Purmerend saai? Stad toont creatief verleden

Waaraan denk je bij Purmerend? ‘Eentonige buurten.’ ‘Saai uit de kluiten gegroeid dorp.’ Zo luiden de reacties gewoonlijk. Saai? Stap het Purmerends Museum binnen en kijk welk prachtig sieraardewerk hier is gemaakt. Hier groeiden creatieve architecten op. Trek die denkbeeldige grauwsluier over de stad weg en je ziet zowaar een kasteel.

Purmerend heeft veel te danken aan de Stadstekenschool die in 1826 open ging. Wie aanleg had, kon er in de avonduren gratis lessen volgen in schilderen, meubels maken, ruimtelijk tekenen. Deze opleiding leverde creatief talent voor de fabrikanten van sieraardewerk. Op deze avondschool zaten jongens die internationaal beroemd zouden worden als architect of ontwerper. Bekende plaatsgenoten gaven er les.

Aan de Kaasmarkt vind je het Purmerends Museum, in het vroegere stadhuis. Ontworpen door Jan Stuyt (1869-1934). Tientallen rooms-katholieke kerken, kloosters, scholen in ons land komen van zijn tekentafel. Voor zijn geboortestad ontwierp Stuyt het stadhuis dat in 1911-1912 is verrezen. Zijn creatie is nu een Rijksmonument.

In het vroegere stadhuis van Purmerend aan de Kaasmarkt zetelt nu het Purmerends Museum. Foto: Jan Maarten Pekelharing.

Sieraardewerk

Binnen in het museum wacht een bijzondere collectie van Jugendstil sieraardewerk. Het stadje kende rond de vorige eeuwwisseling maar liefst vier plateelbakkerijen. Zoals die van weduwe Clementine Brantjes. Zij transformeerde na het overlijden van haar man, diens oventegelfabriek in een plateelbakkerij. Het voorgebakken aardewerk voorzagen de tientallen plateelschilders in het bedrijf van creatieve decoraties. Vooral bloemmotieven op een donkere ondergrond. Nadat de schilders het sieraardewerk hadden behandeld, moesten de vazen, serviezen e.d. opnieuw de oven in.

Het was werk van hoog artistiek niveau, want er gingen inzendingen naar de Wereldtentoonstelling (1900) in Parijs. Werk van de Purmerendse kunstenaar Hendrikus Dekkers, zoon van de smid, te zien in Parijs! Veel producten overigens vonden aftrek in het buitenland. De fabriek had met oog op de verkoop een monsterkamer ingericht aan de Prins Hendrikkade in Amsterdam.

Sieraardewerk. Foto en collectie Purmerends Museum.

Mysterieuze glans

Helaas, de fabriek van de weduwe Brantjes ging in 1904 failliet en werd overgenomen door plateelbakkerij Haga (1904-1907). Je ziet in het museum aardewerk uit deze fabriek dat dankzij een speciaal procedé een mysterieuze metaalglans heeft. Aardewerk van Haga is ook vaak te herkennen aan de strakke, geometrische decoraties.

Bovendien stond in de stad van 1903 tot 1906 een plateelbakkerij van de gebroeders Jb. Vet. En je had hier ook de ovens van de plateelbakkerij van de broers Huisenga (1906-1907). Zij hadden eveneens hun opleiding gekregen aan de Stadstekenschool.

De producten van alle vier de plateelbakkerijen bezitten een eigen stijl. Dankzij deze creaties groeide Purmerend rond de vorige eeuwwisseling uit tot een van de belangrijkste centra van Jugendstil sieraardewerk in ons land.

Sieraardewerk. Foto en collectie Purmerends Museum.

Plaquettes

Plaquettes van drie beroemde zonen van Purmerend zijn aangebracht op de muur naar het bordes van het vroegere stadhuis. Alle drie zijn architect. In de eerste plaats natuurlijk Jan Stuyt, indertijd de ontwerper van dit stadhuis in de stijl van de neorenaissance. En naast hem de ontwerper van revolutionaire woningbouw en ook de man die het nationaal monument op de Dam heeft ontworpen: de architect J.J.P. Oud (1890-1963). Derde in de rij is Mart Stam (1899-1986), zoon van de plaatselijke gemeente-ontvanger die na zijn opleiding tot meubelmaker aan de Stadstekenschool naam maakte als architect in de stijl van het Nieuwe Bouwen.

In het museum staat een stalen buizenstoel, zonder achterpoten, zoals Mart Stam heeft ontworpen voor zijn vrouw Lotte toen ze zwanger was. Deze stoel kon lekker veren. Maar ook heeft Mart Stam woonblokken ontworpen die kenmerkend zijn voor de periode van de ‘nieuwe zakelijkheid’. Gebouwen van zijn hand staan o.a. in het Siberische Magnitogorsk. Maar ook heeft hij drive-in woningen ontworpen die in Amsterdam zijn gebouwd. Mart Stam heeft jaren gewoond en gewerkt in (communistisch) Oost-Duitsland.

De Koemarkt in 1798, gesigneerd met H.F. Collectie Purmerends Museum.

Talent

In het Purmerends Museum is van alles te zien over deze architecten en hun werk. En over anderen, zoals Jac. Jongert (1883-1942), de boerenzoon uit de Wormer die schilder is geworden en die aandacht trok met zijn grafisch werk. Bij de Erven wed. Van Nelle in Rotterdam leidde hij de reclame-afdeling. Creatief talent heeft Purmerend dus zeker gehad.

En dat in een stadje dat sinds 1434 stadsrechten had gekregen en doordesemd was van handel. Alles draaide hier immers lange tijd om markten. Met dank aan Johan van Egmond, want hij verleende Purmerend in 1484 marktrechten. Een weekmarkt en twee jaarmarkten om precies te zijn. De jaarmarkten gingen gepaard met kermis en feesten; ze trokken van heinde en verre bezoekers. Op de weekmarkten kon je terecht voor levensmiddelen, gebruiksgoederen en vee. Veel vee.

De Koemarkt te Purmerend, 1978. Collectie Provinciale Atlas, Noord-Hollands Archief.

Markt

Beroemd werd de koemarkt, maar onderschat ook niet de omvang van de kaasmarkt. In 1868 kende Purmerend, na Alkmaar natuurlijk, de grootste kaasmarkt in het land. En wie kaas zei, dacht meteen aan boter en eieren. Ook die producten kwamen hier op de markt. Evenals paarden, schapen, varkens, pluimvee, groente.

Sommige markten zijn door de tijd ingehaald, andere zijn naar elders vertrokken. Na een grote mond-en-klauwzeer uitbraak kwam er begin deze eeuw een verbod op zo’n veemarkt in de open lucht. De handel werd verplaatst naar een grote overdekte hal met schone vloeren.

Maar wandel voor de aardigheid eens, na een bezoekje aan het museum, van de Kaasmarkt naar de Koemarkt, enkele minuten verderop. En stel je voor wat een tafereel het hier vroeger was. Met loeiende koeien, roepende en handje klappende mannen, café-personeel dat af en aan draafde. Je krijgt er een beeld van op een olieverf schilderij uit 1798 dat in het museum hangt.

Slot Purmersteyn, omstreeks 1725. Collectie Provinciale Atlas, Noord-Hollands Archief.

Paling

Nu we toch terug gaan in de tijd: er was een periode dat Purmerend ook een vismarkt kende. Op de meren rond de stad werd veel aal gevangen. Overzee, in Londen, stond de paling van hier goed bekend. Vissers brachten in schepen met open kielen hun vangst, levende aal in beunen, naar de Purmerendse visbank in Londen. Willem Eggert, toen Heer van Purmerend, zou in 1416 met graaf Willem VI naar Londen zijn gevaren. Wellicht om de aal te promoten.

Waarom deze paling zo bijzonder smaakte? Plaatselijke historici veronderstellen dat dit te maken had met het water in de meren rond de stad. Die stonden in open verbinding met de Zuiderzee waar brak water klotste: het zoute water van de Wadden- en Noordzee en het zoete water uit de rivier de IJssel.

In die tijd leefde men hier vooral van visserij. Eeuwen later, na de droogmaking van de Beemster, de Purmer en de Wormer, kreeg het gebied rond Purmerend een agrarische bestemming. En het stadje dat hier tussen de meren lag, groeide uit tot het centrum voor de hele streek. Vandaar al de markten die hier werden gehouden.

Purmersteijn, geschilderd door J. van Kessel in 1664. Collectie Purmerends Museum.

Kasteel

Willem Eggert (ongeveer 1360-1417) heeft het slot Purmersteijn laten bouwen op een strategische plek: waar de weg van Amsterdam naar Hoorn de rivier de Where kruiste. Een schilderij van J. van Kessel laat ons zien wat voor een indrukwekkend kasteel dat in 1664 nog was. Op het doek ontbreekt een toren. Terecht, want die toren is in 1648 ingestort tijdens het vuren van kanonnen om te vieren dat de Vrede van Münster net was gesloten, waarmee een eind kwam aan de Tachtigjarige Oorlog. In het midden van de 18e eeuw is het in verval geraakte kasteel gesloopt.

Purmerend mag in de ogen van velen zijn uitgegroeid tot wat kleurloze forensenstad van Amsterdam, het museum laat zien hoe creatief en levendig dit markstadje is geweest. En dan nog met een eigen kasteel ook!

Tekst: Jan Maarten Pekelharing

Het Purmerends Museum bevindt zich aan de Kaasmarkt 20 te Purmerend. Kijk voor meer info over openingstijden en actuele exposities op www.purmerendsmuseum.nl.

Publicatiedatum: 02/12/2019