De Gouden Koets in het Amsterdam Museum

Op vrijdag 18 juni opent in het Amsterdam Museum de tentoonstelling De Gouden Koets. Na een restauratie van ruim vijf jaar is de Gouden Koets voor het eerst weer voor publiek te zien. Het rijtuig wordt tot en met februari 2022 in bruikleen gegeven aan het Amsterdam Museum. Daarmee keert de koets tijdelijk terug naar de stad die hem in 1898 aan koningin Wilhelmina schonk, Amsterdam.

De Gouden Koets wordt getoond in een glazen behuizing op de grote binnenplaats van het Amsterdam Museum. Bezoekers kunnen de gerestaureerde koets in alle rust van heel dichtbij bekijken. In zes museumzalen rondom de binnenplaats, alle met zicht op de Gouden Koets, worden uiteenlopende verhalen uitgelicht. Honderden cultuurhistorische objecten, schilderijen, Oranjesnuisterijen, kledingstukken, spotprenten, foto’s en bewegende beelden geven een veelzijdig beeld van de geschiedenis en het gebruik van de Gouden Koets en de discussies uit verleden en heden over dit iconische voertuig.

De Gouden Koets is bedacht als cadeau voor de inhuldiging van de eerste vrouw op de Nederlandse troon, de toen achttienjarige koningin Wilhelmina. Al sinds zijn ontstaan kent de koets fans en critici. De Gouden Koets is dan ook veel meer dan alleen een voertuig. Het rijtuig staat symbool voor iets groters: het Oranjehuis, de democratie, de zelfbewuste hoofdstad Amsterdam, het sprookje (of: de gouden kooi) van het vorstelijke bestaan, het Koninkrijk der Nederlanden, het koloniale verleden. In de tentoonstelling, die daarom meerstemmig is opgezet, komen al die betekenissen aan de orde. De bezoeker ontmoet de bedenkers, bouwers, toeschouwers, demonstranten, nazaten van de mensen die op de koets staan afgebeeld en natuurlijk de gebruikers: de Oranjes.

Het rijtuig is inzet van een actueel debat. Is het wenselijk dat de koets na de restauratie blijft rijden op Prinsjesdag en tijdens Oranjehuwelijken en inhuldigingen? Verdient het rijtuig aanpassingen, of hoort hij in een museum thuis? De tentoonstelling belicht uiteenlopende perspectieven op de koets om het debat over dit controversiële rijdende erfgoed verder te brengen. Het Amsterdam Museum nodigt bezoekers ook uit hun opvattingen te delen en met augmented reality een alternatieve Gouden Koets te maken. Dertien hedendaagse kunstenaars tonen in de tentoonstelling werk dat aansluit bij de thematiek van de koets. Voorafgaand en tijdens de looptijd van de tentoonstelling reist het museum bovendien met een mobiele onderzoekinstallatie langs alle provinciehoofdsteden, om informatie over de koets te delen en in kaart te brengen welke visies op de Gouden Koets leven in Nederland. De tentoonstelling De Gouden Koets is te zien tot en met zondag 27 februari 2022 in het Amsterdam Museum.

De Gouden Koets voor restauratie. Collectie Koninklijke Verzamelingen, Den Haag.

Een geschenk van een verdeeld Amsterdam

Het idee voor de Gouden Koets ontstond in een stad in verandering. De tentoonstelling neemt de bezoeker allereerst mee naar het Amsterdam van het eind van de negentiende eeuw, dat na een lange periode van stilstand in razend tempo uitgroeide tot een moderne en zelfbewuste hoofdstad. Waar tot voor kort stadsmuren hadden gestaan verrezen treinstations, fabrieken, luxe hotels en nieuwe wijken. In dertig jaar tijd verdubbelde het aantal inwoners, mede door de komst van grote aantallen plattelandsbewoners. Wat deelden de Amsterdammers nog met elkaar? Vrouwen en arbeiders streefden naar een volwaardige positie, jongeren zochten hun eigen weg en ook in de kerken was het onrustig. De behoefte aan een verbindend symbool groeide: Oranje. Koning Willem III (1817-1890) bracht echter weinig mensen in vervoering. Zijn jonge dochter, koningin Wilhelmina (1880-1962), sprak meer tot verbeelding. Tijdens de acht jaar durende aanloop naar haar meerderjarigheid en inhuldiging groeide de wens haar met de hele stad een cadeau te geven.

Die wens leefde zeker bij Leendert Mens. De familie Mens woonde in de Jordaan en was de drijvende kracht achter de Oranjevereniging Willemstraat, waar volgens de overlevering het idee voor de Gouden Koets ontstond. De tentoonstelling toont de geschenken die hij van het hof ontving als dank voor zijn loyaliteit, waaronder een sigarenhouder die door koningin-regentes Emma zelf zou zijn gemaakt. Het verhaal van de familie Mens en de getoonde Oranjeverzamelingen illustreren dat de liefde voor Oranje in volksbuurten als de Jordaan traditioneel groot was. Ook de grachtengordel-bewoners steunden het idee van de Gouden Koets als geschenk. Maar niet iedereen was enthousiast over het koningshuis. Amsterdam werd in deze periode een centrum van socialisten en anarchisten − uitgesproken tegenstanders van de monarchie, zoals blijkt uit de spotprent Heintje en Emma in De Roode Duivel van oktober 1894, waarin het staatshoofd werd bespot. Er volgden confrontaties tussen ‘rood’ en ‘oranje’ en de zorgen over de polarisatie namen toe. De Gouden Koets moest de saamhorigheid bevorderen. Met een huis-aan-huis campagne werden alle Amsterdammers uitgenodigd een bijdrage te leveren, wat ook veel kritiek op de ‘gouden kwartjeswagen’ opleverde.

Foto van de bouw van de Gouden Koets in de fabriek van de Gebroeders Spijker, Stadhouderskade 114. Collectie Stadsarchief Amsterdam.

Nederland en de koloniën

De initiatiefnemers van de Gouden Koets vonden dat de koloniën daarop niet mochten ontbreken. Koningin Wilhelmina werd immers staatshoofd van vijf miljoen Nederlanders, een half miljoen onderdanen in Suriname en op de voormalige Nederlandse Antillen, en van de meer dan veertig miljoen inwoners van Nederlands-Indië. In de tentoonstelling en de audiotour wordt uitgebreid stilgestaan bij de relatie tussen het Oranjehuis en de koloniale wereld.

Op de koets staan verschillende verwijzingen naar de koloniën, waaronder het veelbesproken paneel ‘Hulde der Koloniën’ geschilderd door Nicolaas van der Waay. Om die verwijzingen en het beeld dat destijds over de koloniën bestond te begrijpen wordt in de tentoonstelling De Gouden Koets gekeken naar de koloniale tentoonstelling uit 1883 op het Museumplein. Zo’n anderhalf miljoen Nederlanders maakten op deze Wereldtentoonstelling kennis met de koloniën. De bedenkers en makers van de Gouden Koets waren daar ook aanwezig. De broers Spijker stonden er met rijtuigen en Nicolaas van der Waay schilderde allegorische portretten voor een van de paviljoens. Dit werpt de vraag op in hoeverre zij de verbeelding van de koloniën op de Gouden Koets baseerden op de Wereldtentoonstelling van 1883. In de tentoonstelling De Gouden Koets wordt een veelzijdige selectie van wat de broers Spijker en Van der Waay gezien moeten hebben getoond: een overdaad aan producten, grondstoffen en cultuuruitingen. De ambitie van de organisatoren: ‘moderne Westerse beschaving brengen in de koloniale wildernis, en de koloniale wildernis laten zien aan het moderne beschaafde publiek in Amsterdam’. Daarom werden ook koninkrijksgenoten uit Indië en Suriname tentoongesteld. Kunstenaar Nelson Carrilho, nazaat van een van de mensen uit Suriname die gepresenteerd werd op de wereldtentoonstelling, reflecteert met zijn werk op de koloniale tentoonstelling en het kolonialisme.

Details Gouden Koets. Paneel Hulde der Koloniën. Foto: Arthur van der Vlies.

De Gouden Koets ontleed

Dat elke vierkante centimeter van de Gouden Koets een symbolische betekenis heeft is niet overdreven. In een zaal in de tentoonstelling wordt de koets daarom geheel ontleed, met behulp van fotografie en historische voorwerpen. Zo wordt onder andere duidelijk dat op de koets een protestantse bijbel, katholiek kruis en joodse thora zijn afgebeeld. De vrouwenfiguren op het dak staan voor de bronnen van de welvaart: landbouw, handel, scheepvaart en nijverheid. De koets met al zijn symbolen laat zich lezen als een verhaal over de relatie tussen Nederland en de Oranjes.

De Gouden Koets moest tonen wat Nederland in huis had, gemaakt door de beste vaklieden en met materiaal uit heel het koninkrijk. Zo schittert het dunne laagje bladgoud op teakhout uit Java. In een serie filmclips gaan de restauratoren in op de gebruikte materialen en de werkwijze van de bouwers. Waarom moest de Gouden Koets er bij de oplevering bijvoorbeeld al oud uitzien? En waarom heeft de koets geen witte banden meer, zoals in 1898, maar zwarte? Waar zat de accu verstopt die nodig was voor de elektrische verlichting, destijds een novum? Het schilderwerk verdient extra aandacht. De originele schetsen van Nicolaas van der Waay maken duidelijk wat er nu precies op de vier beschilderde panelen te zien is, waaronder het veelbesproken ‘Hulde der Koloniën’. Die allegorische schildering toont hoe ‘de West’ (Suriname en de voormalige Antillen) en ‘de Oost’ (Indonesië) geschenken brengen en eer betonen aan de Nederlandse Maagd. Een audiovisuele productie legt dit in de tentoonstelling uit. Een eigen kijk op het paneel biedt het kunstwerk Colonies van Ishwanto Hartono, dat in deze zaal te vinden is.

In deze zaal draait het ook om de makers van de Gouden Koets. Een indringende fotoserie toont de ambachtslieden die de koets maakten. Twaalf mannen werkten in de fabriek Spyker bijna twee jaar lang aan de koets. In de audiotour maakt de bezoeker kennis met een van hen, bankwerker C.H. Bos. De bezoeker ontmoet via prenten en schilderijen de dames van Tesselschade, Arbeid Adelt en de meisjes uit het burgerweeshuis, het gebouw waar nu het Amsterdam Museum is gevestigd. Samen waren zij verantwoordelijk voor het borduurwerk van het gehele interieur van de koets. Ruim 15 miljoen steekjes. Hoewel de koets voor de eerste vrouw op de troon bestemd was, waren zij de enige vrouwen die een ambachtelijke bijdrage leverden. Ook wordt in de zaal gedetailleerd aandacht besteed aan het restauratie- proces van de Gouden Koets in de afgelopen jaren.

Details Gouden Koets. Foto: Arthur van der Vlies.

De koets in gebruik

In 1898 kreeg koningin Wilhelmina de Gouden Koets aangeboden ter gelegenheid van haar inhuldiging. Bezoekers krijgen met souvenirs en historische foto- en filmbeelden een beeld van de inhuldigingsfeesten in heel het koninkrijk – ook in de koloniën werd gevierd. Echter pas in februari 1901 aanvaardde koningin Wilhelmina het geschenk van de stad Amsterdam en ging de Gouden Koets naar Den Haag, per trein. De originele oorkonde van overdracht is in de tentoonstelling te zien. In diezelfde week reed zij voor het eerst in de koets, tijdens haar huwelijk met hertog Hendrik van Mecklenburg. De Gouden Koets bleef sindsdien in gebruik voor feestelijke gelegenheden als een doop of huwelijk. Sinds 1903 wordt de koets bovendien gebruikt op Prinsjesdag, de opening van het parlementaire jaar. De bezoeker ontdekt in de tentoonstelling dat het gebruik van de Gouden Koets is voorbehouden aan de Oranjes en altijd gepaard gaat met ceremonieel: een rijtoer met de koets maakt de vorst zichtbaar, maar benadrukt tegelijkertijd de afstand tussen vorst en volk. In de tentoonstelling is een stoet van lakeien, postiljons en koetsiers in vol ornaat nagebootst. De stoet laat de bezoeker al het ritueel en protocol dat met een rijtoer van de Gouden Koets gepaard gaat ervaren. Dat het niemand onberoerd laat als de Gouden Koets langsrijdt blijkt ook uit de grote audiovisuele presentatie bij de stoet waarin de Gouden Koets door de tijd heen rijdt en de bezoeker ziet hoe toeschouwers erop reageren.

Terwijl ze de stoet volgen lopen de bezoekers demonstranten tegemoet. De Gouden Koets is misschien wel het meest zichtbare symbool van de monarchie en daardoor ook een belangrijk mikpunt van tegenstanders daarvan. In 1966 verstoorden Provo’s de huwelijksstoet van Beatrix en Claus met rookbommen en in 1980 reed het rijtuig helemaal niet uit vrees voor krakers en oproer. De koets werd in 2002 met een zakje witte verf bekogeld en toont nog de sporen van de waxinelichthouder die hem in 2010 trof. Recent protest richt niet zozeer tegen de monarchie maar, vanwege het paneel ‘Hulde der Koloniën’, tegen de koets zelf en de doorwerking van het kolonialisme en racisme in onze samenleving.

Deze grote tentoonstellingszaal geeft tevens een overzicht van het gebruik van de koets sinds 1901, met bijzondere en fascinerende verhalen. Zo was de Gouden Koets in 1949 het hoogtepunt van een varende tentoonstelling om de wederopbouw te ondersteunen. Vele Nederlanders fietsten tientallen kilometers om hem te kunnen bewonderen. De koets gold toen als hét symbool van de herwonnen democratie. Kort na de aanslagen van 11 september 2001 in de Verenigde Staten reed de koets wel, maar stopte tijdens de rit voor enkele ogenblikken bij de Ambassade van de Verenigde Staten om een groet te brengen aan de ambassadeur. Ook droegen de begeleiders van de koets een soberder kostuum dan gebruikelijk. De geschiedenis van de Gouden Koets is een reis langs momenten die door de hele samenleving zijn meebeleefd.

Schilderij ‘Intocht Koningin Wilhelmina in Amsterdam anno 1898’, Hobbe Smith, 1898. Collectie: Amsterdam Museum.

Gouden Koets in de buitenlucht

Na al die verhalen over en perspectieven op de Gouden Koets heeft de bezoeker de gelegenheid de koets in alle rust buiten te bekijken. Het rijtuig staat opgesteld in een speciale glazen behuizing waar bezoekers omheen kunnen lopen en zo de koets van alle kanten kunnen bezichtigen. Middels de audiotour wordt door diverse personen toegelicht wat er precies op de koets te zien is en hoe dat kan worden geïnterpreteerd.

De Gouden Koets voor restauratie op de binnenplaats van de Koninklijke Stallen. Foto: Arthur van der Vlies.

Onderzoek en reflectie

De tentoonstelling eindigt met een zaal waarin bezoekers worden uitgenodigd hun kijk op de Gouden Koets te delen. Wat is de betekenis van de koets? En wat moet er volgens de bezoekers in de toekomst met de koets gebeuren? Via video en audio, kunst en augmented reality zijn hierover uiteenlopende visies te zien.

Het Amsterdam Museum zoekt ook buiten de museummuren naar meningen over de Gouden Koets. Om zoveel mogelijk stemmen een plek te geven in het veelzijdige tentoonstellingsprogramma over de vele facetten van de Gouden Koets trekt het Amsterdam Museum, zodra de maatregelen het toelaten, met een mobiele onderzoekinstallatie door heel Nederland. In de onderzoekinstallatie worden mensen geïnformeerd en kunnen zij hun persoonlijke associaties, herinneringen, emoties en gedachten over het koninklijke rijtuig achterlaten. De resultaten worden gepresenteerd in de onderzoekzaal in de tentoonstelling, op www.goudenkoets.nl en gebundeld in een rapport.

Bezoekers kunnen hun mening achterlaten in de studiezaal over de Gouden Koets in het Amsterdam Museum. Foto: Amsterdam Museum.

Artistieke reflecties

De tentoonstelling De Gouden Koets is in de eerste plaats een historische tentoonstelling. Door het parcours is ook een aantal hedendaagse kunstwerken verweven. Daarnaast is de Amsterdam Galerij voor deze gelegenheid geheel heringericht met veelal nieuw werk over de Gouden Koets. Het Amsterdam Museum heeft dertien kunstenaars opdracht gegeven werk te maken dat aansluit bij de thematiek van de Gouden Koets. Onder andere Erwin Olaf, Brian Elstak, Berend Strik, Sharelly Emanuelson, Ahmet Ögüt en nieuwe, aanstormende talenten als Airich en Serana Angelista leveren vanuit hun eigen ervaring, kennis en ambacht een artistiek commentaar op de materialiteit en de iconografie van de koets.

Hedendaags werk ‘Deep in me a passionate dream’, Nelson Carrilho, 2017. Foto: Tom Benavente.

Audiotour en evenementen

In een gratis audiotour bij de tentoonstelling lichten historici, antropologen, restauratoren, actievoerders, Oranjeaanhangers en anderen verschillende aspecten van de Gouden Koets toe. Tijdens de looptijd van de tentoonstelling worden in het Amsterdam Museum en op locatie verschillende evenementen aangeboden. Het museum organiseert tevens een wetenschappelijk symposium, diverse workshops en groepsrondleidingen. Bezoekers vinden de laatste informatie over het aanbod op de website van het Amsterdam Museum.

Voor basisschoolleerlingen uit groep 6, 7 en 8, MBO-leerlingen en onderbouwklassen van het voortgezet onderwijs wordt een speciaal onderwijsprogramma aangeboden waarin het bespreekbaar maken van een aantal thema’s rondom de Gouden Koets centraal staat. Urban Myth, Theater De Krakeling en STIP theaterproducties maken een familievoorstelling (8+) getiteld: ‘De Gouden Koets – het cadeau dat niemand wilde’ met Birgit Schuurman en Tarikh Janssen over de jonge kroonprinses Wilhelmina en de jonge Kwadjo uit Suriname die de vanzelfsprekendheid van macht bespreken. De voorstelling is te zien in theaters in het land van september 2021 tot en met februari 2022.

De mobiele onderzoekinstallatie over de Gouden Koets. Foto: Amsterdam Museum, Iris Duvekot.

Boek

Bij de tentoonstelling verschijnt een publicatie. Het kleurrijke, 164-pagina tellende boek bevat verdiepende essays over onder andere de ontstaansgeschiedenis en rituele dimensies van de Gouden Koets, de recente restauratie en de linken het koloniale verleden. Het boek wordt uitgegeven door WBOOKS en is vanaf juni 2021 verkrijgbaar in de museumwinkel, boekhandel en online voor €24,95.

Lange looptijd

De tentoonstelling De Gouden Koets opent op vrijdag 18 juni 2021 voor publiek en loopt tot en met zondag 27 februari 2022. Door de beperkende maatregelen als gevolg van het coronavirus wordt gewerkt met een maximum aantal bezoekers per tijdslot. Om zoveel mogelijk mensen de mogelijkheid te bieden om de tentoonstelling en de Gouden Koets in alle rust en met respect voor de geldende maatregelen te bezoeken, heeft de bruikleengever ingestemd met een langere looptijd van de tentoonstelling dan eerder gecommuniceerd. De tentoonstelling zal ruim acht maanden te zien zijn.

Binnenplaats Amsterdam Museum. Foto: Amsterdam Museum, Richard de Bruijn.

Ontwikkeling tentoonstelling

De tentoonstelling en het publieksprogramma over dit controversiële Amsterdamse geschenk is ontwikkeld door een onderzoeksgroep bestaande uit elf specialisten. De inhoud en aanpak zijn meermaals doorgesproken met een breed samengestelde klankbordgroep van 25 externe experts. In de klankbordgroep hebben onder anderen zitting: Karwan Fatah Black, Lara Nuberg en Pieter Verhoeve.

De tentoonstelling De Gouden Koets is ontworpen door Bureau Caspar Conijn. De tentoonstelling ‘De Gouden Koets’ is te zien van 18 juni 2021 tot en met 27 februari 2022 in het Amsterdam Museum, Kalverstraat 92. De tentoonstelling wordt mede mogelijk gemaakt door BankGiro Loterij, Blockbusterfonds, De Nederlandsche Bank, Dr Hendrik Muller’s Vaderlandsch Fonds (publicatie), Gerard van den Tweel, Van den Tweel Foundation uit Nijkerk, Kickstart Cultuurfonds (routing museum), Mondriaan Fonds, Nico Nap Foundation, Prins Bernhard Cultuurfonds, Rijksdienst Cultureel Erfgoed. Het Amsterdam Museum wordt structureel ondersteund door de Gemeente Amsterdam en de BankGiro Loterij.

Bron: Amsterdam Museum

Publicatiedatum: 11/03/2021