte van zo’n 460.000 inwoners het meest kosteneffectief.

Raadhuis van ’s-Graveland aan het Noordereinde, gebouwd in 1868. Dit fraaie pand diende tot 1946 als raadhuis. Foto: Jan Maarten Pekelharing.
Swiebertje
Kortom, het is maar hoe je het bekijkt. De charme van een kleine gemeente is dat het bestuur dichtbij de burger is. Je ziet de burgemeester door het dorp fietsen. Je kunt een raadslid in de plaatselijke supermarkt iets vragen. Zoals de Studiecommissie Bestaansvoorwaarden Kleine Gemeenten midden vorige eeuw al (in ambtelijk taalgebruik) constateerde: het uitoefenen van bevoegdheden van publieke aard door vertegenwoordigers van de eigen kring geeft aan de gemeenten, speciaal ook aan de kleinere gemeenten, een bijzondere betekenis.
Hoe groter een gemeente, hoe meer het bestuur voor ons als burgers voelt als iets dat ver van je bed speelt. Door het opheffen van kleine gemeenten hebben veel raadhuizen een andere functie gekregen. Maar ze staan er vaak nog wel, als oudjes uit een verleden tijd waar je achteloos aan voorbij gaat. In de tijd van de tv-serie met Swiebertje en bromsnor wist juffrouw Saartje, de huishoudster van de burgemeester, bij oplopende spanningen vrijwel altijd wel een oplossing. Dat was in de jaren dat elk zichzelf respecterend dorp een eigen burgemeester kende.
Maar Swiebertje en Saartje zijn uit beeld gestapt. Welk dorp heeft nog een eigen burgemeester? Rond de duizend gemeenten telde ons land in 1960. Inmiddels staat de teller op ruim 340. En dat wordt er nog eentje minder, nu Hilversum en de dorpen van de gemeente Wijdemeren samengaan.

Raadhuis van Loosdrecht aan de Nieuw Loosdrechtsedijk, gebouwd in 1880. In 2000 verloor het pand zijn functie en diende daarna als politiebureau. Foto: Jan Maarten Pekelharing.
Wijdemeren
Wijdemeren telt liefelijke dorpen als Ankeveen, Kortenhoef, ’s-Graveland, Nederhorst den Berg en Loosdrecht. Aan het tot stand komen van de gemeente Wijdemeren was een heel pionnenspel vooraf gegaan. Wie gaat met wie? En voor hoe lang? Geschuif met grenzen. Dat zie je als je door de dorpjes fietst. Langs het oude raadhuis van ’s-Graveland bij voorbeeld. Of dat van Kortenhoef. Goed herkenbaar aan een bordes. Je moest eerst even enkele treden klimmen om bij het gezag te komen.
Bladerend in het verleden zie je dat er met het samenvoegen van gemeenten anno nu eigenlijk niets nieuws onder de zon is. Nederhorst den Berg bijvoorbeeld slokte in 1812 de gemeenten Ankeveen en Nigtevecht op.
En deze drie dorpen werden met een enkele pennenstreek toegewezen aan de provincie Utrecht. De samenvoeging beviel vermoedelijk toch niet, want enkele jaren later (1818) kregen Ankeveen en Nigtevecht weer een eigen burgemeester. En vervolgens verhuisde Nederhorst den Berg op papier van Utrecht naar Noord-Holland. Het raadhuis dat toen aan de Voorstraat stond, is afgebroken. De nieuwbouw herinnert er slechts in naam aan (Het Raedthuys). Maar gelukkig is de foto van voor de afbraak nog in het archief te vinden.

Het raadhuis van Nederhorst den Berg aan de Voorstraat. Tot 2002 was dit het gemeentehuis, later is het afgebroken. De nieuwbouw kreeg de naam Het Raedthuys. Noord-Hollands Archief / Collectie van foto’s van de Provinciale Atlas Noord-Holland, Inventarisnummer 3111.
Grensgeval
Ankeveen is eeuwenlang een grensgeval geweest. De lange straat door het dorp heet niet voor niets Stichts End om verderop naadloos over gaan in Hollands End. De grens tussen beide provincies doorsneed het dorp. In 1819 kwamen Stichts en Hollands Ankeveen bestuurlijk samen, om als gemeente Ankeveen deel uit te maken van Noord-Holland. Het raadhuis uit die jaren, het oude Rechthuis, vind je waar Stichts End en Hollands End samenkomen.
In 1966 was het met de zelfstandigheid van Ankeveen gedaan. Alle Ankeveners woonden plots in de gemeente ’s-Graveland en voor officiële zaken moesten ze naar het gemeentehuis aan Noordereinde in ‘s-Graveland rijden.
Over grensgevallen gesproken, in Loosdrecht weten ze er ook wat van. Dat dorp maakte van oudsher deel uit van de provincie Utrecht. Het raadhuis verrees op de dijk waar Nieuw- en Oud Loosdrecht samenkomen. Nog in 1988 had de Utrechtse Commissaris van de Koningin uitgeroepen dat hij het Loosdrechts plassengebied echt niet uit zijn provincie gesneden zag worden.
Maar hij besliste daar niet over. De inwoners wel. En die kozen in meerderheid om samen te gaan met ’s-Graveland en Nederhorst den Berg in de nieuwe gemeente Wijdemeren. Dat betekende afscheid nemen van de provincie Utrecht en over te stappen naar Noord-Holland.

Het vroegere raadhuis van Kortenhoef aan de Kortenhoefsedijk. Het was aanvankelijk het Polderhuis, maar diende van 1910 tot 1966 als raadhuis van de gemeente Kortenhoef. Foto: Jan Maarten Pekelharing.
Kortenhoef
Enkele kilometers verderop dommelt het dorpje Kortenhoef. Dit was een zelfstandige gemeente, dat zie je aan het raadhuis. Van 1814 tot 1819 lag het in de provincie Utrecht, sindsdien in Noord-Holland. In 1966 was het, net als met Ankeveen het geval was, ook hier met de zelfstandigheid gedaan. Ankeveen en Kortenhoef gingen op in ’s-Graveland. Maar een nieuwe burgemeester kreeg Kortenhoef niet, want met een vooruitziende blik, was Jan Diderik Jansen in 1964 al tot burgemeester van Ankeveen, Kortenhoef en ’s-Graveland benoemd.
In Loosdrecht kwam het raadhuis van de gemeente Wijdemeren (Loosdrecht, ’s-Graveland, Nederhorst den Berg). Het lijkt erop dat de lokale politici die begin deze eeuw besloten samen als nieuwe gemeente Wijdemeren op te trekken, er eigenlijk toch niet helemaal in geloofden. Hun gemeentehuis aan de rand van Loosrecht, pal tegen Hilversum aangekropen, oogt als een kantoorgebouw. Klopt. Het is het kantoor geweest van de Knorrfabriek die hier stond. Soep eruit, ambtenaren er in. Asielzoekers zijn wellicht de volgende bewoners.

Het Oude Rechthuis van Ankeveen, gelegen aan Stichts End 1. Dit was van 1819 tot 1966 het raadhuis van Ankeveen. Het monument dateert vermoedelijk uit de zeventiende eeuw. Foto: Jan Maarten Pekelharing.
Rommelhok
Deze nieuw gecreëerde gemeente Wijdemeren blijkt achteraf bezien niet meer dan een tussenfase. Als het ware om de stap van een dorpse samenleving naar een stedelijke niet te groot te maken. Maar er is qua couleur locale een groot verschil tussen de drukke mediastad Hilversum en het verstilde plattelandsleven in de dorpjes van (nu nog) Wijdemeren. Hier zag ik op mijn fietstochtje langs de oude raadhuizen op verschillende plekken een ooievaar rondscharrelen op de weilanden.
Wie ziet de burgemeester nog door de straat fietsen? Hier is geen plaats meer voor Swiebertje, Bromsnor en juffrouw Saartje. Zij horen thuis in het rommelhok van mediastad Hilversum. De gemeenten Hilversum (ongeveer 95 duizend inwoners) en Wijdemeren (rond de 25 duizend) kijken vooruit en laten gezamenlijk weten: ‘door onze krachten te bundelen, staan we sterker in het aanpakken van belangrijke uitdagingen, zoals wonen, natuur, economie en bereikbaarheid.’
Amsterdam krijgt een ambitieuze buurman.
Auteur: Jan Maarten Pekelharing
Publicatiedatum: 27/04/2026
Vul deze informatie aan of geef een reactie.