De Ruïnekerk te Bergen

In 1094 wordt op deze plek in het hart van Bergen voor het eerst een kapel vermeld. Hier in de dorpskerk vond in 1422 het Mirakel van Bergen plaats, het Bloedwonder. Als gevolg van dit wonder ontstond er een bedevaart naar Bergen. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog werd de kerk door de geuzen in brand gestoken. Later is het gebouw gedeeltelijk hersteld maar het schip van de kerk is een ruïne gebleven.

Bedevaartsoord

In 1422 heeft zich in Bergen een wonder voorgedaan. Een ciborie (kelk) met gewijde hosties uit de kerk van Petten was door toedoen van de Sint-Elizabethsvloed van 1421 aangespoeld bij Zanegeest, een buurtschap ten oosten van Bergen. In het volgend jaar, omstreeks Pinksteren, was het zeewater, waarmee de hosties doorweekt waren geweest, veranderd in een stof met een kleur als van geronnen bloed.

De faam van het mirakel zorgde ervoor dat Bergen spoedig een bekend bedevaartsoord werd. Na de reformatie bleef de bedevaart tot in de 18e eeuw in stand via een stille devotie. In de 20e eeuw herleefde de verering op een voornamelijk lokaal niveau. De zondag voor Pinksteren werd een officiële omgang gehouden die via de huidige Russenweg, Kerkedijk en de Kapellaan voerde naar de plek waar de hosties waren gevonden en waar korte tijd na het wonder een kleine kapel was gebouwd.  (bron: Meertens Instituut / Frits David Zeiler)

De Ruïnekerk.

Oorlogsgeweld

De naam Ruïnekerk ontstond na 1573 toen de kerk door de geuzen werd verwoest. In 1799 werd rond de kerk hevig gevochten door Frans-Bataafse en Engels-Russische troepen. De kogelgaten in het metselwerk zijn de stille getuigen van deze strijd. Recent archeologisch onderzoek in de directe omgeving van de kerk liet een fraaie opbouw van grondlagen uit verschillende tijden zien. De oudste vondsten dateren uit de 13e eeuw. Onder andere werden tufstenen resten van een eerdere kerk aangetroffen.

Publicatiedatum: 28/05/2014