06 juli 1942

Anne Frank duikt onder

In de zomer van 1942 werd het de joodse familie Frank in het bezette Amsterdam te heet onder de voeten. Ze besloten onder te duiken in een huis aan de Prinsengracht, waar ze, verstopt achter een boekenkast, een kleine woning tot hun beschikking hadden: het Achterhuis.

Toen de nazi’s in 1933 aan de macht kwamen in Duitsland, besloot het joodse gezin Frank te emigreren. Vader Otto, moeder Edith en de zusjes Margot (1926) en Anne Frank (1929) verhuisden naar Amsterdam, waar Otto een eigen bedrijf begon. Maar ook Nederland viel in het voorjaar van 1940 in Duitse handen. Om aan de steeds heftigere anti-joodse maatregelen te ontkomen, probeerde de familie Frank te vluchten. Deze plannen mislukten, waardoor het gezin genoodzaakt was onder te duiken. Vanaf 6 juli 1942 hielden de Franks zich, samen met de familie Van Pels, schuil in het Achterhuis aan de Prinsengracht. Hier brachten ze twee lange, onzekere jaren door tot hun noodlottige ontdekking en arrestatie. In de zomer van 1944 werden de onderduikers via Westerbork naar het concentratiekamp Auschwitz vervoerd. Otto Frank zou na de bevrijding als enige terugkeren naar huis.

Gerelateerd artikel

Anne Frank Van toevluchtsoord tot museum: het Anne Frank Huis Objecten uit de oorlog: vervolging