Purmerender Veemarkt

Purmerend was tot de jaren tachtig van de twintigste eeuw een bruisende ‘Marktstad’. De wekelijkse vee- en warenmarkt op dinsdag was allesoverheersend. Aan de Purmerender openlucht veemarkt kwam op 21 februari 2001 abrupt een einde, vanwege een uitbraak van mond- en klauwzeer. Op 10 oktober 2008 kwam de handel in schapen, koeien en nuchtere kalveren weer op gang.

Veemarkt vanaf 1612

Al vanaf 1612 verhandelde men op de kop van de koemarkt koeien, ossen, paarden, varkens, bokken en geiten. De drukste marktdag met de meeste bezoekers was lange tijd Pinksterdrie. In de Zaanstreek was de derde Pinksterdag een feestdag die zijn oorsprong heeft  in 1579. In dat jaar wilden Spaanse troepen op 30 mei, eerste Pinksterdag, via Jisp en Wormer oprukken naar Purmerend om Waterland in handen te krijgen. Dat is niet gelukt en twee dagen later, op derde Pinksterdag, vierde de Zaanstreek een grandioos feest. Tot 1985 is dit jaarlijks herhaald.

De eerste veemarkt na een mond- en klauwzeeruitbraak in 1984. Beeld: Hans Steinmeier, ANP Archief.

Geiten: armelui’s koeien

Omdat de mensen in de Zaanstreek van oudsher veel geiten (de armelui’s koe) hielden, was er tijdens de Purmerender veemarkt op Pinksterdrie veel aanvoer van bokken en geiten. Van lieverlee werd het daadwerkelijk handelen in bokken en geiten synoniem met een borreltje kopen, zodat men op Pinksterdrie sprak over een “bokkie kopen”. Dat het transport van echte bokken en geiten soms op wonderlijke wijze plaatsvond, getuigt het volgende waargebeurde verhaal.

Handjeklap tijdens de onderhandelingen over vee op de markt in Purmerend, 1984. Beeld: Hans Steinmeier, ANP Archief.

‘n Bokkie kopen

“De motor van onze lelijke eend brulde. Pa trapte het gaspedaal flink in om met zijn vracht op snelheid te komen. De lading bestond uit zijn drie meiden, een geit en twee bokjes. Zwaarbeladen tufte de feloranje Deux Cheveaux Purmerend uit, op weg naar onze boerderij in de Wieringermeer. Mijn zusje en ik zaten achterin om het jonge spul te bewonderen én in de gaten te houden. ‘Pa, ze schijten alweer, nu alledrie!’, gilde ik naar voren. In de achteruitkijkspiegel zag ik zijn brede grijns. ‘Hou ze in de kofferbak’, riep pa, zijn stem kwam maar net boven het geluid van het klapperend dakzeil uit. Ik hield mijn bokje stevig vast.‘Pa, mogen we geitjes?’ Op het erf van onze boerderij liepen twee pony’s, een schaap en een kalf. Ruimte genoeg voor meer dieren. ‘Als je er maar zelf voor zorgt’, had hij geantwoord. ‘Geiten zijn brutale beesten, voor je het weet vreten ze in de moestuin alles kapot.’ Pa ging wel akkoord. Op de veemarkt in Purmerend kon je goed slagen, zei hij. Op de vroege ochtend van dinsdag 4 juni 1974 waren we op pad gegaan met de lelijke eend van onze moeder. ‘Ik wil geen schijtende geiten in mijn goeie auto’, had pa gezegd.

Geitenmarkt in Purmerend, circa 1965. Beeld: H.A. Hoogvelt, Waterlands archief.

‘Verkocht’, daverde de man en gaf daarbij een ferme klap in pa zijn hand. Aan zijn lach hoorde ik dat pa genoot van het loven en bieden. ‘Nu moet je opletten’, had hij in onze richting gefluisterd, toen hij de koopman gebaarde om tot zaken te komen. We hadden niet lang nodig gehad om een keuze te maken. Bij die stinkende bokken met hun vervaarlijke horens wilde ik zo snel mogelijk weg. Mijn oog was gevallen op een bruine geit met twee zwart-wit gevlekte jongen. ‘Twintig’, begon pa en sloeg met zijn hand in die van de koopman. ‘Veertig’, mompelde de man en klapte met zijn enorme hand in die van pa. Zijn ‘verkocht’ werd door de geit bekrachtigd met een serie harde scheten. De koopman haalde een grote portefeuille tevoorschijn. Het ding hing met een lange ketting om zijn hals. Pa greep naar de achterzak van zijn broek en gaf de man drie opgevouwen, blauwe briefjes. De handelaar vouwde ze een voor een open en stopte ze in zijn portefeuille. Ik keek recht in de vakjes met bruine, rode en blauwe biljetten.  Zoveel contant geld had ik nog nooit gezien. Met een ‘geluk met de beesten’, sloot de koopman de handel af. Voor hem kon het ‘bokkie kopen’ beginnen en hij kloste weg richting de kroegen op de Koemarkt.Ter hoogte van Berkhout gebeurde het. Mijn bokkie worstelde zich los en sprong naar voren, onder de benen van pa. De motor gierde, een hard ‘nondeju’ klonk door onze veewagen. Op hetzelfde moment sprong bokkie twee door de auto en belandde op schoot bij mijn oudste zus. ‘Dit is de laatste keer dat ik een bokkie voor jullie koop’, schreeuwde pa.”

Veemarkt op een bedrijventerrein

Toen in 2008 de handel in schapen, koeien en nuchtere kalveren weer op gang kwam, werd hiervoor het bedrijventerrein De Baanstee in de Purmer-Noord gebruikt. Omdat deze locatie geen groeimogelijkheden biedt voor de toekomst zijn Purmerend en Beemster op zoek naar een andere locatie voor de opbloeiende veemarkt.

Auteur: Anita Blijdorp

Bronnen:

  • ‘’n Bokkie kopen op Pinksterdrie’ is verschenen in: Noord-Holland schrijft geschiedenis, 50 korte verhalen over bijzondere gebeurtenissen (Alkmaar, HDC Media 2010, p 32-33)
  • Meer weten over de Purmerender Veemarkt? Lees dan Purmerend Markt & Kermis van oud marktmeester Willem van Dijk (2005). Of ga naar de website van het Purmerends Museum of het Waterlands Archief. 

Publicatiedatum: 28/12/2010

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.