Den Helder: Het gevoel ‘ik kan de hele wereld aan’

Dit is een verhaal van het Verhalenpaviljoen, een initiatief van de kustgemeenten en Provincie Noord-Holland. In de zomer van 2010 en 2011 ging het Verhalenpaviljoen in verschillende kustplaatsen op zoek naar de lokale identiteit. Dit heeft geresulteerd in tientallen prachtige persoonlijke verhalen van bewoners, bezoekers en ondernemers uit Den Helder, Bergen, Zandvoort, IJmuiden, Wijk aan Zee, Castricum en Callantsoog. Verhalen over vroeger en nu, over de zee, het strand, de samenleving, monumenten en gebouwen. Hier lees je een van deze bijzondere verhalen, die het karakter van de kustplaatsen versterken en onze kust aantrekkelijker maken voor bewoners, ondernemers en bezoekers.

Pauline Handgraaf-Blok.

Na de middelbare school besloot ze in de voetsporen van haar vader te treden. Marineofficier Pauline Handgraaf-Blok: “Als ik zes maanden ben weggeweest, ben ik blij als ik de Lange Jaap weer zie. Dat is gewoon een ding als je weet dat je naar huis gaat: je zit al heel lang af te wachten tot je in de buurt van Den Helder komt. En dan zie je uiteindelijk die Lange Jaap en dan weet je dat je bijna thuis bent. Dat is het mooie aan Den Helder.”

Kloppend hart

“Elf jaar werk ik nu bij de Koninklijke Marine. De nieuwe haven in Den Helder is het kloppende hart van de marine. Hier ligt Hare Majesteit Rotterdam, daar heb ik een half jaar op meegevaren toen ik nog in opleiding zat op het Koninklijk Instituut voor de Marine.”

Meer dan maritiem

“Ik zat op de middelbare school in Den Helder. Tot 5 vwo wilde ik dierenarts worden, maar in de vijfde bleef ik zitten omdat natuurkunde, scheikunde en wiskunde B niet mijn vakken waren. Daarna wilde ik graag management, economie en recht gaan studeren. Ik kwam erachter dat ze dat op het Koninklijk Instituut van de Marine meer vakken geven dan militair en maritiem. Mijn vader zit ook bij de marine, dus dat maakt de link kort. En ik dacht: ik kan altijd gaan solliciteren en kijken of ik er bij kan komen.”

Gevoel van vrijheid

“In de opleiding heb ik veel gevaren. We zijn naar Duitsland geweest, Polen, Engeland, Spanje. Een groot gedeelte van Europa heb ik wel gezien. Daarna heb ik gevaren in functie op Hare Majesteit Tjerk Hiddes, daar heb ik anderhalf gezeten. Het leukste is het varen. Dat is het aller-leukste. En dat je elke twee, drie jaar van baan wisselt. Dat is leuk. Maar het varen, dat is… als je daar op de brug staat en je kijkt over die zee uit: het is gewoon gaaf. Het geeft een gevoel van vrijheid, gevoel van ‘ik kan de hele wereld aan’. En je ziet veel, dat is een mooie ervaring.”

Uniform aan

“De meeste mensen waar ik mee omga zijn mannen. Dat zijn gelijk goede vrienden omdat je zo dicht blij elkaar leeft en werkt. Dat versterkt snel een band. Daar houd je goede, leuke contacten aan over. Ik had al een beeld van de marine, het was verder niet vreemd voor me. Ik ging elk jaar wel bij de vlootdagen kijken. En klasgenootjes zaten al bij de marine. Of andere kennissen en bekenden. Maar om het uniform zelf aan te hebben is een andere dimensie. Het betekent: je hoort nu bij een gedeelte van Den Helder waar het om bekend staat. Dat is wel apart.”

Grotemannenwereld

“Mijn vader was veel weg. Uiteindelijk heeft hij een soort alternatieve loopbaan gehad. Hij was niet, zoals het beeld van een standaard marineman, alleen maar weg. Hij was bij mijn opvoeding betrokken. Dat was bij ons thuis anders. Ik denk dat het in het begin wel een hele schok voor mijn vader was. Zijn dochter in een grotemannenwereld. Maar hij is zeker trots en hij ziet dat ik me staande kan houden. Dat doet hem goed.”

Publicatiedatum: 22/12/2010

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.