Alkmaarders en hun huisvuil…

Scheiden van afval doen we tegenwoordig zelf. Vroeger was dat anders. Tot ver na de Tweede Wereldoorlog kwamen er overal  “mannetjes”  langs de deuren die geïnteresseerd waren in bepaalde soorten afval.  Wie kent niet van vroeger de voddenboer en de schillenboer? Deze beroepen zijn echter, mede door de Alkmaarse uitvinding van de kliko’s, uit het straatbeeld verdwenen.

Schillen

De Alkmaarse schillenboer Lau Stuyfbergen kwam veel onder de mensen, dus iedereen kende hem en hij kende iedereen. Rond 1900 was hij grafdelver en klokkenluider op de rooms-katholieke begraafplaats Sint Barbara. Omdat hij daarvan alleen niet kon rondkomen, had hij een stukje land waar hij varkens en koeien hield. Om aan voer voor zijn beesten te komen had hij een schillenwijk. Lau was een slimme man. Hij gaf kinderen twee cent, als zij ervoor zouden zorgen dat hun moeder de schillen en het groenteafval voor hem bewaarde. Meestal rond etenstijd kwam hij, al roepend “schiiiiiille!!”, met zijn handkar door de straten.

Tot in de jaren tachtig kwam de Egmondse schillenboer Van der Pol met zijn paard en wagen door de straten.

Paard voor schillenboer Swinkels

Een andere bekende schillenboer in Alkmaar was M. Swinkels. Eind 1949 overleed zijn paard aan een mysterieuze infectie. Hij kocht een nieuw paard, maar ook dit overleed zes weken later – nog vóórdat hij het had afbetaald – aan dezelfde infectie. Swinkels was ten einde raad, want nóg een nieuw paard kon hij zich niet veroorloven. Een paard was voor hem noodzakelijk om de kost te kunnen verdienen voor zijn gezin. Er werd daarom een inzameling gehouden. Rond de kerstdagen zouden de Alkmaarders toch wel extra vrijgevig zijn?

Op 30 december meldde de krant dat er 44 gulden en 50 cent was opgehaald; zelfs in 1949 wellicht nét genoeg voor een houten hobbelpaard… Kennelijk schaamden de Alkmaarders zich toch een beetje voor dit schamele bedrag, want een week later waren de ingezamelde gelden al meer dan vertienvoudigd. Hiermee kon Swinkels een nieuw paard kopen en zelfs zijn schulden aflossen.

Vuilniszak

Wat er aan huisvuil overbleef nadat de voddenboeren en de schillenboeren langs waren geweest, ging in de bekende zinken vuilnisemmers. In de jaren zestig werden deze vervangen door containers en ook de plastic vuilniszakken deden hun intrede. De capaciteit van de vuilniszakken en de containers was groter en ze waren veel hygiënischer. Toch was niet iedereen hier blij mee.

De Alkmaarse ondernemer C. Willemsen had namelijk met zijn zoons een schoonmaakbedrijf voor de zinken vuilnisemmers. Hiermee had hij jarenlang een goede boterham kunnen verdienen. De komst van de vuilniszak betekende voor hem het einde van zijn bedrijf. Om hem tegemoet te komen wilde de gemeenteraad de verkoop van de plastic vuilniszakken via Willemsen laten verlopen, maar helaas zat er voor Willemsen weinig anders op dan zich te gaan richten op het schoonmaken van trappenhuizen en urinoirs…

Pand van Koster & Van Batenburg op Luttik Oudorp 76 (nu nr. 82) in 1945. Beeld: Regionaal Archief Alkmaar.

De vuilniswagen uit Alkmaar

Toch was er een Alkmaarse firma die wel geld wist te verdienen met het inzamelen van huisvuil: vuilniswagenfabriek Koster & Van Batenburg. De oorsprong van de Hoornse firma Koster ligt in de zeventiende eeuw, toen het bedrijf touwladders en zeilen maakte voor de V.O.C. In 1848 verhuisde Koster naar het Luttik Oudorp in Alkmaar, waar de firma was gevestigd tegenover concurrent Van Batenburg. Toen deze kwam te overlijden, kon Koster de zaak overnemen, op voorwaarde dat de naam Van Batenburg in de bedrijfsnaam zou blijven voortbestaan.

Vanaf de jaren twintig ging het bedrijf, met steun van een grote Duitse fabriek, over op de fabricage van vuilniswagens. De ontwikkeling hiervan verliep in eerste instantie moeizaam. Halverwege de jaren vijftig kwam het bedrijf met een primeur: de eerste vuilniswagen met roterende trommel in Nederland. Deze werd verkocht aan de gemeente Heiloo. Dit was een succes, want een paar jaar later reden er al meer dan tweehonderd vuilniswagens van Koster & Van Batenburg rond in Nederland.

Nieuwe kliko’s voor de hele straat! De grijze huisvuilcontainers en de groene bio-containers voor gft-afval, omstreeks eind jaren tachtig.

De kliko

Ook ontwikkelde Koster met compagnon Klinkenberg de grijze kunststof huisvuilcontainers, die we vandaag de dag nog kennen onder de naam kliko. Deze naam is dus niets anders dan een samentrekking van de namen van Klinkenberg en Koster.

In de jaren tachtig verschenen eveneens de groene containers voor het groente-, fruit- en tuinafval. Mensen gingen zelf hun afval scheiden, wat het definitieve einde betekende voor Zuurbier en Van der Pol, de laatste schillenboeren van respectievelijk Alkmaar en Egmond a/d Hoef.

Auteur: Sander Wegereef

Publicatiedatum: 18/08/2011