Het meisje in het blauw kijkt de toeschouwer aan met een lichte glimlach en roze blosjes op de wangen. Het geliefde schilderij uit het Rijksmuseum is nu tijdelijk, samen met de portretten van haar ouders, te bewonderen in het Frans Hals Museum. In de kleine tentoonstelling ‘Het raadsel van het meisje in het blauw’ komen bezoekers alles te weten over de geschiedenis van de drie portretten. Het heeft iets ontroerends om de kleine familie na een lange periode weer samen te zien in Haarlem, de stad waar de schilderijen ooit werden gemaakt.

De drie schilderijen in de tentoonstelling ‘Het raadsel van het meisje in het blauw’ in het Frans Hals Museum te Haarlem. Met helemaal links: Portret van een heer, 1641. Schilder: Johannes Cornelisz. Verspronck, Collectie Rijksmuseum Twenthe, inventarisnummer 0515. Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.
Over de portretschilder
Johannes Verspronck (1600/1603-1662) werd waarschijnlijk tussen 1601 en 1603 geboren in Haarlem, al is zijn precieze geboortejaar onbekend. Hij kreeg zijn eerste schilderlessen van zijn vader, Cornelis Engelsz., die op zijn beurt les had gehad van beroemde kunstenaars als Karel van Mander en Cornelis Cornelisz. van Haarlem.
Zijn hele leven bleef Verspronck verbonden aan Haarlem. Daar woonde en werkte hij als succesvolle portretschilder van de gegoede burgerij. Dankzij deze opdrachten kon hij zijn gezin (ook in moeilijke tijden) onderhouden. Waarschijnlijk werkte Verspronck enige tijd in het atelier van zijn iets oudere stadsgenoot Frans Hals (1582/3 – 1666). Toch ontwikkelde hij een verfijnde manier van schilderen, met veel oog voor details in stoffen, accessoires en gezichtsuitdrukkingen.

De Jansstraat in Haarlem met de Grote of St.-Bavokerk op de achtergrond, schilder: Gerrit Adriaensz. Berckheyde, ca 1680. Collectie Gemäldegalerlie Alte Meister, Dresden. Beeld via Wikipedia, publiek domein.
Welgestelde families in Haarlem
Slechts een klein deel van de inwoners van Haarlem behoorde tot de welgestelde bovenlaag. Deze families woonden aan het Spaarne, de Oude Gracht, de Grote Markt en belangrijke straten eromheen. Verspronck was gevestigd in de Jansstraat en woonde dus tussen zijn opdrachtgevers. Alle geportretteerden in zijn oeuvre (van wie de naam bekend is) woonden op dat moment in Haarlem.
Waarschijnlijk schilderde Johannes Verspronck het meisje en haar ouders in zijn werkplaats in de Jansstraat in Haarlem. Op elk portret noteerde hij zijn naam en het jaar van voltooiing. Zo weten we dat hij eerst de moeder in 1640 portretteert, waarna in 1641 de vader en dochter volgen. Het meisje is centraal in beeld gebracht, in tegenstelling tot haar ouders. Dat zou kunnen betekenen dat zij ten tijde van het portret enig kind was en geen broers of zussen had.

Portret van een dame, 1640. Schilder: Johannes Cornelisz. Verspronck. Collectie Rijksmuseum Twenthe, 0514. Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.
Een lichtblauwe jurk
Op veel zeventiende-eeuwse portretten dragen kinderen modieuze kostuums van kostbare stoffen met veel kant. Ze worden net als volwassenen afgebeeld in formele kleding die niet dagelijks werd gedragen. Uit de portretten blijkt dat kinderkleding veel kleurrijker was dan dat van volwassenen. Het meisje draagt een lichtblauwe jurk van glanzend damast met een ingeweven bloemmotief, versierd met gouden borduursels. Hierbij draagt ze witte kanten kragen en manchetten volgens de laatste mode. Ook de kostbare zwarte kleding van haar ouders benadrukt de welstand en status van de familie.
De leeftijd van het meisje in blauw is moeilijk te bepalen, aangezien kinderen in de zeventiende eeuw een tragere ontwikkeling hadden dan nu. Toch geven haar kleine mollige handen en de verhoudingen in haar gezicht aanwijzingen: waarschijnlijk is ze tussen de zes en negen jaar oud.

Portret van een meisje in het blauw. Schilder: Johannes Verspronck (eigenhandig gesigneerd), 1641. Collectie Rijksmuseum, objectnummer SK-A-3064.
Sommige kunstenaars vermelden de leeftijden van de geportretteerden op hun schilderijen. Helaas deed Verspronck dat maar zelden, waardoor ook bij deze drie schilderijen deze informatie ontbreekt. Wel valt op dat moeder en dochter sterk op elkaar lijken: ze delen dezelfde houding en accessoires. In de handen hebben ze dezelfde waaier vast, gemaakt van een struisvogelveer. Net als haar moeder draagt het meisje parels, oorbellen en een ring. Op de borst draagt ze een gouden juweel met donkere stenen en een parel. Bovendien hebben moeder en dochter dezelfde gelaatstrekken, zoals de vorm van hun kin en neus. Alleen de ogen lijkt ze van haar vader hebben geërfd.

Detail handen van de moeder, inclusief waaier, sieraden en kant. Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.

Detail handen van het meisje, inclusief waaier, sieraden en kant. Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.
Archiefonderzoek
Onderzoek naar zeventiende-eeuwse kinderkleding is lastig, omdat er nauwelijks originele kledingstukken bewaard zijn overgebleven. Textiel was kostbaar en kostuums werden steeds opnieuw aangepast, hergebruikt en vermaakt, zelfs binnen rijke families. Uiteindelijk eindigde veel textiel als poetslap of werd het verwerkt tot papier. Daardoor zijn historici sterk afhankelijk van schilderijen en geschreven bronnen. Maar schilderijen geven niet altijd een betrouwbaar beeld, aangezien kunstenaars kleding op hun eigen manier weergeven. Schriftelijke documenten zoals inventarissen, brieven en dagboeken zijn belangrijke informatiebronnen, al wordt kinderkleding daarin maar zelden beschreven.
Aan de hand van belastingregisters uit 1653 en 1669 bracht Frans Grijzenhout de welgestelde bovenlaag van Haarlem in kaart. Hieruit bleek dat ruim driehonderd families financieel in staat waren om een portret te laten maken door een schilder als Johannes Verspronck. Met die gegevens probeerde hij de familiesituaties rond 1640 te reconstrueren en stelde hij talloze stambomen samen. Toch leverde dat geen duidelijke match op voor het meisje en haar ouders. Grijzenhout zocht ook in de Haarlemse huwelijkscontracten uit de jaren 1627 tot 1635, de periode waarin de ouders vermoedelijk waren getrouwd. Tevens bestudeerde hij honderden inventarissen, boedelbeschrijvingen en doopregisters, maar allemaal zonder resultaat.

Informatie in de tentoonstelling ‘Het raadsel van het meisje in het blauw’ in het Frans Hals Museum te Haarlem. Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.
Kleine aanwijzingen
Soms geven schilderijen duidelijke aanwijzingen over de identiteit van de geportretteerden, zoals een familiewapen, brief of ander persoonlijk object. Bij deze werken van Johannes Verspronck ontbreekt dat echter volledig: er zijn geen opschriften of oude etiketten bewaard gebleven. De drie portretten hebben wel hetzelfde formaat, maar zijn niet op het linnen van één rol geschilderd.
Voor het eerst duiken de schilderijen op rond 1800 in Oldenburg, waar ze deel uitmaken van de veiling van de collectie van majoor Johann Georg Hinrichs von Hendorff. Hoe hij ze heeft verkregen en of er een band is met Haarlem, is onbekend. De groothertog van Oldenburg koopt de werken op en neemt ze op in zijn museale collectie, waar ze tot 1918 worden tentoongesteld in het groothertogelijk museum.
Na de Eerste Wereldoorlog worden de Duitse vorstendommen opgeheven en besluit de groothertog zijn kunstverzameling te verkopen. Het schilderij van het meisje komt in 1923 als bruikleen in het Rijksmuseum te Amsterdam terecht en wordt in 1928 definitief verworven met steun van de Vereniging Rembrandt. Via enkele omzwervingen komen de portretten van haar ouders in 1957 in Rijksmuseum Twenthe terecht. Speciaal voor de tentoonstelling ‘Het raadsel van het meisje in het blauw’ wordt de familie weer herenigd.
Auteur: Judith van Amelsvoort
Omslagfoto: Judith van Amelsvoort, 2026.
Bronnen:
- Bezoek aan de tentoonstelling ‘Het raadsel van het meisje in het blauw’ in het Frans Hals Museum, 12 maart 2026 – 11 oktober 2026.
- Jan Baptist Bedaux & Rudi Ekkart, Kinderen op hun mooist. Het kinderportret in de Nederlanden 1500-1700, 2000.
- Ida Boelema, Kinderportretten in de 16de en 17de eeuw, 2000.
- Sophie Ploeg, Lace in Verspronck’s Portraits, 2023.
Publicatiedatum: 07/05/2026
Vul deze informatie aan of geef een reactie.