Oog van de meester

Al eeuwen inspireert het Noord-Hollandse landschap kunstenaars. Van de 17e-eeuwse landschappen van Van Ruysdael en Van Goyen, Monet in de Zaanstreek, de Bergense en Larense school tot hedendaagse schilders en kunstenaars. Ook werden op verschillende plekken in Noord-Holland internationaal bekende kunstenaarsdorpen opgericht.

Oog van de meester is één van de thema’s van het themajaar Ode aan het Landschap (2021).

Verhalen

Jan Willem Pieneman

Jan Willem Pieneman (1779-1853), ook wel beschouwd als grondlegger van de negentiende eeuwse schilderkunst, kreeg veel lof als schilder van portretten en vooral zijn historische voorstellingen deden het in zijn eigen tijd en ook nu nog goed.

>

Jozef Israëls (1824-1911)

Jozef Israëls was één van de toonaangevende Nederlandse schilders uit de Haagse school. De Joodse schilder kreeg internationale bekendheid met zijn ingetogen figuurstukken van boeren en visserslieden. De twee bekendste schilderijen van Israëls zijn de 'Joodse Bruiloft' en 'Kinderen der Zee'. Beide zijn te zien in het Rijksmuseum.

>

Negentiende-eeuwse kunst in een notedop

Niet alle vijf de 'kunstbroeders' van de familie Kruseman zijn even bekend geworden, maar het werk dat momenteel van ze te zien is in het Stedelijk Museum Alkmaar biedt een mooi overzicht van de schilderkunst in de negentiende eeuw.

>

Albertus Brondgeest (1786-1849)

Albertus Brondgeest (1786-1849) was een Nederlandse tekenaar, schilder, etser en kopiist die in zijn latere leven ook een succesvolle kunsthandelaar was. Hij verzamelde en bestudeerde veel kunst uit de zeventiende eeuw en haalde daar ook zijn inspiratie uit. De Amsterdamse kunstenaar kreeg veel waardering voor zijn tekeningen en schilderijen van vooral landschappen.

>

Philips Wouwerman (1619-1668)

De zeventiende-eeuwse schilder Philips Pouwelsz. Wouwerman (1619-1668) kan als de meest succesvolle schilder van de Gouden Eeuw worden beschouwd. De cavalerie trekt met veel dramatiek ten strijde, paarden komen na de jacht terug in de stal en worden door ruiters en knechten van hun tuig ontdaan, een koets wordt overvallen en een wit trekpaard wacht op zijn ruiter die in de berm een sanitaire stop houdt. De Haarlemse kunstenaar schilderde achter elkaar door, allerlei landschappen, slagvelden, jachtpartijen en andere voorstellingen waarin vooral paarden een grote rol kregen.

>

Paulus Potter

Paulus Potter werd op 20 november 1625 geboren in het Noord-Hollandse haringstadje Enkhuizen aan de Zuiderzee. Slechts 29 jaar oud en met een honderdtal werken in zijn oeuvre overleed de kunstschilder in Amsterdam. Het klinkt niet als de succesformule om het te schoppen tot één van de Hollandse Meesters van de Gouden Eeuw, maar toch wist Potter hierin te slagen.

>

William Merritt Chase

"Mijn God, ik ga liever naar Europa dan naar de hemel",  antwoordde kunstschilder William Merritt Chase in 1871 op de vraag van een groep zakenlieden of hij in Europa wilde gaan studeren met een beurs op hun kosten. Hij vertrok naar München en volgde daar onderwijs aan de Academie voor Schone Kunsten. Tijdens zijn reizen naar Europa moet de kunstschilder Nederland vaak hebben bezocht, omdat hij er meerdere werken heeft geschilderd.

>

Claude Monet en de Zaanstreek

"In deze gemeente is aangekomen en logeert in het hotel de Beurs van den Heer Kellij een vreemdeling, genaamd Claude Monet, oud 31 jaren, schilder. Hij is vergezeld van vrouw en kind, en heeft het plan hier eenigen tijd te vertoeven om zijne kunst uit te oefenen."Zo maakte de Zaanse politie in 1871 melding van de aankomst van Claude Monet in Zaandam. De vier maanden die de kunstschilder doorbracht in de Zaanstreek behoren tot een productieve periode in zijn leven.

>

George Hitchcock

In 1884 bezocht de beroemde Oostenrijkse keizerin Sissi de bollenstreek rond Egmond aan den Hoef. Niet om de velden vol tulpen en andere bloemen te aanschouwen, maar om een schilderij van dit typisch Hollandse beeld te kopen. De gelukkige kunstschilder van wie Sissi het schilderij kocht, was de Amerikaan George Hitchcock.

>

Kunstpaus H.P. Bremmer

Hendrik P. Bremmer (1871-1956) was ooit zelf als kunstenaar begonnen, maar ontwikkelde zich in de periode 1900 tot 1930 tot een ware 'kunstpaus': een man met een grote macht en aanzien in de wereld van kunst en cultuur.

>

Jo Koster

Het Gooi staat met name bekend om de kunstenaars die vanaf het derde kwartaal in grote groepen kwamen: de Haagse Scholers. Ook hebben er kunstenaars gewoond en gewerkt in het Gooi die tot de tweede generatie vernieuwers behoorden: Ferdinand Hart Nibbrig, Jan Sluijters, maar ook kunstenares Jo Koster zijn hier sprekende voorbeelden van.

>

Neo-impressionisten in het Gooi

Omstreeks 1890 raakten kunstenaars in Nederland geïnspireerd door nieuwe vormen van kunst. Van Gogh was een grote inspiratiebron, maar ook de Franse en Belgische neo-impressionisten en pointillisten, zoals bijvoorbeeld het werk van Seurat.  Ferdinand Hart Nibbrig, maar ook Jo Koster behoorden tot de eerste groep van Nederlandse neo-impressionisten - en zij werkten in Laren.

>

Adri en Gretha Pieck

Vanaf het laatste decennium van de negentiende eeuw tot en met de Eerste Wereldoorlog veranderde er veel in de maatschappij; deze periode kan dan ook met recht worden beschreven als een overgangstijd. Er werden bijvoorbeeld veel ontdekkingen gedaan (telefonie, elektriciteit, massaproductie) en de industrialisatie groeide snel. In de kunsten veranderde er in die periode ook veel. Er ontstonden destijds dan ook diverse nieuwe kunststromingen. Het werk van Vincent van Gogh heeft vanaf het begin van de twintigste eeuw tal van kunstenaars beïnvloed en hun oeuvre bepaald.  Bijvoorbeeld het werk van van de in Bussum wonende Adri en Gretha Pieck.

>

Suze Robertson

Ondanks dat de armoede een geliefd onderwerp was onder kunstenaars, waren zij niet altijd bijzonder betrokken bij de omstandigheden waarin de plaatselijke bevolking verkeerde. Schilderijen over de lagere sociale klassen waren omstreeks 1890 veelal lieflijk en romatisch. Lien Heyting schrijft hierover in haar boek De Wereld in een dop (1994) over de kunstenaars die eind negentiende eeuw naar Laren trokken het volgende: 'Hoe meer de dorpse eenheid tussen mens en natuur bedreigd werd, des te zoetelijker die door de schilders werd weergegeven. Nooit eerder hebben ze in de armoede  [...] zoveel lieflijks gezien als juist toen'.

>

Wally Moes

Jozef Israëls, Albert Neuhuys en Anton Mauve worden in een adem genoemd als we het hebben over de ontdekking van het Gooi door kunstenaars. Zij zijn volgens de literatuur verantwoordelijk geweest voor een algehele nationale en internationale bekendheid van deze streek en voor Laren in het bijzonder.  Er is echter nooit onderzocht waarom er in de laatste twee decennia van de negentiende eeuw een grote opmars ontstond van veelal Amsterdamse kunstenaressen die naar het Gooi trokken. Een van de bekendste vrouwelijke kunstenaars die zich aan het einde van de negentiende eeuw in Laren vestigde was Wally Moes (1856-1918). Zij behoorde tot de groep van tweede generatie kunstenaars die naar het Gooi trok.

>

De Romantiek van Frederik Marinus Kruseman

Hij was er nauwelijks opgevallen en in de boeken was er ook weinig over hem te vinden. Toch woonde en werkte de kunstenaar een groot deel van zijn leven in Brussel. Frederik Marinus Kruseman (1816-1882) was geen vernieuwer. In een tijd waarin de schilderkunst op z'n kop kwam te staan bleef hij schilderen in de lijn van de romantische traditie van de familie Koekkoek en deed hij niet mee aan allerlei Avant-Garde bewegingen. Daarmee is Kruseman een mooi voorbeeld van de 'gewone' 19e-eeuwse kunstenaar.

>

Het 19e eeuws stadsgezicht van Cornelis Springer

Hij werd ook wel de 'grootste schilder onder de architecten, en de grootste architect onder de schilders' genoemd. Hoewel zijn loopbaan begon en eindigde met een landschapsschildering was dit genre zeker niet zijn specialisme. Cornelis Springer (1817-1891) was een van de grootse schilders van stadsgezichten van de 19e eeuw. In een tijd van veranderende steden werd deze schilder beroemd vanwege zijn romantische weergave van de straten, de huizen en de mensen in de Hollandse steden. Springer reisde heel Nederland af om verschillende steden vast te leggen, toch schilderde hij één stad verdacht vaak: de Amsterdamse schilder was verzot op Enkhuizen.

>

De familie Koekkoek

De beroemdste telg uit deze familie is waarschijnlijk Barend Cornelis Koekkoek (1803-1862), die ook wel 'de prins der landschapsschilders' genoemd werd. Barend Cornelis genoot in het begin van de 19e eeuw door heel Europa een groot aanzien met zijn romantische landschapsschilderingen. Naast deze grote schilder kent de familie Koekkoek echter nog maar liefst vijftien andere getalenteerde schilders, verspreid over vier generaties.

>

Het Singer Museum te Laren

In Parijs had het echtpaar voor het eerst van Laren gehoord en toen 'moesten ze er wel heen'. Zoals zovele artistiekelingen begin twintigste eeuw was het echtpaar Singer na aankomst getroffen door de natuur en de sfeer in het onbedorven Laren en vestigden zij zich hier voor lange tijd. De steenrijke miljonairs bouwden hier een uitgebreide kunstcollectie op die Anna na de dood van haar man William in 1943 onderbracht in een stichting. In de jaren 50 groeide dit uit in het uitgebreide kunst- en cultuur centrum dat het Singer Laren dezer dagen is.

>

Anton Mauve

Hij was een van de belangrijkste schilders van de Haagse School, de stroming die de Nederlandse landschapsschilderkunst weer nieuw leven in blies. Hij was de enige leermeester van Van Gogh, het zoontje van een dominee, romantische schilder van Oosterbeek, het Scheveningse Strand en een beroemde kudde schapen. Dit allemaal is Anton Mauve (1838-1888).

>