‘Fileer gevaarlijke vreemdelingen’

Werkelijk alles haalde de Amsterdamse politie uit de kast om de veiligheid bij de inhuldiging van koningin Wilhelmina op 6 september 1898 te garanderen. Met succes. Pas een week later verschenen de sensatieberichten in de pers: kort tevoren zou een aanslag op haar zijn gepleegd door een Engelse anarchist! Enkele dagen vóór haar inhuldiging als vorstin reed Koningin Wilhelmina in gezelschap van drie hofdames en een knecht per rijtuig van paleis Soestdijk naar het spoorwegstation te Baarn. Plotseling sprong vanachter een boom een man tevoorschijn met een vuurwapen in zijn hand. Hij richtte en vuurde drie kogels af. Wilhelmina bleef ongedeerd, een hofdame werd geraakt. “Mijn volk moet dien aanslag niet vernemen, want hierdoor zouden de kroningsfeesten bedorven zijn”, waren haar eerste woorden na het gebeuren. De dader werd ingerekend, naar eigen zeggen was hij een Engelse anarchist. 

n

Onderstaand artikel is in uitgebreidere vorm gepubliceerd in het april nummer van Ons Amsterdam:

Aanslag op de aanstaande vorstin

Zó stond het tenminste een dikke week na de inhuldiging in een aantal buitenlandse kranten. Nederlandse bladen als De Tijd en de Tilburgsche Courant namen de berichten over, maar schreven er meteen bij dat “natuurlijk” van dit “gansche verhaal” geen woord waar was. De buitenlandse bladen zouden ermee “de kroon zetten” op alle dwaze berichten die al over Nederland waren verschenen rondom de inhuldiging. Intussen was het geen toeval dat dergelijke sensatieverhalen in die dagen de ronde deden. Want ook als die aanslag een verzinsel is geweest, blijft het feit dat Wilhelmina werd bedreigd. Op de dag vóór haar inhuldiging, werden bij het paleis op de Dam dreigbrieven bezorgd, met de mededeling dat er dertig doodskisten klaarstonden voor haar en haar gevolg.

Inhuldiging van koningin Wilhelmina

Een haag van politieagenten houdt de menigte op een afstand tijdens de feestelijke rijtoer van koningin Wilhelmina door de stad. De mannen staan om de anderhalve meter geposteerd. Hier passeert de stoet de Steenhouwersbrug over de Leidsegracht bij de Keizersgracht.
Bron: Stadsarchief Amsterdam.
http://beeldbank.amsterdam.nl/afbeelding/010162000024

Inhuldiging van koningin WilhelminaInhuldiging van koningin Wilhelmina

Geen geweld

Welke veiligheidsmaatregelen werden er eigenlijk genomen? Niet alleen om het gepeupel op de grote dag in toom te houden, maar vooral: hoe hield men de anarchisten buiten de deur? Een geheime dienst bestond destijds nog niet en dus kwam alles neer op de schouders van de Amsterdamse politie. Meer bepaald van Bureau Groote Recherche, sinds 1883 geleid door hoofdinspecteur Christiaan Batelt, Amsterdams eigen ‘veiligheidsdienst’.
Wat het gewone volk betrof, hoofdcommissaris van politie Jacob Franken wist vooral wat hij niet moest doen: erop los slaan. “Het gebruik maken van de wapenen, tegen een volksmenigte die feest viert, is bijna immer een bewijs, dat er ernstige fouten door de Politie zijn gemaakt, fouten die naderhand aanleiding geven tot nauwkeurige en minder aangename onderzoeken…” Met een bedaardheid die flinkheid niet uitsloot kon naar zijn overtuiging meer bereikt worden dan met stok of sabel, meende Franken.

Politiebureau Raampoort

Politiebureau Raampoort, versierd ter gelegenheid van de inhuldiging van Koningin Wilhelmina.
Bron: Stadsarchief Amsterdam. Link: http://beeldbank.amsterdam.nl/afbeelding/010003015757

Politiebureau RaampoortPolitiebureau Raampoort

De lange lat erover

De Amsterdamse politie had een heel ándere reputatie. Het recept van Frankens voorganger Pieter Steenkamp was simpel: bij de minste aanleiding hardhandig optreden. Zoals tijdens het bezoek in 1891 van de Duitse keizer Wilhelm I aan Amsterdam. Terwijl het militaire defilé al was begonnen, stond de Dam nog vol mensen. Vergeten te ontruimen. Dus: de lange lat erover – primaire reactie. Toen keizer en echtgenote in gezelschap van Emma en Wilhelmina op het balkon verschenen, zagen ze beneden op het plein een massale vechtpartij tussen Amsterdammers en politieagenten. Zoiets mocht niet weer gebeuren.
Maar op de generale repetitie van de inhuldiging – de verjaardag van Wilhelmina op 31 augustus 1898 – ging het al onbegrijpelijk mis. De Amsterdammers vierden het feestje uitbundig, rond de draaiorgels werd wild gehost. Iets te wild, vonden politieagenten. Ze ranselden er volgens het socialistische Volksdagblad lustig op los. Tot groot plezier van de redactie: dan voelden die Oranjeklanten ook eens wat socialisten in het algemeen en werkstakers in het bijzonder al zo vaak hadden moeten voelen!

Dam tijdens de inhuldiging van Wilhelmina in 1898

Bron: Stadsarchief Amsterdam. Link: http://beeldbank.amsterdam.nl/afbeelding/010003002947

Dam tijdens de inhuldiging van Wilhelmina in 1898Dam tijdens de inhuldiging van Wilhelmina in 1898

Buitenlandse hulp

Nee, het echte gevaar kwam van individuele anarchisten. De mannen van Bureau Groote Recherche hielden in ieder geval alle buitenlandse en binnenlandse anarchisten scherp in de gaten. Amsterdammers als ene Poerstamper, maar ook de Italiaan Luigi Lucheni. De politie had zelfs een foto van deze beruchte Italiaanse anarchist. De wereld zou nog van hem horen…
De hoofdcommissaris was persoonlijk naar verschillende Europese steden gereisd, onder meer Sint Petersburg, Berlijn en Londen. Een van de afspraken waarmee hij thuiskwam was dat de politiekorpsen van deze steden rechercheurs zouden sturen: die kenden hun eigen anarchisten tenslotte van gezicht. Elke buitenlandse rechercheur kreeg een Amsterdamse diender als stadsgids mee. Ook uit Nederlandse steden kwamen rechercheurs assisteren. Zij kregen een stadsplattegrond waarop de 48 politiebureaus en hulpposten stonden aangegeven. Ook kregen ze een legitimatiebewijs, een gummistok en tien tramkaartjes.

Lange lijst dienstorders

Het toezicht “zoo op vreemdelingen als gevaarlijke landgenooten” moest zo streng mogelijk gehouden. Grote en kleine logementen, slaapsteden en particuliere woningen waarvan kamers werden verhuurd, werden “veelvuldig en streng” geïnspecteerd. Vooral in de laatste dagen voor de feestelijkheden moest dit “onvermoeid en voortdurend” plaatshebben. “Het ligt toch voor de hand dat personen die met minder goede voornemens zich naar deze gemeente begeven, kort voor den aanvang der feestelijkheden zullen arriveeren.”Recherchebaas Batelt gaf de volgende dienstorders:
* De drie treinstations en de aankomstplaatsen der stoomboten moesten voortdurend bewaakt worden;
* “Wanneer een vreemdeling ontdekt wordt, die, om welke reden ook, gevaarlijk is, zoo behoort deze door twee beambten gefileerd te worden”; * Het was niet heel erg als verdachten zouden bemerken dat ze gevolgd werden. Integendeel: “volge men hem zoo nabij mogelijk, zoodat hij merkt dat hij streng besurveilleerd wordt…”; * “Hetzelfde toezicht zal gehouden worden op bepaald gevaarlijke ontslagen gevangenen die hier worden aangetroffen en op ontslagen krankzinnigen”;
* Let op journalisten. Wees steeds voorkomend tegenover “heeren tot de pers behoorende” – maar overtuig je eerst of het wel journalisten zijn. En vergeet de fotografen niet, want wat die lui onder hun zwarte doeken deden was zelden helder…

Sultan bij de inhuldiging van Koningin Wilhelmina

De Sultan van Siak (r.achter), de Prins van Solo (r.voor), en de Controleur 1eklasse A. van Senden (l.), op bezoek t.g.v. de inhuldiging van Koningin Wilhelmina. Gezien vanuit het Victoria Hotel naar de achtergevels van de Warmoesstraat. Foto door Jacob Olie.
Bron: Stadsarchief Amsterdam. Link: http://beeldbank.amsterdam.nl/afbeelding/10019A000114

Sultan bij de inhuldiging van Koningin WilhelminaSultan bij de inhuldiging van Koningin Wilhelmina

Dronken Amsterdammers

Maar er gebeurde niets, helemaal niets. “Geen enkele oproerkraaier deed zich in 1898 zien of horen”, schreef Cees Fasseur in zijn biografie van Wilhelmina. “Nergens op de route lieten de gevreesde socialisten zich zien.” Het enige wat niet in het draaiboek stond, was dat de chef van het militaire huis van de koningin van zijn paard viel en in een café moest worden opgelapt. Zelfs het weer was goed. Volgens de hofdames hadden de Amsterdammers zich zelden zo fatsoenlijk gedragen. En het protest van de SDAP bleef beperkt tot het uitgeven van een brochure waarin met “grotere stelligheid dan waarheidsliefde” (Fasseur) werd beweerd dat het Nederlandse volks niets aan het Huis van Oranje te danken had.

Alleen Wilhelmina had iets te mopperen: ze had zich ernstig gestoord aan al die ‘talloze’ dronken Amsterdammers op de Dam.

 

Tekst: Eric Slot

Publicatiedatum: 23/04/2013

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.