Rembrandt als inspiratie

Welke kunstenaars hebben zich door Rembrandt laten inspireren? Daarover gaat de tweede tentoonstelling van het Rembrandthuis, in een jaar waarin wordt herdacht dat Rembrandt 350 jaar geleden zijn laatste adem uitblies.

Op een paar uitzonderingen na laat de tentoonstelling vooral werk van kunstenaars zien uit de negentiende, twintigste en het begin van deze eeuw. Zo zien we bijvoorbeeld een portret van Pablo Picasso, die Rembrandts krullenkop in een paar snelle lijntjes neerzette, als ware hij een vervagende geestverschijning.

De expositie is rond een aantal thema’s opgebouwd. Eén thema mocht daarbij natuurlijk niet ontbreken, namelijk dat van het zelfportret, want Rembrandt heeft maar liefst tachtig portretten van zichzelf gemaakt. Volgens Epco Runia, hoofd collectie van het Rembrandthuis, weten we van geen schilder uit de zeventiende eeuw zó goed hoe hij er uit zag als Rembrandt.

Rembrandt maakt die zelfportretten om met verschillende gezichtsuitdrukkingen te experimenteren en de verschillen tussen licht en donker te onderzoeken. De Duitse kunstenaar Horst Janssen liet zich door zijn werk inspireren, wat drie zelfportretten opleverde, die dezelfde intensiteit als de prenten van Rembrandt hebben.

Pablo Picasso, Rembrandt en drie vrouwenhoofden, 1934. Via Museum het Rembrandthuis.

Absorberend zwart

Dan zakken we een verdieping lager om een paar prenten te kijken die bijna in duisternis zijn gehuld. Het zijn etsen die voor bijna tweederde uit een ‘bijna alles absorberend zwart’ bestaan, zoals de conservator het formuleert. Om die duistere prenten te maken, moest Rembrandt eindeloos veel lijnen zetten. Hieronymus in een donker studeervertrek uit 1642 is daar een goed voorbeeld van

Vlak daarnaast hangt een ets van Rembrandts leerling Ferdinand Bol, De Heilige Familie in een woonvertrek uit 1643, dat het Rembrandthuis dit jaar heeft aangekocht. De prent is zó duister dat je ogen er even aan moeten wennen, maar als je goed kijkt zie je door het gedempte licht dat door het raam naar binnen valt dat Maria haar pasgeboren baby de borst geeft. In de toelichtende tekst staat dat Maria de pasgeboren Christus de borst geeft, maar je mag hopen dat het wurm in die fase van zijn leven nog onbekommerd een boertje kon laten.

Ferdinand Bol, De Heilige Familie in een woonvertrek, 1643. Via Museum het Rembrandthuis.

Teveel schaduw

Dat je ook kunt overdrijven met dat spel van licht en donker, waar Rembrandt een meester in was, bewijst een werk van Castiglione, die in 1648, dus vrij snel na Rembrandt, een serie van zes tronies maakte, waaronder een woest uitgedoste man die geheel in schaduw is gehuld. “Dit is wel een héél grijs vlak geworden, waarop je weinig meer ziet,” zegt Runia bijna misprijzend, “terwijl Rembrandt toch altijd wat meer licht op zo’n hoofd laat vallen.”

Giovanni Benedetto Catiglione, Hoofd van een man in schaduw, ca 1645-1650. Via Museum het Rembrandthuis.

Rembrandt speelde niet alleen met licht en donker, hij had ook maar weinig lijnen nodig om iets uit te beelden, zoals te zien is op zijn ets De drie bomen uit 1643, waarbij in slechts een paar lijnen een dramatisch effect wordt gecreëerd bij de afbeelding van een zomerse stortbui. Ook op Rembrandts ets De Omval, dat overigens niet in het bezit van het museum is, komen grillige knotwilgen voor. Ze inspireerden de Duitse kunstenaar Horst Janssen in 1986 tot het maken van een serie van 24 grote etsen, vol kronkelende, onheilspellende takkenbossen. Van die serie worden er hier vier getoond.

Rembrandt, De drie bomen, 1643. Via Museum het Rembrandthuis.

Rauw naakt

Maar ook de vorig jaar overleden Aat Veldhoen liet zich graag door Rembrandt inspireren. In de hoek die het thema ‘rauw’ heeft meegekregen, hangt een ets van een naakte vrouw die op een natuurlijke, onopgesmukte manier is getekend, dus zonder bevallige pose of  strakgetrokken huid. Runia: “De meeste kunstenaars van de zeventiende eeuw beelden vrouwelijk naakt af dat keurig netjes was opgepoetst, maar bij Rembrandt  zie je hangbuikjes, rimpels en afdrukken van kousen, kortom, zoals we er eigenlijk allemaal uit zien.” Volgens de conservator realiseren we ons veel te weinig hoe bijzonder dat was in de zeventiende eeuw. “Dat moet in die tijd heel raar en choquerend zijn geweest.”

Rembrandt, Naakte vrouw, zittend op een heuveltje, ca 1631. Via Museum het Rembrandthuis.

Een hedendaagse kunstenaar die de werkelijkheid ook op een eerlijke manier probeerde weer te geven was Aat Veldhoen, van wie het museum meer werk laat zien, omdat men al zijn grafisch werk bezit. Zo maakte Veldhoen een naaktportret van de vrouw van de groenteboer (Mevrouw Vlek, 1964). Runia: “Aat Veldhoen heeft haar getekend, nadat ze in een ziekenhuis een operatie had ondergaan. Hij kende haar, want hij kwam bij haar in de winkel. Vervolgens heeft hij haar gevraagd voor hem te poseren. Vond ze geen enkel probleem. Ècht poseren doet ze overigens niet, ze zit er op een natuurlijke manier bij, bijna lijdzaam wachtend tot de kunstenaar klaar is.”

Aat Veldhoen, Mevrouw Vlek, 1964. Via Museum het Rembrandthuis.

Inspired by Rembrandt/ Wie trad in Rembrandts sporen is van 7 juni tot en met 1 september 2019 te zien in het Rembrandthuis in Amsterdam.

Tekst: Arnoud van Soest