Zaterdagavond 27 maart 1943 werd het Amsterdamse bevolkingsregister door vijf explosies grotendeels vernield. Doordat de inhoud van alle kaartenkasten op hopen was gegooid, kon de daaropvolgende brand door te weinig zuurstof geen vat krijgen op het totale archief, zodat de uiteindelijke schade minder groot was dan men had gehoopt. Toch had de aanslag een positief effect op het verzet in Nederland. In zijn ijver de daders snel te grijpen, moest de Duitse bezetter toestaan dat de aanslag niet alleen in Amsterdam, maar in het hele land veel publiciteit kreeg. Men loofde tienduizend gulden uit om de daders te pakken.