26 mei 1573

Slag op het Haarlemmermeer

Op 26 mei 1573 was het Haarlemmermeer het toneel van één van de bloedigste gevechten te water, tussen de Spaanse troepen en het opstandige Geuzenleger. De slag eindigde in een ramp voor de Geuzen en de stad Haarlem.

In 1573 was de Tachtigjarige Oorlog in volle gang. De noordelijke provincies van de Lage Landen kwamen in opstand tegen de Spaanse overheersing. Onder leiding van Willem van Oranje werd een groot Geuzenleger gevormd. Op 26 mei 1573 kwamen de Geuzen en de Spaanse troepen tot een treffen op het Haarlemmermeer. De Spanjaarden hadden Haarlem belegerd en de Geuzen probeerden het beleg te breken. Haarlem werd op dat moment over het water bevoorraad, want de weilanden aan de zijkant van de stad waren onder water gezet. Als de Spanjaarden deze waterweg zouden blokkeren, zou Haarlem zich wel moeten overgeven. Met dit idee bracht de Spaanse Graaf van Bossu 63 schepen op het meer. Hoewel de Geuzenvloot onder leiding van Marinus Brandt maar liefst 100 schepen telde, waren deze slecht uitgerust. Ook hadden de Spanjaarden de wind mee. De slag eindigde desastreus voor de Geuzen. Een deel van de vloot werd ingenomen, een ander deel wist weg te vluchten. Haarlem kon niet meer bevoorraad worden en gaf zich op 13 juli gedwongen over aan de Spanjaarden. Die richtten chaos aan in de stad: huizen werden geplunderd en burgers gevangen genomen of onthoofd. Maar liefst 246 Haarlemmers werden in het Haarlemmermeer verdronken, op de plek waar nu het gemaal de Cruquius staat.

Gerelateerd artikel

De Waterwolftunnel: het ontstaan van de Haarlemmermeerpolder Pionieren in de Haarlemmermeerpolder Het waagstuk om de Waterwolf te temmen De Waterwolf bedwongen