Oneindig Noord-HollandBeleef de geschiedenis van jouw provincie
NL | EN

Onbekende boerderijtypes ontdekt op oude kaarten

Amateurarcheoloog Mark van Raaij heeft op oude kaarten twee onbekende boerderijtypes in Kennemerland ontdekt: de Kennemer langhuisstolpboerderij en de berghuisboerderij. Aan Oneindig Noord-Holland legt hij uit hoe hij hier tijdens zijn onderzoek op stuitte en wat deze boerderijen zo bijzonder maakt.

Als hij aan een opgraving meedoet, wordt hij door zijn baard en brilletje nog wel eens voor de archeoloog van dienst aangezien, maar Mark van Raaij, die jarenlang als werktuigbouwkundig ingenieur werkte, is amateurarcheoloog. En lid van de historische vereniging in zijn woonplaats: Historisch Limmen. Door de opgravingen die hij georganiseerd heeft –  tegenwoordig gebeurt dat door professionele archeologen – en het historische onderzoek dat hij naar eeuwenoude boerderijtypes heeft gedaan, weet hij inmiddels aardig wat van historische boerderijen af.

De vierkante stolpboerderij komt in Noord-Holland tegenwoordig het meest voor. Stolp slaat op de vorm van de boerderij. De stolpboerderij is ontstaan omdat de boerderij om de hooiberg heen werd gebouwd, zodat er ruimte ontstond voor de stallen en het woongedeelte. Zo kreeg het dak de vorm van een tent of piramide. Van Raaij: “Een vierkante stolp is een hele compacte en goedkope manier van bouwen, omdat je alles onder één dak hebt.”

Afbeelding van een Kennemer langhuisstolp in Egmond aan zee. Prent van C.J. Visscher uit 1615-1618 (collectie Rijksmuseum). De prent is zeer gedetailleerd en geeft waarschijnlijk een getrouwe weergave van het dorp.

Limmen

De oudste resten van historische boerderijen dateren van rond 1560. Van de periode daarvoor weten we nog maar heel weinig, zo legt hij uit. Toen Van Raaij tussen 1992 en 1994 een opgraving bij de Zuidkerkenlaan in Limmen leidde (Limmen is één van de oudste dorpen van Kennemerland), stuitte hij op een onbekend boerderijtype. “Bij die opgraving vonden we resten van een boerderij, waarvan het oudste deel uit 1530-1560 stamt. We vonden de structuur van een schuur die vermoedelijk voor de opslag van graanstengels, hennep en vlas is gebruikt, omdat op de strandwal akkerbouw belangrijker was dan veeteelt.”

Tot de vijftiende eeuw werd het hooi, maar ook de oogst, buiten de boerderij opgeslagen in een mijt. Een mijt is een zorgvuldig opgestapelde hoop hooi, die ook wel schelf wordt genoemd. Langzamerhand ontstonden er hooibergen, zoals we die van de plaatjes kennen: vier balken of roeden, die het hooi bij elkaar houden, met daarboven een dak. In een latere fase werd  de hooiopslag aan de boerderij vastgemaakt, om uiteindelijk helemaal in de boerderij te worden opgenomen.

Model van een vierkante stolp, een van de in Noord-Holland meest voorkomende boerderijtypes.

Model van een langhuisstolp, zoals die in Kennemerland nog niet is opgegraven.

Stolpboerderij

“Eerst had je dus een hooi berg met vier palen en een dak zodat het hooi droog bleef,” vat Van Raaij de ontwikkeling samen. “Later werd van de hooiberg een schuur gemaakt, die uiteindelijk tegen de boerderij werd aangebouwd. Dat werd de basis van de stolpboerderij, want door de hooiopslag in de boerderij onder te brengen, kon de boer makkelijker het hooi naar het vee in de stal brengen. Dat scheelt een hoop heen en weer geloop.”

Vanaf 1550 neemt het aantal koeien toe. De Gouden Eeuw breekt aan en de steden gaan groeien, waardoor de behoefte aan melk en kaas toeneemt. Die zuivel wordt vooral door boerderijen in de regio Alkmaar en Hoorn gemaakt.

Berghuistype genaamd ‘De Worsteltent’ bij Den Burg op Texel. De boerderij is inmiddels ingrijpend tot restaurant verbouwd.

Oude kaarten

Hoe de stolpboerderij aan zijn vierkante vorm is gekomen, weten we dus wel, maar toen Van Raaij meewerkte aan die opgraving aan de Zuidkerkenlaan in Limmen, trof hij daar de structuur aan van een boerderij die hij niet thuis kon brengen. Dat bracht hem op het idee om oude kaarten te gaan bestuderen. En zo ontdekte hij twee oude boerderijtypes, die ooit in de kuststreek van Kennemerland moeten hebben gestaan, types die nog niet eerder bekend waren, simpelweg “omdat ze nog niet opgegraven zijn.”

In archieven zijn kaarten te vinden van 1560 tot 1700. “Ik had het meest aan oude landmeterskaarten. Die zijn niet gemaakt om boerderijen af te beelden, maar om bezit vast te leggen, met name van zorginstellingen als gasthuizen en weeshuizen. Die percelen werden vaak omgeven door sloten, boerderijen en kerken, zodat je hun positie kon bepalen. De omliggende boerderijen werden dus ook afgebeeld en daar had ik wat aan.”

Kerk en omgeving van Limmen, 1744. Vervaardiger: H. de Winter (1717-1790). Noord-Hollands Archief, Collectie van prenten en tekeningen van de Provinciale Atlas Noord-Holland, Inventarisnummer 6502.

Argwanend

Hij weet ook wel waarom landkaarten nauwelijks gebruikt zijn voor historisch boerderijonderzoek. “Sommige archeologen staan argwanend tegenover het gebruik van oude kaarten, omdat je niet meer kunt nagaan of ze kloppen. De meeste gebouwen zijn er namelijk niet meer. Vandaar dat ik vooral landmeterskaarten heb gebruikt waarop veel details zijn weergegeven, zoals deuren en schoorstenen. Ik heb dus zelf criteria ontwikkeld om te beoordelen of een kaart betrouwbaar is.”

Door dat kaartonderzoek ‘ontdekte’ Van Raaij twee boerderijtypes die vòòr 1550 in Kennemerland moeten zijn voorgekomen: de Kennemer langhuisstolpboerderij (langhuis staat voor rechthoekige boerderij-AvS) en de berghuisboerderij. “De term berghuisboerderij heb ik niet verzonnen, die komt bij Uilkema vandaan. (Uilkema onderzocht historische boerderijen (Avs) ). Berghuis staat voor berging of schuur die vlak achter de boerderij ligt. Ik vermoed dat die werd gebruikt voor het opslaan van graan, vlas en hennep. Van graan werd uiteindelijk brood gemaakt, van hennep maakten ze touw en van vlas werd linnen gemaakt. Maar toen de steden opkwamen, gingen veel boerderijen die graan verbouwden over op veeteelt. Dat kwam ook doordat door graanimport de prijs van het graan daalde. Zo ontstonden langhuisstolpboerderijen, met een hooiberg voor het vee.”

Mark van Raaij ging oude kaarten bestuderen, nadat hij bij een opgraving in Limmen een onbekend boerderijtype aantrof. Foto: Arnoud van Soest

Westfriese boerderijen

Die twee boerderijtypes, zo luidt zijn theorie, hebben uiteindelijk in de kuststreek weer plaatsgemaakt voor de Westfriese langhuisstolp en de vierkante stolpboederij, die veel voorkomt in het gebied tussen Alkmaar en Enkhuizen. Hij vermoedt ook waarom: de Kennemer langhuisstolp had geen grote darsdeuren, waar je met een kar met hooi naar binnen kon rijden. Westfriese boerderijen, die na 1600 in droogmakerijen als de Zijpepolder, de Wieringerwaard en de Beemster werden gebouwd, vaak in opdracht van stedelijke grondeigenaren, hadden wel zo’n darsdeur. “Dat was natuurlijk veel praktischer.”

Van de twee boerderijtypes die Van Raaij op kaarten ontdekte, bleek de berghuisboerderij overeen te komen met het type dat hij destijds zelf aan de Zuidkerkenlaan in Limmen heeft opgegraven. De Kennemer langhuisstolp is echter nog niet opgegraven, maar wat niet is, kan nog komen. Met Van Raaijs onderzoek hebben de archeologen in ieder geval weer wat houvast.

Een samenvatting van Van Raaijs onderzoek is terug te vinden in hoofdstuk 3 van het onlangs gepubliceerde rapport ‘Wonen aan het Witsmeer’. In dit rapport worden de resultaten beschreven van een opgraving, die tussen 2015 en 2017 plaatsvond naast de Provincialeweg N241 bij het buurtschapje Zijdewind, ten zuiden van Schagen. Daar heeft vanaf het begin van de zestiende eeuw een zogenaamde langhuisboerderij gestaan, waar weinig bewaard van is gebleven. In 1850 werd deze boerderij vervangen door een vierkante stolpboerderij, die in 2016 moest wijken voor de aanleg van de ventweg.

Het rapport is hier te downloaden, maar er kan ook een gedrukt exemplaar worden besteld (25 euro plus verzendkosten) bij Huis van Hilde.

Auteur: Arnoud van Soest

Publicatiedatum: 21/03/2024

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.