14 september 1905

Albert Cuypstraat krijgt markt

In 1905 besloot het Amsterdamse gemeentebestuur een vrije markt te vestigen aan de Albert Cuypstraat, genoemd naar de bekende zeventiende-eeuwse kunstenaar. De markt mocht aanvankelijk alleen op zaterdagavond gehouden worden. Pas in 1912 werd het een dagmarkt, die maar liefst zes dagen per week geopend is. Sindsdien is de Albert Cuypmarkt de drukste markt van Amsterdam en misschien wel van heel Nederland, met een aantrekkelijke internationale sfeer.

In het oudere, noordelijke deel van De Pijp zijn de eerste huizen gebouwd in de jaren zeventig en tachtig van de negentiende eeuw, de tijd die bekend staat om haar ‘revolutiebouw’. Goedkope woningen voor arbeidersgezinnen en kleine middenstanders die door particuliere opdrachtgevers werden gebouwd. Dit deel van de Pijp is het levendigste deel van de buurt, met veel winkels, restaurantjes en horeca, bijvoorbeeld rondom de Frans Halsstraat en de Albert Cuypstraat. Deze laatste straat is vanwege de dagelijkse markt de grote publiekstrekker van de Pijp. De internationale sfeer van de buurt is op de Albert Cuypmarkt goed voelbaar.

Gerelateerd artikel

De Oude Pijp Andre Hazes: Amsterdams wonderkind