Oud en Nieuw in Zaandam: een interview met Aty Nijntjes

Tegenwoordig vieren wij Oud en Nieuw met veel oliebollen, appelflappen, alcoholische versnaperingen, leuke feestjes en vuurwerk dat om middernacht de lucht in knalt. Maar hoe deden ze dat vroeger? Aty Nijntjes, geboren in Zaandam in 1934, vertelt dat zij pas vanaf haar zevende jaar Oud en Nieuw echt heeft meegemaakt. Hiervoor lag zij gewoon in bed als de klok twaalf sloeg. Dat kon ook gemakkelijk, legt zij uit, er was toen nog geen vuurwerk. Zij kon daarom ook gewoon doorslapen.

Monopoly

Vanaf haar zevende jaar bleef zij ook tot even na twaalven op. Zij speelde dan met het hele gezin een spelletje en dat was bijna altijd monopoly. Een televisie bestond nog niet, laat staan een oudejaarsconference. De kerstboom was ook al het huis uit; die ruimde haar moeder altijd rond 27 december weer op. Het gaf een hoop troep en alle naalden moesten met stoffer en blik worden opgeveegd.

Oliebollen en chocolademelk

Oud en Nieuw vierde Aty als klein meisje altijd gewoon thuis. Zij zijn één keer met het hele gezin gaan vieren bij de buren maar haar moeder hield daar niet zo van. Moeder bakte zelf oliebollen. Die waren toen nog niet te koop in een oliebollenkraam. Een oliebollenkraam stond er alleen met de kermis in september. Ook kregen zij op oudejaarsavond warme chocolademelk. Daar keek Aty altijd erg naar uit omdat ze dat bijna nooit te drinken kregen.

Geen vuurwerk, wel buren en familie

Om twaalf uur ’s nachts was er geen vuurwerk dat werd afgestoken. Je ging wel allemaal de straat op. Op straat zag je namelijk al je buren en die wenste je dan een gelukkig nieuwjaar. De volgende dag, nieuwjaarsdag, ging Aty langs al haar familieleden. Als klein meisje had zij niet zoveel familie maar toen zij getrouwd was ging zij ook alle familie af van haar man, mijn opa. Zij ging dan eerst alle grootouders af en vervolgens meteen door naar de ooms en tantes. Van een nieuwjaarsduik zou iedereen in die tijd een rolberoerte hebben gekregen, het was allemaal wat stijver dan wij nu gewend zijn.

Kerkgang

Babs Rijvordt, geboren in 1958 en dochter van Aty Nijntjes, kan zich Oud en Nieuw herinneren vanaf haar zesde jaar. Haar vader of haar moeder ging dan eerst met haar oma naar de kerk. De oudejaarsdienst begon ’s avonds om zeven uur en was dan om acht uur afgelopen. Daarna speelden zij met zijn allen spelletjes zoals ‘mens erger je niet’, memory, domino of ‘pesten’ met kaarten. Anders dan in Aty’s jeugd bestond er nu wel televisie. Babs weet niet anders: voor haar geboorte had haar moeder een prijs gewonnen en daarvan hadden haar ouders een televisietoestel gekocht. In die tijd hadden veel mensen nog geen televisie en kwamen familie en buren meekijken bij bijzondere gebeurtenissen of voetbalwedstrijden. Op oudejaarsavond luisterde de vader van Babs naar de radio of keek hij naar de televisie voor de oudejaarsconference. In beide gevallen vond Babs er niks aan, zij en haar broertje moesten in beide gevallen stil zijn.

Schansspringen op de televisie

Toen Babs 9 jaar was, werd er wel vuurwerk afgestoken. Haar moeder vond dit echter hartstikke eng en Babs daarom ook. Zij bleef samen met haar moeder binnen terwijl haar vader naar de buren ging om hen de hand te schudden en een gelukkig nieuwjaar te wensen. Met nieuwjaarsdag moest Babs eerst tot laat uitslapen. Om één uur ’s middags begon op de televisie het schansspringen met ski’s in Garmisch-Partenkirchen. Haar vader keek hier de hele middag naar: eerst thuis en als ze dan het gezin van zijn oudste broer een gelukkig nieuwjaar gingen wensen, stond daar ook de tv aan met datzelfde schansspringen. Babs is blij dat ze daar nu nooit meer naar hoeft te kijken!

Auteur: Timna Rijvordt (Plug Out).

Publicatiedatum: 15/02/2012