Eindeloos verstelde broeken, ingenomen jakjes en gestopte sokken

Wie stopt tegenwoordig zijn versleten sokken nog? Voor enkele euro’s heb je immers een nieuw paar. Dat was vroeger wel anders! De tentoonstelling 'Kleren maken de vrouw' in het Zuiderzeemuseum laat zien wat er allemaal kwam kijken bij het maken en onderhouden van kleding.

Op een regenachtige vrijdagmiddag stap ik het perron van Enkhuizen op. Het is mogelijk om de museumveerboot naar het museum te nemen, maar ik wil graag wat van de stad zien en besluit te lopen. De route naar het Zuiderzeemuseum voert over een smalle dijk, langs de haven, over de witte ophaalbrug, en is een bezoek aan Enkhuizen op zichzelf al waard.

Gevestigd in het Peperhuis, een prachtig 17e-eeuws woon-en pakhuis, toont het Zuiderzeemuseum naast een vaste collectie jaarlijks wisselende tentoonstellingen over de geschiedenis, actualiteit en toekomst van het IJsselmeer-gebied. De nieuwe presentatie wil een overzicht geven van kleding van vroeger en nu. Hoe werd deze vervaardigd en onderhouden, en hoe gaan we tegenwoordig met onze kledingstukken om?

De tentoonstelling ‘Kleren maken de vrouw’ in het Zuiderzeemuseum. Foto door Babette Smits van Waesberghe.

Bij het betreden van de tentoonstelling wordt in de eerste ruimte al direct de link met het heden gelegd. Twee paspoppen staan dicht bij elkaar, en dragen soortgelijke kleding. De ene pop is echter gestoken in authentieke Markerdracht, de andere draagt een hedendaagse duurzame variant. Het zet aan het denken. Het kostte vroeger veel tijd en vakmanschap om een kostuum te maken. Tegenwoordig bestellen we met enkele muisklikken een nieuwe outfit. Maar hoe duurzaam is deze kleding? Waar komt mijn eigen kleding vandaan?

Kleren maken de vrouw toont het vakmanschap dat vroeger nodig was voor het maken en onderhouden van kleding. Verschillende soorten klederdracht, polsmofjes, mutsjes en jakjes vullen de ruimtes. Omdat kleding maken een ontzettend tijdrovende klus was en stof duur was, moet kleding zo lang mogelijk meegaan. Kledingstukken werden meermaals uitgelegd en ingenomen. Als het kledingstuk helemaal was afgedragen deed het vervolgens dienst als poetslap. Wonend rond de Zuiderzee was als meisje je opvoeding pas compleet wanneer je kon handwerken, zodat je later kleding voor je gezin kon maken en onderhouden. Al op jonge leeftijd leerden meisjes haken, breien, naaien en borduren. Handig, bedenk ik me. Ik kan zelf nauwelijks een knoop aanzetten.

De tentoonstelling ‘Kleren maken de vrouw’ in het Zuiderzeemuseum. Foto door Babette Smits van Waesberghe.

Toevallig is dat een van de dingen die je hier kan leren. Voor kinderen die de tentoonstelling bezoeken is er het handwerkschrift. Nikita Gerritsen, hoofd educatie bij het Zuiderzeemuseum, vertelt mij dat het handwerkschrift de jonge bezoekers een klein inkijkje geeft in hoeveel werk het vroeger allemaal was om goed te leren handwerken. Alles is gebaseerd op de thema’s die het museum in de tentoonstelling laat terugkomen, zoals het vervaardigen, versieren en onderhouden van kleding en het duurzaam omgaan met materiaal. Gerritsen: “Duurzaamheid is een belangrijk thema in de hedendaagse maatschappij en hier willen we graag ruimte aan geven, om die link naar het heden te leggen en inspiratie voor duurzaamheid te geven.”

In een rood huisje ligt op een tafeltje een lap, waarop knopen zijn genaaid. Een klein meisje wordt door haar oma geholpen een felrode knoop aan te zetten. In andere ruimtes leer je een naald te hanteren, stoffen herkennen en borduren. Daarnaast toont de tentoonstelling hoe je kleding, net als vroeger, een tweede leven kan geven. Modeontwerper Theodorus Johannes heeft met technieken van vroeger nieuwe kledingstukken gemaakt. Op speelse wijze laat hij jong en oud zien hoe kleding ‘geupcycled’ or ‘gereycyled’ kan worden. Hij toont ons in een aantal filmpjes hoe je van verschillende lappen een broek kan maken, hoe je een gat stopt, een linnen hemd maakt. Ik neem me voor het gat bij de knie van een van mijn spijkerbroeken eindelijk eens aan te pakken.

Naai zelf een knoop aan. Foto door Babette Smits van Waesberghe.

Op de bovenverdieping wordt de was gedaan. Vroeger had men geen beschikking over wasmachines, en het kostte dan ook een hele dag om de was te doen. Op een laken dat aan een waslijn hangt wordt een film over deze speciale wasdagen getoond. Twee waslijnen verder zijn een vader en zoon druk bezig met het zo snel mogelijk ophangen van de was aan de ‘roop’, een touw dat uit elkaar getrokken wordt en waartussen de punten van het wasgoed worden gestoken.  “Wat zal dat lekker geroken hebben he?” zegt een man tegen zijn vrouw.

In de laatste ruimte van de tentoonstelling kan je zelf advies geven over je beste reparatietrucs en vlekkenverwijder-tips. Wat kan je zelf doen om duurzamer met je kleding om te gaan, en welke duurzame initiatieven zijn er? Een muur vol advies helpt je alvast op weg. Ik neem verschillende velletjes mee, waarop tips worden gegeven. Leer breien, repareer je kleding, volg duurzame merken, denk na. Dat laatste is iets wat ik me voorneem beter te gaan doen. Kleren maken de vrouw toont aan de hand van kleding van vroeger tot nu hoe we vandaag de dag duurzamer met onze kleding kunnen omgaan. Een mooie tentoonstelling, met een belangrijke boodschap.

De tentoonstelling Kleren maken de vrouw is tot en met 5 april 2020 te bezoeken in het Zuiderzeemuseum.

Tekst: Babette Smits van Waesberghe

Publicatiedatum: 08/11/2019