In de negentiende eeuw hebben vrouwen zowel in de politiek, als in het onderwijs en op de arbeidsmarkt minder rechten dan mannen. Ook hebben hun echtgenoten volmacht over hun bezit. Om deze achtergestelde positie aan de kaak te stellen, ontstaat er aan het eind van de eeuw een beweging van vrouwen uit de gegoede burgerij. Dit wordt later de Eerste Feministische Golf (ca. 1870-1920) genoemd. In 1894 wordt op initiatief van Wilhelmina Drucker (1847-1925) de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht (VVK) opgericht. Ook Aletta Jacobs (1854-1929) is lid van het eerste uur en wordt tot tweemaal toe tot voorzitster gekozen, eerst van de afdeling Amsterdam en later van het landelijk bestuur. De VVK en andere emanciperende groepen boeken langzaam vooruitgang. In 1917 krijgen vrouwen het recht om zichzelf verkiesbaar te stellen, het zogeheten ‘passief kiesrecht’. Twee jaar later krijgen vrouwen ook het recht om te stemmen, ‘actief kiesrecht’. Internationale Vrouwendag herinnert elk jaar op 8 maart aan de strijd die vrouwen voor gelijkheid hebben moeten voeren.