07 oktober 1854

Huizer haven geopend

Huizen was een van de belangrijkste vissersplaatsen aan de Zuiderzee. Al voor de aanleg van een haven kwamen vissers uit het hele gebied in Huizen hun vangst lossen. Om die reden werd de roep om een haven aan het begin van de negentiende eeuw steeds groter. De vloot zou daarmee niet alleen beschermd zijn tegen storm en vorst, maar ook de vishandel zou erbij gebaat zijn. De haven kwam er en luidde een periode van ongekende bloei in voor het dorp.

Vóór de komst van de haven ging het laden en lossen van schepen moeizaam. Vissersboten konden door de ondiepe bodem niet te dicht bij de kust komen en werden op zandbanken in zee voor anker gelegd. Met karren getrokken door paarden moest men een kwartier door zee waden om bij de schepen te komen. De plannen voor de aanleg van een haven werden telkens afgewezen vanwege de hoge kosten. Pas toen een groep Huizers aanbood om zelf geld voor de haven bij elkaar te brengen, lag er in 1852 eindelijk een voorstel dat ieders goedkeuring kon wegdragen. Op 5 augustus 1853 ging de eerste spade de grond in. De havenkom zou zo’n 300 meter lang en 35 meter breed worden. De opening stond gepland voor 1 mei 1855, maar omdat het werk zo snel en voorspoedig verliep, kon deze een half jaar naar voren geschoven worden. Op 7 oktober 1854 werd de Huizer haven officieel geopend door burgemeester C.W. Rebel. Ondanks dat de haven op een kwartier lopen van het dorp lag, vormde het een grote stimulans voor de visserij.

Gerelateerd artikel

Het leven van een Huizer schippersknecht Huizen heeft eindelijk zijn eigen ‘canon’