Prinsengracht 562

Prinsengracht 562 is herbouwd door 'de monumentenredder van de jaren zestig en zeventig', Geurt Brinkgreve. Ondanks zijn lovende bijnaam was niet iedereen het eens met de restauratie.

De ‘monumentenredder’

Prinsengracht 562 had tot 1971 een gevel uit ca. 1920 bestaande uit een pleisterlaag op steengaas met latten, versterkt door ijzeren balken. Daarachter bleek echter nog het 18de-eeuwse woonhuis (bouwmuren en balklagen) te staan. Gekozen werd voor de reconstructie van de 18de-eeuwse gevel op basis van de bestaande verdiepingshoogten en balklagen. Daarbij werd gebruik gemaakt van een top uit circa 1750 afkomstig van de Nieuwendijk, een in 1963 voor de nieuwbouw van C & A gesloopt huis. Het is een zeer sierlijke top in Lodewijk XV-stijl die precies bleek te passen op dit pand. De restauratie/herbouw is vakkundig uitgevoerd door Geurt Brinkgreve, de monumentenredder van de jaren zestig en zeventig. Het pand ernaast, het hoekhuis Prinsengracht 564, werd gelijktijdig aangepakt.

Prinsengracht 564 en 562

Foto: W. Schoonenberg / Digitaal Grachtenhuis

Prinsengracht 564 en 562Prinsengracht 564 en 562

De restauratie werd bekritiseerd

De eigenaar, de Stichting Aristoteles, was één van de vele door Geurt Brinkgreve opgerichte restaurerende instellingen die een gezamenlijk secretariaat hadden in het Aalsmeerder Veerhuis. De terugrestauratie naar een oudere toestand werd door Paul Spies in het Grachtenboek (1991) bekritiseerd: “De Amsterdamse binnenstad krijgt door de vele ‘terugrestauraties’ een tamelijk eenzijdig karakter, met keurig verzorgde of gereconstrueerde 17de- en 18de-eeuwse huisjes en een tanend bestand aan latere architectuur. In veel gevallen zou een zorgvuldige conservering van alle vóór restauratie aangetroffen elementen, dus ook de 19de-eeuwse – in de ogen van velen verminkingen – een beter alternatief zijn dan het opnieuw aanbrengen van ‘originele’ elementen uit eerdere bouwperioden”. Immers, door de vele terugrestauraties is het “heel wat moeilijker geworden om echt oud van nieuw oud te onderscheiden”.

Prinsengracht 564 en 562 vóór restauratie

Foto: Bureau Monumenten & Archeologie

Prinsengracht 564 en 562 vóór restauratiePrinsengracht 564 en 562 vóór restauratie

Brinkgreves reactie

Geurt Brinkgreve verdedigde zich in een artikel in Binnenstad als volgt: “De gevel was een criant lelijk knoeiwerkje uit circa 1920, bestaande uit glas, cementpleister en steengaas op grotendeels verrotte latten, goedkoper kon het niet. Nader onderzoek wees uit, dat de bouwmuren en de balklagen gaaf 18de-eeuws waren. Die balklagen gaven de hoogten aan voor de nieuwe gevel in een 18de-eeuwse trant, gedekt door een sierlijke klokbekroning van een kort tevoren op de Nieuwendijk gesloopt pand. Voorwaarde bij die sloopvergunning was geweest dat de gevelbekroning elders op een goed zichtbare plek zou worden herplaatst – wat dus gebeurd is. (…) Wat 20 jaar geleden een vervallen, verminkte hoek van de Prinsengracht was, staat er sinds de restauratie weer fris en vrolijk bij; geen ‘oude luister’, maar een goed verzorgde en bewoonde plek in het terecht beschermde stadsgezicht.”

Bouwgegevens

Gebouwtype: Woonhuis
Geveltype: Klokgevel
Bouwstijl: Lodewijk XV
Bouwjaar: 1755±, 1973

Monumentstatus: Onbekend

Meer informatie over dit grachtenpand is te vinden op de website van het Digitaal Grachtenhuis

Publicatiedatum: 21/03/2014