Herengracht 474

Herengracht 474 werd gebouwd in 1669, op een kavel dat in 1665 voor Fl. 7400 gulden was gekocht (in de stadsuitleg van 1663). Het is dus oorspronkelijke bebouwing. Het huis staat afgebeeld op drie schilderijen van Gerrit Adriaensz Berckheyde (één uit 1685 en twee uit 1672) en in het grachtenboekje van Cornelis Danckerts (1680). Het is dus heel goed bekend hoe het huis er in de 17de eeuw uit zag. Tegenwoordig is het een Erfgoedhuis.

Ingrijpende verbouwing in 1756

Op de afbeeldingen is een verhoogde halsgevel te zien. Het is het enige enkele huis, een huis met een gewone breedte, in dit deel van de Gouden Bocht van de Herengracht (alle buurhuizen zijn dubbele huizen). In 1756 vonden ingrijpende veranderingen aan het interieur en exterieur plaats. De halsgevel werd vervangen door een lijstgevel. In het Grachtenboek van Caspar Philips uit 1768 is de gevel te zien. De gevel heeft een rechte kroonlijst met consoles en wordt bekroond door een attiek bestaande uit een open balustrade en een gesloten middenverhoging. Het middenstuk bestaat uit een oeil-de-boeuf geflankeerd door voluten die vloeiend overgaan in de licht gekuifde afsluiting van het middenstuk. De lijstgevel is een goed voorbeeld van de Lodewijk XV-stijl. Typerend zijn de sterk getoogde vensters, die voorzien zijn van geprofileerde, gekuifde omlijstingen. De middentravee is door zwaardere raamomlijstingen geaccentueerd.

Gevel Herengracht 474

Foto: Bureau Monumenten & Archeologie

Gevel Herengracht 474Gevel Herengracht 474

Nu een Erfgoedhuis

In 1890 vond een tweede ingrijpende verbouwing plaats. De belangrijkste ingreep was de sloop van de hoge stoep: de ingang werd naar het onderhuis verplaatst. Het onderste deel van de gevel kreeg een nieuwe hardstenen pui en tevens werden er stoeppalen geplaatst. Een andere belangrijke wijziging aan de voorgevel was het vervangen van de 18de-eeuwse schuifvensters met roedeverdeling door T-vensters (openslaande ramen). Door deze wijzigingen heeft de voorgevel een 19de eeuws karakter gekregen, alhoewel de raamomlijstingen, de kroonlijst en attiek nog 18de-eeuws zijn. In 1979 kwam het pand in handen van het Rijk. Het werd al vanaf 1950 gebruikt door het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie (RIOD). Na de aankoop door het Rijk werd het pand gerestaureerd. Uitgangspunt van deze restauratie, die in 1982 werd voltooid, was de verbouwing van 1890. Tot voor kort was het RIOD hier nog gevestigd. Na het vertrek van het RIOD naar Herengracht 380–382 werd Herengracht 474 aangekocht door het Prins Bernhardfonds om er een Erfgoedhuis van te maken, waar o.a. het Nationaal Contact Monumenten en de Stichting Open Monumentendag zijn gehuisvest. Op 24 oktober 1997 werd het Erfgoedhuis geopend. (Het Prins Bernhardfonds is zelf in het buurpand Herengracht 476 gevestigd.)

Plafondschildering en putti

Bij de verbouwing In 1756 werd tevens het interieur gewijzigd, in Lodewijk XV-stijl. Er werd een gang gemaakt met aan één zijde (de kant van de bouwmuur) schijndeuren, om het huis groter te laten lijken dan het werkelijk is. Ter hoogte van de binnenplaats werd een monumentaal trappenhuis gemaakt, in dezelfde stijl als de gang, Lodewijk XV. Het trappenhuis werd bekroond door een koepel of lantaarn, maar deze is niet meer aanwezig: in het plafond van het trappenhuis bevindt zich thans een schildering van Jacob de Wit in een gouden lijst uit 1721 (gedateerd) van drie putti op een wolkenhemel. Het schilderstuk is van elders uit dit huis afkomstig, waarschijnlijk uit een kamer op de hoofdverdieping of de zaal.

Herengracht 474, in hout gesneden draperie in de gang van het souterrain

Foto: Bureau Monumenten & Archeologie

Herengracht 474, in hout gesneden draperie in de gang van het souterrainHerengracht 474, in hout gesneden draperie in de gang van het souterrain

Decoratie in verschillende stijlen

In 1890 werd de stoep gesloopt en de ingang verplaatst naar het souterrain. Dit bood de mogelijkheid de gang op de hoofdverdieping te verkorten en de voorkamer over de gehele breedte van het huis te maken. Bij deze verbouwing is de vormgeving van het trappenhuis voortgezet in het souterrain met decoraties in een neo-Lodewijk XV-stijl: stucwerk met rocaille- ofwel schelpmotief omgeven door C-krullen en een groen geschilderd, in hout gesneden, opgetrokken gordijn met gouden kwastjes. Verrassend is ook de bronzen beginbaluster van de trap, uitgevoerd als een vrouwenbuste met een luchter met vijf kaarsen. Het pand heeft een fraai trappenhuis met een bronzen traphek met rococo-vormen. Er is sprake van een combinatie van stijlen. De in tinten groen geschilderde marmeren gang op de hoofdverdieping heeft schijndeuren met erboven drie vrouwenbustes (waarvan één nieuw is). Ook de vertrekken op de hoofdverdieping werden uitgevoerd in neo-Lodewijk XV-stijl. De grote voorkamer bestaat uit een marmeren schouw met grote spiegel, groene panelen met kuif- of schelpmotieven en deurstukjes met witte putti en opnieuw een plafond met ditmaal goudkleurige C-krullen. De binnenkamer is echter in een neo-empire stijl gedecoreerd. De schoorsteenboezem heeft Ionische pilasters. Het plafond heeft een sierlijst met bladvormen. Ook de zaal heeft een plafond in neo-empire.

Bouwgegevens

Gebouwtype: Woonhuis
Geveltype: Lijstgevel
Bouwstijl: Neo-stijlen
Bouwjaar: 1756, 1890

Monumentstatus: Rijksmonument

Meer informatie over dit grachtenpand is te vinden op de website van het Digitaal Grachtenhuis

Publicatiedatum: 18/03/2014