Albert Heijn te Oostzaan/Zaandam

Het is nauwelijks voor te stellen dat het reusachtige Ahold-concern, een van de grootste ondernemingen van Nederland, is voortgekomen uit een Oostzaans kruidenierswinkeltje dat de 21-jarige Albert Heijn in 1887 overnam van zijn ouders. Een winkeltje met een vloeroppervlakte van niet meer dan twaalf vierkante meter.

Het museumwinkeltje van Albert Heijn op de Zaanse Schans te Zaandam is overigens niet het oorspronkelijke pandje uit de Oostzaanse Kerkbuurt waar het allemaal mee begon. Het winkeltje op de Zaanse Schans is een reconstructie, opgebouwd uit twee verschillende houten pandjes: de winkel stamt uit 1850 en is afkomstig van de Oostzijde te Zaandam en was oorspronkelijk een filiaaltje van de Coöperatieve Verbruiksvereniging Zaanstreek. Het woonhuis achter de winkel dateert uit 1750 en komt uit Westzaan.

Eerste winkeltje van Albert Heijn in Oostzaan, opname jaren ’20

Eerste winkeltje van Albert Heijn in Oostzaan, opname jaren '20Eerste winkeltje van Albert Heijn in Oostzaan, opname jaren ’20

Hondenkar

Aan ambitie geen gebrek bij de jonge Albert Heijn. Een man met idealen. In Oostzaan zag hij zich geconfronteerd met de concurrentie van nog vele andere kruideniers in het dorp. Dat ging hem goed af. Aanvankelijk leverde hij de bestellingen af met de hondenkar. Een paar jaar later maakte hij zijn ronde op de fiets, het was het eerste rijwiel dat in Oostzaan op de weg verscheen. Een brede sortering van kwaliteitsproducten was zijn credo. Dat zette hij onder meer kracht bij door zelf koffie en pinda’s te gaan branden in een bolbrander het washok achter zijn winkeltje, gevolgd door zelf gebakken koekjes. In 1895, acht jaar na de start, opende hij zijn eerste filiaal in Purmerend. Daarna ging het snel. In 1899 waren er al tien filialen in Noord-Holland die vanuit Oostzaan bevoorraad werden. Om de bevoorrading te stroomlijnen nam Albert in 1899 een centraal magazijn in gebruik in Zaandam aan de Westzijde. Nog in datzelfde jaar verhuisde het gezin Heijn, zes dochters en twee zonen, naar Zaandam.

Marvelo

De filialen van AH voerden een breed assortiment, waaronder ook luxe artikelen om zowel ‘arm als rijk’ – zoals de oprichter het verwoordde -, naar de winkels te lokken. Zo bestond het assortiment in 1900 uit 300 artikelen, een kolosaal aanbod voor die tijd. In 1910 lanceerde Albert Heijn de eerste producten onder eigen naam, zoals chocolade, karnemelkzeep en blauw voor de was, de voorlopers van het Albert Heijn Huismerk. Het betekende de start van een eigen levensmiddelenproductie die in 1911 leidde tot de bouw van een fabriek aan de Oostzijde. Deze fabriek voor koek- en suikerwerken zou later uitgroeien tot Marvelo dat een vloed aan producten fabriceerde, zoals drop, ontbijtkoek, beschuit, toast, cacao, chocolade, limonade, puddingsaus en pindakaas. Ook het verpakken van thee, stroop, roomboter en suiker vond plaats bij Marvelo.

Naamloze vennootschap

Het kruideniersimperium groeide als kool. In sneltreinvaart werd het aantal filialen uitgebreid. In 1920 waren het er al 75. In 1920 vond ook een wisseling van de wacht plaats. Oprichter Albert Heijn deed een stapje terug en droeg de zaak over aan zijn zonen Gerrit en Jan, en zijn schoonzoon Johan Hille, zoon van de oprichter van koek- en beschuitfabriek Hille in Zaandam. Bij die gelegenheid werd ook de firma omgezet in een naamloze vennootschap. Het voeren van de eretitel hofleverancier werd Albert Heijn in 1927 toegekend bij de viering van 40-jarig jubileum.

Overnames

Tweemaal vonden grote filiaaluitbreidingen plaats met overnames van winkelketens: in 1951 92 filialen van het grootwinkelbedrijf Van Amerongen te Amsterdam en in 1972 het totale winkelbestand van de Zaanse concurrent Simon de Wit. In de jaren ’50 en ’60 maakten Albert Heijn jr. en Gerrit Jan Heijn, zonen van Jan Heijn, hun opwachting in steeds maar uitdijende firma. Inspelend op nieuwe trends werd in 1952 de eerste zelfbedieningswinkel in Schiedam geopend. Opzienbarend voor die tijd waarin klanten gewoon waren keurig op hun beurt te wachten tot ze werden geholpen. Daar bleef het niet bij. Niet minder opzienbarend was de opening in 1955 van de eerste supermarkt in Rotterdam, waar naast kruidenierswaren ook voorverpakt vers vlees, verse groenten, fruit en aardappelen verkrijgbaar waren.

Drukte bij opening nieuwe supermarkt AH in Zaandam, 19 mei 1960

Drukte bij opening nieuwe supermarkt AH in Zaandam, 19 mei 1960Drukte bij opening nieuwe supermarkt AH in Zaandam, 19 mei 1960

Koninklijk

In Almere-Stad werd in 1986 het 500e filiaal geopend en een jaar later, in 1987, werd Ahold, de moedermaatschappij van Albert Heijn, het predicaat koninklijk toegekend ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan.
 
Albert Heijn is een successtory zonder weerga, de grootste supermarktketen van Nederland met een totaal van ruim 800 winkels, zes distributiecentrales voor de dagelijkse bevoorrading, een jaaromzet van negen miljard in 2009 en 80.000 medewerkers. Onderzoek van Nipo wees uit dat de naambekend van Albert Heijn maar liefst 99 procent bedraagt.
 
Albert Heijn maakt sinds 1973 deel uit van moederbedrijf Koninklijke Ahold, dat supermarkten exploiteert in Scandinavië, Tsjechië, Slowakije, Portugal en de Verenigde Staten. Ahold herbergt daarnaast in Nederland nog diverse activiteiten onder haar vleugels waaronder slijterijketen Gall & Gall (ruim 500 winkels) en drogisterijketen Etos, eveneens met ruim 500 filialen.

Auteur: Peter Roggeveen

Publicatiedatum: 17/01/2011

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.