02 mei 1986

Radioactieve wolk Tsjernobyl bereikt Nederland

‘Eerste hogere waarden radio-activiteit in Groningen gemeten’ kopte het NRC Handelsblad op 2 mei 1986. Hoewel Nederland helemaal aan de rand van de stralingswolk boven Europa lag, was dit bericht het begin van een onrustige week. Onderzoekers wilden nog geen mededelingen doen of en wanneer er maatregelen genomen zouden worden, om massale paniek te voorkomen.

Op 26 april 1986 voltrok zich één van de grootste nucleaire rampen uit de geschiedenis. Het radioactieve materiaal dat vrijkwam uit de kerncentrale van Tsjernobyl verspreidde zich snel over Europa. De eerste melding van verhoogde radioactiviteit kwam van onderzoekers in Zweden, waar de radioactieve wolk op 27 april was aanbeland. Rond 2 mei bereikte de wolk ook Nederland en België. Nederlandse metingen troffen verhoogde concentraties radioactief jodium in het gras aan. Na uitgebreid overleg viel op 3 mei de beslissing: de koeien moesten op stal. Het graasverbod werd dezelfde avond nog bekendgemaakt en zou een kleine week duren. Enkele Noord-Hollandse veehouders weigerden dit: ‘Jullie bekijken het maar’. Daarnaast werd iedereen aangeraden om groenten extra goed te wassen. Bladgroenten als sla en spinazie werden uit voorzorg uit de handel genomen. Op 9 mei kopte het Nieuwsblad van het Noorden: ‘Minder straling in Nederland’. De koeien mochten een dag eerder alweer de wei in. Het ergste gevaar was toen geweken, voor Nederland tenminste.

Gerelateerd artikel

Besmette melk en radioactieve spinazie: Tsjernobyl in Holland