Noordkop: Engels-Russische invasie

In 1811 bezocht de Franse keizer Napoleon Bonaparte Den Helder. Hij wilde met eigen ogen bekijken hoe een oorlogshaven in Den Helder gemaakt kon worden. De noodzaak van goede vestingwerken was pijnlijk duidelijk geworden in 1799. Engels-Russische troepen vielen toen gemakkelijk Noord-Holland binnen. Met ingrijpende gevolgen.

Voorgeschiedenis invasie

De Franse Revolutie van 1789 verspreidde zich in de jaren erna als een olievlek. De invloed van Franse revolutionairen in Europa groeide enorm aan het eind van de 18e eeuw. Met steun van het Franse leger riepen Nederlandse revolutionairen in 1795 de Bataafse Republiek uit. Stadhouder Willem V van Oranje vluchtte naar Engeland. De Republiek bleef formeel onafhankelijk, maar in werkelijkheid gebeurde er weinig zonder toestemming of aandringen van de Fransen.

De groeiende invloed van de Franse revolutionairen was de andere Europese mogendheden een doorn in het oog. De Engelsen en Russen besloten de Republiek aan te vallen. Ze hadden daarbij twee doelen. Ten eerste wilden ze de Bataafse oorlogsvloot bij Den Helder uitschakelen. Zo kon deze niet gebruikt worden voor een Franse invasie in Groot-Brittannië. Ten tweede wilden ze Amsterdam veroveren om zo een Nederlandse opstand tegen de Fransen te ontketenen. Ze hoopten de Bataafse Republiek ten val te kunnen brengen en het Huis Oranje-Nassau weer te kunnen herstellen.

1799: Engels-Russische invasie

26 augustus 1799 was het begin van een korte, maar zeer bloedige oorlog. Op die dag vielen de Engelsen de kop van Noord-Holland binnen. Zo’n 200 Engelse oorlogs- en troepentransportschepen landden tussen Huisduinen en Groote Keeten. De invasie ging heel makkelijk, omdat er ten zuiden van Den Helder geen goede verdedigingswerken bestonden. Binnen drie uur stonden er 7000 soldaten op het strand. De Bataafse (Hollandse) troepen van generaal Daendels konden daar weinig tegen doen. Het drassige gebied maakte een geordende tegenoperatie onmogelijk. De Hollanders verloren op die eerste dag 1400 man aan doden, gewonden en krijgsgevangenen. Ze moesten zich terugtrekken.

HET LANDEN Der ENGELSCHE, tusschen PETTE en CALLANTSOOG, op den 27 Augustus des Jaars 1799.

‘Het landen der Engelsche, tusschen Pette en Callantsoog, op den 27 Augustus des Jaars 1799.’

Gevolgen Engels-Russische invasie

De oorlog van 1799 heeft de meeste geschiedenisboeken op school nooit gehaald. Voor de inwoners van Noord-Holland is het echter een heel ingrijpende gebeurtenis geweest. In totaal hebben zo’n 80.000 man meegevochten. Al snel na de landing op 26 augustus versterkten Russische regimenten de Engelsen. Op het hoogtepunt van hun succes hadden de Engels-Russische troepen heel Noord-Holland ten noorden van de lijn Egmond-Alkmaar-Hoorn in handen.

Er werd verbitterd gevochten: op 10 september bij Krabbendam, 19 september bij Bergen, 2 oktober bij Alkmaar en 6 oktober bij Castricum. Aan beide kanten vielen veel doden. Om soldaten te vervoeren, vorderden de legers paarden, wagens, voerlieden, schuiten en schuitvoerders. Mannelijke inwoners moesten loopgraven, wegen en bruggen herstellen. Kerken en scholen werden ingericht als paardenstal of hospitaal. Burgers moesten onderdak en voedsel bieden aan militairen.

De soldaten richtten ook veel schade aan. De bevoorrading van de troepen was slecht. Daarom plunderden de soldaten dorpen en stadjes. Tijdens de veldslagen vertrapten ze akkers. Al het hooi werd gestolen om de militaire paarden te voeren. Door de oorlog kon er geen brandstof aangevoerd worden. In de koude herfst van 1799 werd daarom alles van hout gesloopt en verstookt. In 1799 noteerde de dominee van Callantsoog: “Na herhaalde gevechten in ons dorp lagen hier gedurende 10 à 11 weken 700 Engelse dragonders plus hun paarden. De kerk is als stal gebruikt en heeft veel schade. Al het hout, inclusief de preekstoel, is uit de kerk gesloopt.”

Engelsen en Russen trekken zich terug

De laatste slag bij Castricum leverde een overwinning op voor de Bataafs-Franse legers. Hierna besloten de Engelsen en Russen de strijd op te geven. De verwachte steun voor Oranje onder de Nederlanders bleek zwaar tegen te vallen. De Engels-Russische troepen wisten Amsterdam niet te bereiken. De Bataafse Republiek viel dus niet zo makkelijk omver. De Russen en Engelsen besloten de strijd te staken. In ieder geval hadden ze wel een aantal Bataafse oorlogsschepen buit weten te maken.

Een paar dagen later werd een verdrag gesloten. De Engels-Russische troepen kregen een vrije aftocht. Op 19 november 1799 verlieten de laatste militairen de Noordkop. Het noorden van Noord-Holland kon zijn oorlogswonden gaan likken. De nederlaag was een grote teleurstelling voor Willem V. Hij zou nooit meer stadhouder worden en stierf in 1806 in Duitsland. Pas in november 1813, nadat Napoleons veldtocht naar Rusland was mislukt, kon zijn oudste zoon terugkeren. In 1814 werd hij ingehuldigd als koning Willem I van Nederland.

Herinneringen aan Engels-Russische invasie

Verschillende plekken in het landschap herinneren nog aan de Engels-Russische invasie. Zowel in de Noordkop als in andere Noord-Hollandse regio’s. In het Huis met de Kogel in Castricum is een kanonskogel te zien die daar tijdens de veldslag in de muur is ingeslagen. In Bergen zijn bij het monument op de Russenweg 500 Russische soldaten begraven. Ter hoogte van het Russenduin zouden er zelfs 3000 liggen. Ook de vele kogelgaten in de Bergse Ruïnekerk herinneren nog aan de felle strijd die daar op 19 september is gevoerd.

Publicatiedatum: 26/11/2010

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.