Museum Het Rembrandthuis bestaat 110 jaar

Rembrandt woonde bijna twintig jaar in het monumentale pand met de gekleurde luiken aan de Jodenbreestraat in Amsterdam. In 1658 moest hij gedwongen zijn huis verkopen na zijn faillissement. Vervolgens werd het pand bijna 250 jaar lang door verschillende gezinnen bewoond – tot 1906, toen de gemeente Amsterdam het kocht en overdroeg aan de Stichting Rembrandthuis. In 1911 werd Museum Het Rembrandthuis officieel geopend door Koningin Wilhemina. Nu is het Rembrandthuis het enige museum ter wereld dat volledig is gewijd aan Rembrandt. Op vrijdag 11 juni 2021 bestaat het precies 110 jaar.

Directeur Lidewij de Koekkoek is trots dat het museum de coronacrisis heeft overleefd: ‘We hadden, net als Rembrandt, failliet kunnen gaan door de langdurige sluiting. Het museum is slechts eenmaal eerder in zijn bestaansgeschiedenis gesloten geweest, tijdens de Tweede Wereldoorlog. Gelukkig kunnen we nu weer vol goede moed vooruitkijken: we hebben veel plannen voor programmering en educatie, maar ook dromen voor het pand zelf.’

Er is momenteel een hoop te zien in het museum: een recent geschonken schilderij van Ferdinand Bol, een aantal bijzondere aanwinsten van oude én hedendaagse meesters, en de nieuwe tentoonstelling Hansken, Rembrandts olifant (tot eind augustus 2021 te zien). Ook bereidt Museum Het Rembrandthuis zich voor op een bescheiden verbouwing (naar verwachting eind 2022), waardoor de geschiedenis van het pand een speciale plek in het museum zal krijgen. Lidewij de Koekkoek: ‘De vraag wat er gebeurde met Rembrandt en met het pand nadat Rembrandt was vertrokken bleef altijd onbeantwoord bij een bezoek aan het museum. Daar komt door deze verbouwing verandering in. Nu leer je in het museum Rembrandt, zijn familie, zijn leerlingen en zijn buurt kennen, maar straks ontdek je op de zolderverdieping ook de hoe het Rembrandt en zijn huis later verging. Het pand kent een veelbewogen geschiedenis.

De Sydelcaemer tijdens de inrichting van De Bazel. Beeld: Museum Het Rembrandthuis.

De Sydelcaemer in 2019. Beeld: Museum Het Rembrandthuis ©KIRSTENVANSANTEN.

De geschiedenis van het Rembrandthuis in vogelvlucht

Op 5 januari 1639 kocht Rembrandt het monumentale pand aan de Jodenbreestraat voor 13.000 gulden. Het pand was in 1606 (toevallig ook het geboortejaar van Rembrandt) gebouwd. Rembrandt beleefde er lief en leed met zijn gezin, leidde er tientallen leerlingen op, ontving klanten en vrienden, en maakte er vele meesterwerken – zowel schilderijen, etsen als tekeningen. Helaas ging de kunstenaar in 1656 failliet en moest hij in 1658 verhuizen naar een kleiner huis op de Rozengracht. Het pand aan de Jodenbreestraat leverde toen ruim 11.000 gulden op, aanzienlijk minder dan Rembrandt er oorspronkelijk voor had betaald. In de jaren 1660-62 werd het huis in tweeën gesplitst. Tot het begin van de twintigste eeuw woonden er verschillende gezinnen.

In 1906 – het jaar waarin Rembrandts 300ste verjaardag werd gevierd met een landelijk Rembrandtjaar – kocht de gemeente Amsterdam de woning van de Joodse gebroeders Spitz. Een jaar later werd het overgedragen aan de nieuwe Stichting Rembrandthuis. Het pand werd uitvoerig gerenoveerd door architect K.P.C. de Bazel en vervolgens in 1911 officieel als museum geopend door Koningin Wilhelmina. Het Rembrandthuis was vanaf dat moment een prentenkabinet, gewijd aan Rembrandt etsen. Het bestuur van de stichting droomde echter van een reconstructie van het pand met een inrichting zoals deze in de zeventiende eeuw was geweest, toen Rembrandt er woonde. Deze droom zou pas eind jaren 1990 in vervulling gaan.

Beeld: Museum Het Rembrandthuis ©KIRSTENVANSANTEN.

In de jaren 1990 bouwde het museum naast het oude huis ook een nieuwe museumvleugel, waar zich tevens de entree bevindt. Het monumentale pand van Rembrandt is toen gerenoveerd en heringericht op basis van historische bronnen, met name de boedelinventaris die is opgemaakt bij Rembrandts faillissement, maar ook tekeningen van Rembrandt die specifieke vertrekken weergeven. Op grond daarvan valt op te maken hoe het huis in Rembrandts tijd was ingedeeld en hoe hij de afzonderlijke kamers gebruikte. Het gerestaureerde pand werd in 1999 opgeleverd, maar de herinrichting van de verschillende vertrekken werd in stappen uitgevoerd, een work in progress dat tot op heden voortduurt. Zo zijn in de laatste jaren het leerlingenatelier en Rembrandts kleine kantoor opgeleverd. Dit jaar voegt Museum Het Rembrandthuis de herinrichting van de binnenplaats toe, met onder andere een secreet op de plek waar de beerput zich onder de grond bevindt.

Maar hier houdt de verbouwingsdroom van het museum niet op. Eind 2022 zal het museum een bescheiden verbouwing inzetten, waarin met name noodzakelijk onderhoud zal worden uitgevoerd, maar ook een speciale ruimte zal worden ingericht voor het verhaal van Rembrandt en het huis na 1658. Zo krijgt niet alleen Rembrandts geschiedenis, maar ook die van het bijzondere, monumentale pand een plek in het museale verhaal.

Bron: Museum Het Rembrandthuis

Publicatiedatum: 11/06/2021

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.