Watertoren Hoogkarspel: een kloek bouwwerk

Een kans om niet te laten lopen. Toen eind 1996 de watertoren in de verkoop kwam stroomden de inwoners van Hoogkarspel en de Streek massaal toe voor een kijkje in ‘hun’ toren. Sinds zijn verrijzen in 1931 is de toren een baken voor heel oostelijk West-Friesland - zichtbaar van ver in de zeekleipolders.

Na 65 jaar arbeid ging de toren met pensioen. Dit keer ging de gebeurtenis niet onopgemerkt voorbij

Luchtreis

Hoe anders ging het toe in april 1931, bij de ingebruikneming van de toren. Met stille trom is dat gegaan. Geen plechtigheid, geen bombarie, de mensen in West-Friesland merkten er niets van dat het glaasje water dat zij dronken of de emmers water waarmee zij de stoep boenden sinds dat voorjaar te Hoogkarspel een luchtreis maakte. Pas in oktober 1931 kwam een gezelschap van burgemeesters, directeuren en ingenieurs de toren bezichtigen. De journalist van De Vrije Westfries schreef met lovende woorden over ‘een kloek bouwwerk van een gelukkig architectonisch geheel, sierlijk en tegelijk rustig dat met ’t sterke, frissche West-Friese landschap ten volle harmoniseert’. Het gezelschap waagde de klim naar boven om op 50 meter hoogte met eigen ogen het prachtige uitzicht te bewonderen: de Afsluitdijk in noordelijke richting, de net afgesloten Zuiderzee en zelfs de Noordzee bij Bergen.

Overeenkomsten

De watertoren aan de Streekweg is in de jaren 1930 – 1931 gebouwd in opdracht van het Provinciaal Waterleidingbedrijf Noord-Holland. De toren vertoont grote overeenkomst in stijl en bouw met de watertoren van Wieringerwaard (1928). De ontwerpers van ir. B.F. Nievelt en ir. W. Mensert mochten opnieuw hun vakwerk laten zien. Qua architectuuropvatting sloten zij aan bij de bouwstijl Amsterdamse School. De watertoren is vanaf de Streekweg via een rechte oprijlaan te bereiken. ‘Twee vriendelijke woningen met echt Hollandsche puntgevels en rode pannendaken flankeren den ingang van den oprit’. Deze dienstwoningen zijn tegelijk met de toren gebouwd. Een sierlijk hekwerk sloot het terrein rondom de toren af, zomaar even het erf oplopen was er niet bij.

Gebouw van de Provinciale Waterleiding van Noord-Holland, Bloemendaal. Beeld: Noord-Hollands Archief

Bovenbok en onderbok

De watertoren is op het hoogste punt 55 m en telt drie reservoirs. In vaktermen heetten deze de bovenbok (inhoud 600 m3, verdeeld over twee reservoirs) en de onderbok (inhoud 350 m3). Opzichter Gras van de PWN had een gewichtige taak. Hij moest bakstenen keuren én afkeuren, hij ging met de uitvoerder van de bouwmaatschappij naar de houtwerf om de 501 heipalen te bekijken en te keuren. Die heipalen hadden een gemiddelde lengte van 14 meter; geen sprietjes, want aan de punt moest de omtrek tenminste 35 cm zijn. Gras moest wekelijks over de vorderingen rapporteren aan zijn directeur. Tachtig weekrapporten stuurde hij op. Zo weten we dat de Rijnlandsche Betonbouwmaatschappij de toren bouwde voor de aanneemsom van fl 137.800,-.  Een arbeider verdiende op de bouwplaats 52 cent per uur. Een timmerman ontving 70 cent, en een metselaar 80 cent. De stucadoor had een hoger uurloon: een gulden per uur ving de man voor zijn strijkwerk. Gras meldde ook aan zijn bazen dat hij de begrafenis van een arbeider die tijdens de bouw was verongelukt had bezocht. Een ‘intrieste en noodlottige gebeurtenis voor den familie’ zo schreef hij.

De Watertoren aan de Westeinderplas, Aalsmeer 1943. Beeld: Noord-Hollands Archief

Toren te koop

Na de verzelfstandiging van het waterleidingbedrijf PWN komen in Noord-Holland in 1996 vijf watertorens in één keer in de verkoop: in Kwadijk, Bussum, Wieringerwaard, Aalsmeer én Hoogkarspel. Het was een nieuwsfeit dat voor enorme mediabelangstelling zorgde. Op de kijkdagen die PWN organiseerde voor potentiële kopers kwamen veel geïnteresseerde West-Friezen af. De portemonnee hadden de meesten thuisgelaten, van kopen was geen sprake, van kijken des te meer. Sinds 1997 is de toren in particulier eigendom. De watertoren is van ver en dichtbij nog steeds goed zichtbaar, ook met de nieuwbouw rondom.

Tekst: Anita Blijdorp | Schrijfwerk!

Met dank aan: Archief NV PWN te Velserbroek Stichting Historisch Hoogkarspel-Westwoud

Bronnen:
De Vrije Westfries, 9 oktober 1931. PWN Wereld, jrg. 1981, nr. 4, pp. 2-3. H.P.G. de Boer (red.), Watertorens in Noord-Holland, 1991, uitgave van Provincie Noord-Holland. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, monumentnummer 495633 Nederlandse watertoren stichting

Watertoren Hoorn

Vóór 1931 kreeg oostelijk West-Friesland zijn kraanwater geleverd door de gemeentelijke waterleiding in Hoorn. Watertoren Hoorn is tussen 1913 en midden jaren zestig in gebruik geweest. Met een reservoir van ‘slechts’ 300 m3 kon deze toren midden jaren twintig niet meer voorzien in de groeiende waterbehoefte van West-Friesland. Deze watertoren was 40 meter hoog. In 1970 is de toren afgebroken.  Oude prentbriefkaarten met afbeeldingen zijn te zien op de website van de Nederlandse Watertoren Stichting.

Publicatiedatum: 20/02/2012