Leven met het water

Water is van oudsher vriend en vijand. In een provincie onder zeeniveau kan men niet mét, maar ook zeker niet zónder water leven. Oude poldermolens, gemalen, dijken en sluizen vertellen het verhaal over de strijd tegen natte voeten. Droogmakerijen belichamen de overwinning van de mens op het woeste water. Maar de Stelling van Amsterdam en de Nieuwe Hollandse Waterlinie laten zien hoe Hollanders het water ook succesvol inzetten als middel tegen indringers. In Noord-Holland is nog veel te bewonderen uit het waterschapsverleden. Al dit erfgoed tezamen maakt het waterverhaal zichtbaar en tastbaar voor toekomstige generaties.

Leven met het water is één van de thema’s van het themajaar Ode aan het Landschap (2021).

Verhalen

Sluisjes in de Velserdijk

De Velserdijk is één van de oudste overgebleven dijktypes met sluisjes. Om die reden is de dijk een authentiek, waterstaatkundig zeldzaam geworden element in het landschap. Bovendien is de dijk, onderdeel van de IJdijken, van sociaalhistorisch en landbouwhistorisch belang vanwege de functie van bescherming van de weidegebieden.

>

Het Noordzeekanaal, een prestatie van formaat

Op 1 november 1876 kwam het gereed: het Noordzeekanaal. Bij de aanleg kwam heel wat kijken: het doorgraven van de duinen, de bouw van de sluizen, de aanleg van het kanaal, de drooglegging van het grootste deel van het IJ. Het zou nu nog een waterstaatkundige topprestatie zijn. Dat de Amsterdamse haven de kortst denkbare verbinding met zee kreeg, lijkt niet meer dan logisch. Maar ze kwam er niet zonder slag of stoot.

>

De bokaal van de Hondsbossche

De huidige waterschappen in Nederland zijn stuk voor stuk moderne organisaties. Maar dat betekent niet dat ze geen gevoel voor de historie en traditie hebben. Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier kent bijvoorbeeld nog steeds een schouwmaaltijd.

>

’s Winters droog of ’s winters blank

Eeuwenlang was het ’s winters een natte boel in de polders in de buurt van Schoorl, Bergen, Heiloo, Limmen en Heemskerk. De boeren zetten ’s winters vaak de molen van hun polder stil en lieten expres water naar binnen. Ze hadden daar goede redenen voor. Allereerst vormde het uit het water bezonken slib een goede bemesting voor het grasland. Daarnaast was de inundatie een probaat middel om ongedierte te verdelgen.

>

De keermuur op de Helderse zeedijk

Echt bang waren we niet geweest bij de februaristorm van 1953. Onze zeedijk zou het wel houden. Die lag daar al een paar honderd jaar. Er was lang geleden wel eens een kleine doorbraak geweest en ook, voor het laatst in 1916, was er soms water over de dijk geslagen, maar verder niet.

>

Van woonkeukens en een Zeedijk

Het woord ‘Ettersem’ is eigenlijk de enige duidelijke aanwijzing. Dat staat in een antiek zilveren voorwerp. Het bevindt zich in de collectie van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. Na het nodige speurwerk is de historie van dit eeuwenoude object bekend.

>

Zilveren polderschat kwart eeuw zoek

Hij is terug van weg geweest: de schitterende zilveren bodebus van de Schermer. Na de feesten bij het 350-jarig bestaan van de polder in 1983 verdween het kostbare stuk spoorloos. Pas een kwart later, in 2008, dook de bodebus weer op. Wat is een bodebus precies? Waar diende hij voor? Wie heeft dit poldericoon gemaakt? En hoe kon hij zoekraken?

>

Tsunami aan de Hondsbossche zeewering?

“Dat was in 1925 meen ik”, zegt Jan Bellis, terwijl hij met zijn hand over zijn kind strijkt. Zo diept hij de herinneringen op. “Was het in augustus? Jan, weet jij er niet van?” Jan Snip trekt vragend zijn borstelige wenkbrauwen op. “De vloedgolf!”, herhaalt Bellis met luide stem.

>

Zeewater verandert in Heilig Bloed

Met Pinksteren 1422 openbaarde zich het Heilig Bloed in Bergen. Dit wordt nog steeds regelmatig in het dorp herdacht met een stille omgang. Het mirakel van Bergen hangt nauw samen met de Sint-Elizabethsvloed van 18 op 19 november 1421. Tijdens deze gigantische ramp werd de Biesbosch gevormd. Maar ook in Noord-Holland hield de Sint-Elizabethsvloed geweldig huis.

>

Watersnood in Waterland 1825

Op donderdag 4 februari 1825 sloeg de Zuiderzee vernietigend toe. Tijdens een zware storm braken overal de dijken. Ook Waterland, de Zaanstreek en de Zeevang verdwenen onder water. Gelukkig bleef het aantal slachtoffers in Waterland tot zeven personen beperkt. Dat kwam doordat er direct een reddingsactie op gang kwam. Kapitein Pakes speelde daarin een hoofdrol.

>

De dijkgraaf en het zilveren bord

In 1939 nam dijkgraaf Cornelis Wijdenes Spaans afscheid. Negentien jaar lang had hij aan het hoofd gestaan van het Hoogheemraadschap Noordhollands Noorderkwartier. De laatste woorden van de vertrekkende dijkgraaf waren: ‘Bewaart uwe dijken wel!’. Ze zijn klassiek geworden. Wie was Wijdenes Spaans? En hoe zit het precies met zijn zilveren bord?

>

Wateralarm met blauwe vlaggen

Iedere eerste maandag van de maand loeien om twaalf uur de sirenes van de rampenbestrijding. Maar Noord-Holland had al in 1795 een waarschuwingsstelsel. Het bestond uit in molenwieken gehesen blauwe vlaggen. Doel was het voorkomen van overstromingen. Waarom was dat systeem nodig? En hoe werkte het precies?

>

De paalwormfurie van 1730

In de herfst van 1730 arriveerden de eerste alarmberichten over de paalworm. Die had overal het houtwerk van de dijken langs de Zuiderzee aangetast. Zeker in West-Friesland leek een overstroming onafwendbaar. En in het buitenland verschenen pamfletten waarin op de ondergang van Amsterdam werd gezinspeeld.

>

Zilveren stoomgemaal Venhuizen

Ongelofelijk gedetailleerd, dat is deze zilveren voorstelling van het poldergemaal bij Venhuizen. Het geheel is allang niet meer als nieuw, maar straalt nog steeds grote klasse uit. De plaquette dateert uit 1936 en toont het oude stoomgemaal bij Venhuizen langs de Zuiderdijk van Drechterland, met links de woning van de machinist en rechts de kolenschuur. Er zit een schitterend verhaal aan vast van het afscheid van een dijkgraaf.

>

De Hoornse Hop en Scharwoude

In onze tijd denken we bij watersnood al snel aan de Zeeuwse eilanden en de vernietigende kracht van de Noordzee. De Noordzee is natuurlijk gevaarlijk en we moeten onze dijken zo stevig en hoog houden dat we vanuit het Westen niets te duchten hebben. Maar wist je dat de afsluiting van de Zuiderzee alleen maar was ingegeven door de belabberde kwaliteit van de dijken eromheen?

>

Goede dijkenbouwers zijn nog geen bruggenbouwers

Er staat een handjevol mensen op de IJsselmeerdijk. Ze luisteren aandachtig naar een toespraak. Onder hen is de tienjarige Frank Vlaar, maar hoe langer de toespraak duurt hoe meer afgeleid hij raakt. Hij had helemaal geen zin om op die koude winderige dijk te staan, maar hij moest van zijn vader. Deze staat geïnteresseerd te luisteren en merkt niet dat de gure novemberwind af en toe de vlag die over het monument gedrapeerd is op laat bollen. Frank maakt er een spelletje van om elke keer dat de vlag omhoog geblazen wordt, een glimp van het monument op te vangen. Zo hoeft hij tenminste niet naar die saaie man in dat zwarte pak te luisteren.

>

De Spaarndammer sluizen

De Spaarndammer sluizen vormen een dankbaar object voor luchtfotografie. Luchtfoto's tonen ons een bebouwde dijk met daarin sluizen liggend in het midden van een grote waterplas. In één oogopslag is duidelijk dat we met een belangrijk waterstaatkundig object te maken hebben. En dat is ook zo. Spaarndam is een van de vier plaatsen waar het wateroverschot van het grote Hoogheemraadschap Rijnland geloosd wordt op het buitenwater om zijn weg naar zee te kunnen vinden. De andere drie plaatsen zijn Gouda, Halfweg en Katwijk. Tegenwoordig pompt een modern gemaal het meeste water naar het Noordzeekanaal, vroeger stroomde het bij eb via spuisluizen in het IJ. Maar ook de schutsluis dateert al uit de dertiende eeuw.

>

Niet zonder slag of stoot: het Noordzee-kanaal

Bij de aanleg van het Noordzeekanaal kwam heel wat kijken: het doorgraven van de duinen, de bouw van de sluizen, de aanleg van het kanaal, de drooglegging van het grootste deel van het IJ en alle daarbij komende werken. Het zou nu nog een waterstaatkundige prestatie van de eerste orde zijn.

>