De Amsterdamse haven: zeven eeuwen scheepvaart

De Amsterdamse haven maakt deel uit van de Havenregio in het Noordzeekanaalgebied. De havens strekken zich uit over een gebied van 4500 hectare. Gezamenlijk profileren deze havens zich als de Zeehavens Amsterdam.

Het gebied is één van ’s werelds belangrijkste logistieke knooppunten. Het havengebied blijft in ontwikkeling, zo is in 2010 besloten een tweede grote sluis te bouwen in IJmuiden, welke naar verwachting in 2020 operationeel zal zijn.

Plattegrond van de haven in 1973.

Plattegrond van de haven in 1973. Beeld: Beeldbank Noordhollands Archief

Realeneiland, Prinseneiland en Bickerseiland

De belangrijkste activiteiten van de Amsterdamse havens zijn gedurende de jaren verplaatst naar de westelijke zijde van Amsterdam, waar nu zo’n 2000 bedrijven gevestigd zijn. Rond 1300 waren de belangrijkste havenactiviteiten echter rond het centrum geconcentreerd en werden goederen geladen en gelost langs het Damrak. De stad groeide in deze tijd snel en de buitenlandse handel werd steeds belangrijker. Dit leidde in de eeuwen daarna tot een reeks van uitbreidingen, vooralsnog in het oostelijke havengebied. Na 1610 begon men met de aanleg van de Nieuwe Waal en eveneens met de aanleg van nieuwe haveneilanden in het westen: Realeneiland, Prinseneiland en Bickerseiland. Deze uitbreiding naar het westen was echter eenmalig en vanaf halverwege de zeventiende eeuw stagneerde de groei ongeveer anderhalve eeuw.

Profiel van Amsterdam in 1638, vanaf het IJ gezien.

Profiel van Amsterdam in 1638, vanaf het IJ gezien. Beeld: Beeldbank Noordhollands Archief.

Het Noordzeekanaal

Van groot belang voor de ontwikkeling van het westelijke havengebied was de aanleg van het Noordzeekanaal in 1876. Eerder was al het Noordhollands Kanaal aangelegd om Amsterdam met zee te verbinden, maar dit was al snel te ondiep en te smal. De openstelling van het Noordzeekanaal leidde tot explosieve groei en in 1877 werd met het plan-Kalff voor het eerst sinds de zeventiende eeuw de haven aan de westzijde van de stad verder ontwikkeld. Er kwamen een haven en industriegebied rond het Westerkanaal. Verder naar het westen kwamen een houthaven, een haven voor binnenscheepvaart, de Minervahaven (1880) en tegen de gemeentegrens met Zaandam kwam in 1888 de petroleumhaven. In de jaren rond 1940 begon de gemeente met de aanleg van de eerste havenbekkens in de Grote IJpolder: de Westhaven en de Sonthaven. In de jaren vijftig en zestig gingen de ontwikkelingen in een razend tempo door. Tot 1974 had de haven van Amsterdam zich echter niet verder ontwikkeld dan tot Zijkanaal F, de oude grens tussen Amsterdam en Haarlemmerliede-Spaarnwoude. In 1974 werd deze grens doorbroken. Momenteel reiken de havens tot de Afrikahaven bij Ruigoord.

Een overslagbedrijf in de haven, 1965.

Een overslagbedrijf in de haven, 1965. Beeld: Beeldbank Noordhollands Archief.

Huidige en toekomstige ontwikkelingen

De ontwikkeling van het gebied is nog in volle gang. Zo werd in 1998 ‘s werelds eerste ‘All Weather Terminal’ geopend, waar zeeschepen met weersgevoelige goederen zoals cellulose, papier en aluminium hun lading droog over kunnen zetten. In 2001 vond de opening van ‘Amsterdam Container Terminals’ plaats in de Afrikahaven. Hier kunnen schepen van beide zijdes tegelijkertijd geladen en gelost worden. Dit leidt tot een bijna twee keer zo snelle overslag. De Amsterdamse haven streeft tot 2020 naar een verdubbeling van de overslag op bestaand terrein. Dit zal gebeuren door intensivering, het bevorderen van bouw in meerdere lagen, herontwikkeling van bestaand haventerrein en het combineren van functies.

De Amsterdamse haven in beweging, 1965.

De Amsterdamse haven in beweging, 1965. Beeld: Beeldbank Noordhollands Archief.

Duurzaamheid als goed voorbeeld

Haven Amsterdam biedt de faciliteiten voor het transporteren, opslaan en overslaan van allerlei type goederen, zoals cacaobonen, kolen, papierrollen en olieproducten. Bij dit alles staat duurzaamheid hoog in het vaandel. Haven Amsterdam wil in 2020 één van de duurzaamste havens in Europa zijn. Om dit te bereiken wordt er gewerkt aan de verbetering van de milieukwaliteit van lucht, CO2-uitstoot, water, bodem, geluid, geur en externe veiligheid. Een voorbeeld om dit te bereiken is de subsidieregeling Duurzaamheid- én Innovatiefonds Haven Amsterdam (DIHA). Bedrijven en organisaties kunnen subsidieaanvragen indienen voor projecten die bijdragen aan een duurzame en innovatieve ontwikkeling van het Noordzeekanaalgebied.

Auteur: Veronique Rap

Publicatiedatum: 24/06/2011